rijk/wet/wet-op-het-consumentenkrediet/BWBR0004815/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

8 KiB

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Wet op het consumentenkrediet BWBR0004815 wet geldend 1990-11-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0004815 Wet op het consumentenkrediet

Wet op het consumentenkrediet

Hoofdstuk I. Algemene bepalingen

Afdeling 1. Definities

Artikel 1

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. a.

    *krediettransactie:* iedere overeenkomst en ieder samenstel van overeenkomsten met de strekking dat: 
  
    
      1°.
      door of vanwege de eerste partij (de kredietgever) aan de tweede partij (de kredietnemer) een geldsom ter beschikking wordt gesteld en de tweede partij aan de eerste partij een of meer betalingen doet, 
    
    
      2°.
      door of vanwege de eerste partij (de kredietgever) aan de tweede partij (de kredietnemer) het genot van een roerende zaak wordt verschaft of een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen dienst wordt verleend en de tweede partij aan de eerste partij een of meer betalingen doet, of 
    
    
      3°.
      door of vanwege de eerste partij (de kredietgever) aan de tweede partij (de kredietnemer), dan wel ten behoeve van deze aan een derde partij (de leverancier) een geldsom ter beschikking wordt gesteld ter zake van het verschaffen van het genot van een roerende zaak of het verlenen van een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen dienst aan de tweede partij, en de tweede partij aan de eerste partij of aan de derde partij een of meer betalingen doet;

1°. 1°. door of vanwege de eerste partij (de kredietgever) aan de tweede partij (de kredietnemer) een geldsom ter beschikking wordt gesteld en de tweede partij aan de eerste partij een of meer betalingen doet, 2°. 2°. door of vanwege de eerste partij (de kredietgever) aan de tweede partij (de kredietnemer) het genot van een roerende zaak wordt verschaft of een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen dienst wordt verleend en de tweede partij aan de eerste partij een of meer betalingen doet, of 3°. 3°. door of vanwege de eerste partij (de kredietgever) aan de tweede partij (de kredietnemer), dan wel ten behoeve van deze aan een derde partij (de leverancier) een geldsom ter beschikking wordt gesteld ter zake van het verschaffen van het genot van een roerende zaak of het verlenen van een bij algemene maatregel van bestuur aangewezen dienst aan de tweede partij, en de tweede partij aan de eerste partij of aan de derde partij een of meer betalingen doet; b. b.

    vervallen;

c. c.

    vervallen;

d. d.

    vervallen;

e. e.

    vervallen;

f. f.

    vervallen;

g. g.

    vervallen;

h. h.

    vervallen;

i. i.

    vervallen;

j. j.

    vervallen;

k. k.

    vervallen;

l. l.

    vervallen;

m. m.

    vervallen;

n. n.

    *gemeentelijke kredietbank:* een instelling voor kredietverlening, opgericht door een of meer gemeenten.

Afdeling 2. Beperking van de reikwijdte van de wet

Artikel 2

Vervallen

Artikel 3

Vervallen

Artikel 4

Vervallen

Afdeling 3. Gemeentelijke kredietbanken

Artikel 5

Vervallen

Artikel 6

Vervallen

Artikel 7

Vervallen

Artikel 8

Vervallen

Hoofdstuk II. De kredietgever

Afdeling 1. De vergunning

Artikel 9

Vervallen

Artikel 10

Vervallen

Artikel 11

Vervallen

Artikel 12

Vervallen

Artikel 13

Vervallen

Artikel 14

Vervallen

Artikel 14a

Vervallen

Artikel 14b

Vervallen

Artikel 14c

Vervallen

Artikel 15

Vervallen

Artikel 16

Vervallen

Artikel 17

Vervallen

Artikel 18

Vervallen

Artikel 19

Vervallen

Afdeling 2. Het register

Artikel 20

Vervallen

Artikel 21

Vervallen

Artikel 22

Vervallen

Afdeling 3. Overige bepalingen

Artikel 23

Vervallen

Artikel 24

Vervallen

Artikel 25

Vervallen

Hoofdstuk III. Werving, bemiddeling en behandeling van kredietaanvragen

Artikel 26

Vervallen

Artikel 27

Vervallen

Artikel 28

Vervallen

Artikel 29

Vervallen

Hoofdstuk IV. De krediettransactie

Afdeling 1. Het aangaan van een krediettransactie

Artikel 30

Vervallen

Artikel 31

Vervallen

Artikel 32

Vervallen

Afdeling 2. Nietigheden

Artikel 33

Vervallen

Afdeling 3. Kredietvergoeding en betalingen

Artikel 34

Vervallen

Artikel 35

Vervallen

Artikel 36

Vervallen

Artikel 37

Vervallen

Artikel 38

Vervallen

Artikel 39

Vervallen

Afdeling 4. Pandrecht en eigendomsvoorbehoud

Artikel 40

Vervallen

Artikel 41

Vervallen

Artikel 42

Vervallen

Artikel 43

Vervallen

Afdeling 5. Overige bepalingen

Artikel 44

Vervallen

Artikel 45

Vervallen

Artikel 46

Vervallen

Hoofdstuk V. Schuldbemiddeling

Artikel 47

1. Schuldbemiddeling is verboden.

2. Onder schuldbemiddeling wordt verstaan het in de uitoefening van een bedrijf of beroep, anders dan door het aangaan van een krediettransactie, verrichten van diensten, gericht op de totstandkoming van een regeling met betrekking tot de bestaande schuldenlast van een natuurlijke persoon, geheel of gedeeltelijk voortvloeiend uit een of meer krediettransacties.

Artikel 48

1.

Het in artikel 47, eerste lid, bedoelde verbod is niet van toepassing op schuldbemiddeling:

a. a. om niet; b. b. door gemeenten, gemeentelijke kredietbanken of instellingen, die zich in opdracht en voor rekening van gemeenten met schuldbemiddeling bezighouden; c. c. door advocaten, curatoren en bewindvoerders ingevolge de Faillissementswet of ingevolge artikel 383, zevende lid, dan wel artikel 435, zevende lid, van Boek 1 van het Burgerlijk Wetboek, notarissen, deurwaarders, registeraccountants en accountants-administratieconsulenten; d. d. door natuurlijke personen of rechtspersonen, dan wel categorieën daarvan, aan te wijzen bij algemene maatregel van bestuur.

2. Bij algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat voor het verrichten van schuldbemiddeling als bedoeld in het eerste lid een certificaat is vereist en dat de vergoeding voor schuldbemiddeling voor ingevolge het eerste lid, onder d, aangewezen personen of categorieën van personen niet meer mag bedragen dan een daarbij te bepalen percentage van het bedrag van de schulden, voor zover daaromtrent een regeling is tot stand gekomen, dat de vergoeding niet meer mag bedragen dan de kosten van de bemiddeling, alsmede dat geen vergoeding mag worden bedongen, in rekening gebracht of aanvaard indien geen regeling is tot stand gekomen. Deze regels kunnen verschillen naar gelang van de aangewezen personen of categorieën van personen, waarop zij betrekking hebben.

3. Nietig is een overeenkomst, voor zover daarbij wordt afgeweken van het bij of krachtens het tweede lid bepaalde.

Artikel 48a

Met het toezicht op de naleving van het bij of krachtens dit hoofdstuk bepaalde zijn belast de bij ministeriële regeling aangewezen personen.

Hoofdstuk VI. Beroep

Artikel 49

Vervallen

Hoofdstuk VII

Artikel 50

Vervallen

Artikel 51

Vervallen

Artikel 52

Vervallen

Artikel 53

Vervallen

Artikel 54

Vervallen

Artikel 55

Vervallen

Artikel 56

Vervallen

Hoofdstuk VIII. Toezicht op de naleving

Artikel 57

Vervallen

Artikel 58

Vervallen

Artikel 59

Vervallen

Artikel 60

Vervallen

Artikel 61

Vervallen

Artikel 62

Vervallen

Artikel 63

Vervallen

Hoofdstuk IX. Uitvoering van de wet

Artikel 64

Vervallen

Artikel 65

Vervallen

Artikel 66

Vervallen

Artikel 67

Vervallen

Artikel 68

Vervallen

Hoofdstuk X. Straf-, overgangs- en slotbepalingen

Artikel 69

Vervallen

Artikel 70

Vervallen

Artikel 71

Vervallen

Artikel 72

Vervallen

Artikel 73

Vervallen

Artikel 74

Vervallen

Artikel 75

Vervallen

Artikel 76

Vervallen

Artikel 77

Vervallen

Artikel 78

Vervallen