rijk/zbo/beleidsregel-evenredigheidstoets-en-sanctionering-bij-verlies-betrouwbaarheid-in/BWBR0049165/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

13 KiB
Raw Permalink Blame History

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Beleidsregel evenredigheidstoets en sanctionering bij verlies betrouwbaarheid in het goederenvervoer over de weg BWBR0049165 zbo geldend 2024-01-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0049165 Beleidsregel evenredigheidstoets en sanctionering bij verlies betrouwbaarheid in het goederenvervoer over de weg

Beleidsregel evenredigheidstoets en sanctionering bij verlies betrouwbaarheid in het goederenvervoer over de weg

Hoofdstuk 1. Definities en inleidende bepalingen

Artikel 1

In deze beleidsregel wordt verstaan onder:

a. a.

    *meest ernstige overtredingen:* meest ernstige inbreuken van de communautaire wetgeving als bedoeld in bijlage I van Verordening (EU) 2016/403;

b. b.

    *heel ernstige overtredingen:* heel ernstige inbreuken van de communautaire wetgeving als bedoeld in bijlage I van Verordening (EU) 2016/403;

c. c.

    *ernstige overtredingen:* ernstige inbreuken van de communautaire wetgeving als bedoeld in bijlage I van Verordening (EU) 2016/403;

d. d.

    *strafpunten:* punten die aan de vervoerder of vervoersmanager worden toegerekend als gevolg van het plegen van een meest ernstige, heel ernstige of ernstige overtreding als bedoeld in dit artikel onder a, b en c.

e. e.

    *besluit:* het besluit van de NIWO tot schorsing of intrekking van de communautaire vergunning of ongeschiktverklaring van de vervoersmanager;

f. f.

    *ILT:* Inspectie Leefomgeving en Transport;

g. g.

    *adviesrapport:* het adviesrapport van de Minister van Infrastructuur en Waterstaat, opgesteld door de ILT, inhoudende zijn conclusie ten aanzien van de betrouwbaarheid van de vervoerder of de vervoersmanager.

h. h.

    *evenredigheidstoets:* de toets die de NIWO op basis van het adviesrapport van de ILT uitvoert ten aanzien van de evenredigheid van een besluit en waarbij wordt onderzocht of zich feiten en omstandigheden voordoen die tot het oordeel kunnen leiden dat het verlies van betrouwbaarheid van de vervoerder of vervoersmanager een onevenredig strenge sanctie is;

i. i.

    *recidivist:* een vervoerder waarvan eerder op basis van deze beleidsregel de communautaire vergunning is geschorst of ingetrokken of een vervoersmanager die eerder op basis van deze beleidsregel ongeschikt is verklaard.

Artikel 2

1.

Deze beleidsregel heeft betrekking op:

a. a. het aantal strafpunten dat wordt gegeven per overtreding zoals bedoeld in artikel 1 onder a, b en c; b. b. de overschrijding van de grenswaarde van het aantal strafpunten waarbij het verlies van betrouwbaarheid wordt overwogen; c. c. de uitvoering van de evenredigheidstoets; d. d. het verlies van betrouwbaarheid waardoor de communautaire vergunning van de vervoerder kan worden geschorst of ingetrokken en de vervoersmanager ongeschikt kan worden verklaard; e. e. de rehabilitatiemaatregelen.

Hoofdstuk 2. Strafpunten

Artikel 3

1. Een veroordeling of sanctie komt voor strafpunten in aanmerking indien deze niet ouder is dan twee jaar vanaf de datum dat de desbetreffende veroordeling of sanctie onherroepelijk is geworden.

2. Het aantal toe te rekenen strafpunten per overtreding is vastgesteld in de bijlage bij deze beleidsregel.

Artikel 4

1. Strafpunten worden aan de vervoerder en de vervoersmanager toegerekend, tenzij in het betrouwbaarheidsonderzoek van de ILT kan worden aangetoond dat de vervoerder of de vervoersmanager niet verwijtbaar is.

2. De door de ILT aan een vervoerder of vervoersmanager toegerekende strafpunten worden bij elkaar opgeteld.

3.

De grenswaarde van het aantal strafpunten is gerelateerd aan de omvang van de bedrijfsactiviteiten op basis van het aantal gewaarmerkte afschriften waar de vervoerder of vervoersmanager over beschikt en is als volgt:

Aantal gewaarmerkte afschriften Grenswaarde aantal strafpunten
1 18
210 27
1120 36
2150 45
51100 54
101500 54 + 0,40 × (aantal gewaarmerkte afschriften  100)
501 en meer 230 + 0,20 × (aantal gewaarmerkte afschriften  500)

4. Indien een vervoersmanager de verantwoordelijkheid draagt voor het wagenpark van meerdere vervoerders, dan is de cumulatie van de verschillende wagenparken bepalend voor de voor de vervoersmanager geldende grenswaarde.

5. Overschrijding van de grenswaarde van het aantal strafpunten kan leiden tot het verlies van betrouwbaarheid.

6. Strafpunten vervallen twee jaar nadat ze zijn toegerekend.

Hoofdstuk 3. Preventie en verwijtbaarheid

Artikel 5

De ILT zendt de vervoerder en de vervoersmanager een schriftelijke kennisgeving bij elke eerste registratie van strafpunten en nadat ten minste 50% van de grenswaarde van het aantal strafpunten is overschreden.

Artikel 6

1. Bij het overschrijden van de grenswaarde van het aantal strafpunten stelt de ILT een adviesrapport op ten aanzien van de vervoerder of de vervoersmanager.

2. Verlies van betrouwbaarheid is in beginsel geen onevenredig strenge sanctie indien de vervoerder of de vervoersmanager de grenswaarde van het aantal toegerekende strafpunten heeft overschreden.

Artikel 7

1.

De ILT concludeert in haar adviesrapport dat het verlies van betrouwbaarheid van de vervoerder een onevenredig strenge sanctie is indien:

a. a. de handelingen van een derde die ten grondslag liggen aan de overtredingen van wezenlijke invloed zijn geweest; b. b. sprake is van een niet toerekenbaar gebrek aan kennis over de feiten en omstandigheden die hebben geleid tot het begaan van de overtredingen terwijl kennis daarvan de overtredingen zou hebben voorkomen, of c. c. sprake is van een door de vervoerder aan te tonen andere situatie van overmacht waardoor één of meer overtredingen niet aan hem zijn te wijten.

2.

De ILT concludeert in haar adviesrapport dat het verlies van betrouwbaarheid van de vervoerder een onevenredig strenge sanctie is indien de vervoerder kan aantonen dat hij het begaan van bedoelde overtredingen duurzaam heeft beperkt door:

a. a. het geven van de nodige en kenbare instructies aan de chauffeurs; b. b. het treffen van structurele maatregelen in de bedrijfsvoering gericht op het bevorderen van de naleving van de regelgeving die ten grondslag lag aan de strafpunten; c. c. het aan de chauffeur verstrekken van de nodige middelen voor de naleving van de onder b bedoelde regelgeving; en d. d. het houden van in redelijkheid te vorderen toezicht ter zake van de onderdelen a tot en met c.

3. De ILT concludeert in haar adviesrapport dat het verlies van betrouwbaarheid van de vervoerder een onevenredig strenge sanctie is indien de vervoersmanager door zijn solistische wijze van optreden en handelen, dat indruist tegen het bestendig bedrijfsbeleid, als enige verantwoordelijk kan worden gehouden voor het begaan of doen begaan van een of meer overtredingen.

4. De ILT concludeert in haar adviesrapport dat het verlies van betrouwbaarheid van de vervoerder geen onevenredig strenge sanctie is indien hij door zijn solistische wijze van optreden en handelen, dat indruist tegen het bestendig bedrijfsbeleid, als enige verantwoordelijk kan worden gehouden voor het begaan of doen begaan van de overtredingen.

Artikel 8

1.

De ILT concludeert in haar adviesrapport dat het verlies van betrouwbaarheid van de vervoersmanager een onevenredig strenge sanctie is indien de vervoersmanager kan aantonen dat:

a. a. hij op gezag van de vervoerder of een derde onder druk werd gezet aanwijzingen of instructies te geven, of na te laten, die hebben geleid tot het begaan van de overtredingen; of b. b. hij naar aanleiding van de eerder onherroepelijk geworden overtredingen structurele maatregelen heeft genomen om de naleving van de regelgeving te bevorderen; of c. c. de vervoerder door zijn solistische wijze van optreden en handelen, dat indruist tegen het bestendig bedrijfsbeleid, als enige verantwoordelijk kan worden gehouden voor het begaan of doen begaan van een of meer overtredingen.

2. De ILT concludeert in haar adviesrapport dat het verlies van betrouwbaarheid van de vervoersmanager geen onevenredig strenge sanctie is indien hij door zijn solistische wijze van optreden en handelen, dat indruist tegen het bestendig bedrijfsbeleid, als enige verantwoordelijk kan worden gehouden voor het begaan of doen begaan van de overtredingen.

Artikel 9

1. De NIWO wordt in kennis gesteld van het adviesrapport door een afschrift hiervan te ontvangen van de ILT.

2. De NIWO vergewist zich ervan dat het onderzoek van de ILT op zorgvuldige wijze heeft plaatsgevonden.

3. De NIWO zal in beginsel een besluit nemen conform de conclusie van het adviesrapport, tenzij nieuwe feiten en omstandigheden blijken die nopen tot een ander oordeel.

4. Bij wijze van een schriftelijk voornemen wordt aan de vervoerder of vervoersmanager kenbaar gemaakt dat de NIWO voornemens is een besluit te nemen en dat binnen zes weken een zienswijze naar voren kan worden gebracht.

5. Indien de NIWO naar aanleiding van nieuwe feiten en omstandigheden voornemens is af te wijken van de conclusie in het adviesrapport, brengt zij de ILT daarvan op de hoogte alvorens het nemen van een besluit.

6. Indien door de vervoerder of vervoersmanager geen feiten of omstandigheden naar voren zijn gebracht, zal de NIWO een besluit nemen conform de conclusie van het adviesrapport van de ILT.

Artikel 10

De NIWO beoordeelt of een voorgenomen besluit evenredig is.

Hoofdstuk 4. Verlies van betrouwbaarheid en rehabilitatie

Artikel 11

1. Bij het verlies van betrouwbaarheid kan de NIWO de communautaire vergunning van de vervoerder schorsen of intrekken.

2. De NIWO schorst de communautaire vergunning voor ten hoogste zes maanden.

3. De NIWO trekt de communautaire vergunning in indien niet kan worden volstaan met een schorsing van de communautaire vergunning.

4. De NIWO trekt de communautaire vergunning in ieder geval in wanneer de vervoerder als recidivist kan worden aangemerkt.

5. Indien de vervoerder niet binnen één week na de inwerkingtreding van het besluit tot intrekking van de communautaire vergunning die vergunning en de daarbij behorende gewaarmerkte afschriften inlevert, kan de NIWO een last onder dwangsom opleggen op grond van artikel 5.2 van de Wet wegvervoer goederen en de Beleidsregel last onder dwangsom van de NIWO.

Artikel 11a

De schorsing of intrekking van de communautaire vergunning werkt door naar de bestuurder die in het Handelsregister van de Kamer van Koophandel staat geregistreerd.

Artikel 12

1. De vervoerder waarvan de communautaire vergunning wegens het niet voldoen aan de betrouwbaarheidseis is geschorst, is na het verstrijken van de termijn van die schorsing, gerehabiliteerd.

2. De vervoerder waarvan de communautaire vergunning vanwege het niet voldoen aan de betrouwbaarheidseis is ingetrokken, is na afloop van een termijn van twee jaar gerehabiliteerd.

3. De vervoerder die niet is gerehabiliteerd als bedoeld in het eerste en tweede lid van dit artikel voldoet niet aan de eis van betrouwbaarheid.

4. Na de schorsing of intrekking van de communautaire vergunning worden van de vervoerder de strafpunten gewist die het schorsings- of intrekkingsbesluit ten gevolge hebben gehad.

Artikel 13

1. Bij het verlies van betrouwbaarheid kan de NIWO de vervoersmanager voor de duur van twee jaar ongeschikt verklaren.

2. De vervoersmanager die ongeschikt is verklaard, is niet eerder gerehabiliteerd dan na de in het eerste lid genoemde termijn en nadat opnieuw de examens voor vakbekwaamheid met succes zijn afgelegd.

3. De vervoersmanager die niet is gerehabiliteerd als bedoeld in het tweede lid van dit artikel voldoet niet aan de eis van betrouwbaarheid.

4. Het vakdiploma van de ongeschikt verklaarde vervoersmanager is niet geldig in de lidstaten van de Europese Unie, zolang de vervoersmanager niet conform het hiervoor genoemde lid is gerehabiliteerd.

5. Na het ongeschikt verklaren van de vervoersmanager worden de strafpunten gewist die het besluit tot ongeschikt verklaring ten gevolge hebben gehad.

6. Indien de vervoersmanager ongeschikt is verklaard, wordt de vervoerder waar de vervoersmanager werkzaam was een hersteltermijn van maximaal zes maanden geboden om aan de eis van vakbekwaamheid te voldoen, alvorens de communautaire vergunning wordt ingetrokken.

Hoofdstuk 5. Bezwaar

Artikel 14

1. Tegen een besluit van de NIWO kan binnen zes weken schriftelijk bezwaar worden ingediend.

2. Het bezwaar kan langs elektronische weg worden ingediend, mits dit via het daartoe ingerichte ondernemersloket geschiedt.

3. Het bezwaar schorst niet de werking van het besluit waartegen het bezwaar is gericht.

Hoofdstuk 6. Overige bepalingen

Artikel 15

De beleidsregel van 26 februari 2021 (Stcrt. 26 februari 2021, nr. 10050) wordt ingetrokken.

Artikel 16

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 1 januari 2024.

Artikel 17

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel evenredigheidstoets en sanctionering bij verlies betrouwbaarheid in het goederenvervoer over de weg.

Bijlage