rijk/wet/wijzigingswet-wet-gemeenschappelijke-regelingen-enz-dualisering-gemeente-en-prov/BWBR0035457/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

3 KiB

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Wijzigingswet Wet gemeenschappelijke regelingen, enz. (dualisering gemeente- en provinciebestuur, enz.) BWBR0035457 wet geldend 2015-01-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0035457 Wijzigingswet Wet gemeenschappelijke regelingen, enz. (dualisering gemeente- en provinciebestuur, enz.)

Wijzigingswet Wet gemeenschappelijke regelingen, enz. (dualisering gemeente- en provinciebestuur, enz.)

Artikel I

Wijzigt de Wet gemeenschappelijke regelingen.

Artikel II

Wijzigt de Gemeentewet.

Artikel III

Wijzigt de Provinciewet.

Artikel IIIa

Wijzigt de Waterschapswet.

Artikel IV

Wijzigt de Wet kenbaarheid publiekrechtelijke beperkingen onroerende zaken.

Artikel V

Wijzigt de Wet Nationale ombudsman.

Artikel VI

Wijzigt de Wet Naleving Europese regelgeving publieke entiteiten.

Artikel VII

Wijzigt de Algemene wet bestuursrecht.

Artikel VIIa

Wijzigt de Wet waardering onroerende zaken.

Artikel VIII

Op een regeling die op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel F, van deze wet bepaalt dat het bestuur van het openbaar lichaam onderscheidenlijk het gemeenschappelijk orgaan kan besluiten tot uitbreiding van de overgedragen bevoegdheden, blijft artikel 10, tweede lid, tweede volzin, zoals dat luidde voor inwerkingtreding van artikel I, onderdeel F, tot uiterlijk een jaar na inwerkingtreding van toepassing.

Artikel IX

Op een algemeen bestuur dat op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel I, van deze wet niet voldoet aan artikel 13, eerste lid, eerste en tweede volzin, zoals dat luidt na inwerkingtreding van artikel I, onder I, blijft artikel 13, eerste lid, eerste volzin, zoals dat luidde voor inwerkingtreding van artikel I, onderdel I, tot uiterlijk een jaar na inwerkingtreding van toepassing.

Artikel X

Een algemeen bestuur van een openbaar lichaam, ingesteld bij een regeling die uitsluitend is getroffen door colleges van burgemeester en wethouders en burgemeesters gezamenlijk, dat op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel I, van deze wet niet bestaat uit leden die per deelnemende gemeente door het college uit zijn midden worden aangewezen en de burgemeesters van de deelnemende gemeenten, dient uiterlijk per 1 januari van het jaar na de datum van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel I, van deze wet met artikel 13, tiende lid, in overeenstemming te zijn gebracht.

Artikel XI

Op een dagelijks bestuur dat op het tijdstip van inwerkingtreding van artikel I, onderdeel J, van deze wet bestaat uit leden die de meerderheid van het algemeen bestuur vormen, blijft artikel 14, eerste lid, zoals dat luidde voor inwerkingtreding van artikel I, onderdeel J, tot uiterlijk een jaar na inwerkingtreding van toepassing.

Artikel XII

Deze wet treedt in werking op een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip, dat voor de verschillende artikelen of onderdelen daarvan verschillend kan worden vastgesteld.