rijk/zbo/besluit-vaststelling-formulieren-mededingingswet-2002/BWBR0033019/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

25 KiB
Raw Permalink Blame History

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Besluit vaststelling formulieren Mededingingswet 2002 BWBR0033019 zbo geldend 2002-06-28 https://wetten.overheid.nl/BWBR0033019 Besluit vaststelling formulieren Mededingingswet 2002

Besluit vaststelling formulieren Mededingingswet 2002

Artikel 1

De aanvraag van een ontheffing, als bedoeld in artikel 17 van de Mededingingswet, geschiedt door de indiening in drievoud bij de Nederlandse Mededingingsautoriteit van de volledige en naar waarheid gegeven antwoorden op de vragen, welke zijn opgenomen in het formulier, waarvan het model met de bijbehorende toelichting als bijlage 1 bij dit besluit is gevoegd.

Artikel 2

De melding van een concentratie als bedoeld in artikel 35 van de Mededingingswet, geschiedt door de indiening in viervoud bij de Nederlandse Mededingingsautoriteit van de volledige en naar waarheid gegeven antwoorden op de vragen, welke zijn opgenomen in het formulier, waarvan het model met de bijbehorende toelichting, als bijlage 2 bij dit besluit is gevoegd.

Artikel 3

De aanvraag van een vergunning voor een concentratie, als bedoeld in artikel 42 van de Mededingingswet, geschiedt door de indiening in vijfvoud bij de Nederlandse Mededingingsautoriteit van de volledige en naar waarheid gegeven antwoorden op de vragen, welke zijn opgenomen in het formulier waarvan het model als bijlage 3 bij dit besluit is gevoegd. De toelichting bij het formulier als bedoeld in artikel 2 heeft tevens betrekking op het in dit artikel bedoelde formulier.

Artikel 4

Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dagtekening van de Staatscourant, waarin het wordt geplaatst.

Artikel 5

Het Besluit vaststelling formulieren Mededingingswet van 19 december 2000 (Stcrt. 249) vervalt.

Artikel 6

Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit vaststelling formulieren Mededingingswet 2002.

Bijlage 1

De mededingingsregels hebben ten doel om beperking van de mededinging op de Nederlandse markt of een deel daarvan te voorkomen. Zij zijn van toepassing op alle ondernemingen en ondernemersverenigingen die actief zijn op de Nederlandse markt, ongeacht waar zij zijn gevestigd. Artikel 6 lid 1 Mededingingswet verbiedt overeenkomsten, besluiten of onderling afgestemde feitelijke gedragingen die de mededinging op de Nederlandse markt of een deel daarvan beperken (hierna ook: kartels). Niet elke afspraak die de concurrentie beperkt valt echter onder het kartelverbod. Sommige afspraken zijn vrijgesteld in de Mededingingswet (zie hiervoor het overzicht op de paginas 2 en 3). Op grond van artikel 17 Mededingingswet kan bovendien ontheffing van het kartelverbod worden gevraagd voor gedragingen die een gunstige werking op de relevante markt hebben, mits aan alle in artikel 17 Mededingingswet gestelde voorwaarden wordt voldaan.

Een mededingingsafspraak komt voor ontheffing in aanmerking als wordt voldaan aan elk van de vier volgende voorwaarden:

Een ontheffing geldt altijd voor een daarbij bepaalde tijd en kan met terugwerkende kracht tot aan het moment van de aanvraag worden gegeven. Ook kunnen voorschriften aan een ontheffing worden verbonden.

Een aanvraag voor ontheffing van artikel 6 lid 1 Mededingingswet wordt ingediend door het beantwoorden van de vragen uit dit formulier. De aanvraag moet volledige en juiste informatie bevatten over de te maken mededingingsafspraak en moet een grondige argumentatie bevatten waarom de mededingingsafspraak voldoet aan de criteria voor ontheffing. De aanvraag wordt ingediend bij de Nederlandse Mededingingsautoriteit. Om te bepalen of de activiteiten van uw onderneming vallen onder het kartelverbod, kunt u onderstaand schema volgen:

Heeft de onderneming met leveranciers, afnemers, concurrenten of een andere marktpartij schriftelijke, mondelinge of stilzwijgende afspraken die de concurrentie beperken?

Nee: Er zijn geen kartelafspraken gemaakt.

Ja:

Betreft het afspraken tussen niet meer dan acht ondernemingen?

en

Hebben de ondernemingen gezamenlijk niet meer dan € 4.540.000 omzet (bij levering van goederen)of € 908.000 omzet (alle andere gevallen)?

Ja: Deze afspraken zijn vrijgesteld van het kartelverbod. Als de concurrentie op de relevante markt echter ernstig wordt beperkt, dan kunnen zij alsnog worden verboden.

Nee:

Vallen de activiteiten onder de Europese vrijstellingen of is een ontheffing door de Europese Commissie verleend?

of

Vallen de activiteiten onder de Nederlandse vrijstellingen?

Ja: Deze afspraken zijn vrijgesteld van het kartelverbod.

Nee:

Zijn de onderlinge afspraken bij wet verplicht?

of

Zijn de afspraken goedgekeurd door een ander bestuursorgaan?

of

Is er sprake van een taak van algemeen belang?

Ja: Deze afspraken zijn vrijgesteld van het kartelverbod.

Nee:

Voldoet de afspraak aan de vier criteria voor ontheffing:

Ja: De afspraken zijn verboden. Het is mogelijk een ontheffing bij NMa te vragen.

Nee: De afspraken zijn verboden en nietig. Ontheffing is niet mogelijk.

Voor algemene informatie over de Mededingingswet wordt verwezen naar de brochure Mededingingswet en voor nadere informatie over het kartelverbod wordt verwezen naar de brochure Kartelverbod. Beide kunnen bij de NMa worden opgevraagd.

De aanvraag moet in drievoud worden toegezonden aan de NMa. U kunt volstaan met het sturen van één originele aanvraag en twee fotokopieën. Wij adviseren u de toelichting bij de vragen van het formulier aandachtig door te nemen.

Nederlandse Mededingingsautoriteit

T. a. v. directie Concurrentietoezicht

Postbus 16326 2500 BH Den Haag

U kunt de aanvraag ook tijdens kantooruren afgeven bij de NMa op het volgende adres:

Nederlandse Mededingingsautoriteit

Wijnhaven 24 2511

GA Den Haag

Op de website van de NMa is een digitale versie van het aanvraagformulier verkrijgbaar.

Indien u vragen heeft over het aanvragen van een ontheffing, kunt u contact opnemen met de directie Concurrentietoezicht van de NMa.

Telefoon 0800-0231885

Fax (070)3303370

Internet www.nma-org.nl

Bijlage 2. bij het Besluit vaststelling formulieren Mededingingswet

De partijen die voornemens zijn een concentratie tot stand te brengen zijn er verantwoordelijk voor dat deze bijtijds wordt gemeld (respectievelijk de vergunning daarvoor wordt aangevraagd). Wie dit zijn, hangt af van de aard van de transactie. Bij een fusie zullen het in de regel de fuserende partijen zijn, bij een overeenkomst tot koop en verkoop van aandelen of activa, de kopende en de verkopende partij en bij de oprichting van een gemeenschappelijke onderneming, de oprichtende partijen. Een melding of vergunningaanvraag kan door elk van de betrokken partijen worden ingediend en kan ook door of namens meerdere partijen gezamenlijk worden ingediend. Uit mee te zenden schriftelijke machtigingen moet blijken welke personen bevoegd zijn om als vertegenwoordiger en/of contactpersoon van een of meer partijen op te treden.

Artikel 34 Mededingingswet bepaalt dat het verboden is een concentratie tot stand te brengen voordat het voornemen daartoe is gemeld en vervolgens vier weken is gewacht. De wet vermeldt echter niet wanneer er moet worden gemeld. U moet zelf beoordelen wanneer het best kan worden gemeld. Uiteraard kan de melding pas plaatsvinden wanneer u over de gegevens beschikt die in dit formulier worden gevraagd. Het voornemen voor een concentratie moet dus voldoende concreet zijn voordat de melding kan plaatsvinden. Als u in een te vroeg stadium meldt en er daarna wijzigingen optreden die een wezenlijke verandering in de concentratie tot gevolg hebben, moet u opnieuw melden.

De vragen uit de formulieren voor melding en voor aanvraag om vergunning moet u in het Nederlands beantwoorden. Indien u bijlagen meestuurt in een andere taal, kan de NMa u verzoeken de melding of aanvraag om vergunning aan te vullen met een vertaling van die bijlagen. Behandelingstermijnen worden dan opgeschort totdat deze vertaling is ontvangen. De melding moet in viervoud en de aanvraag om vergunning in vijfvoud (aangetekend)worden verzonden naar de NMa, of tijdens de bezoektijden van de NMa worden afgegeven op het bezoekadres. Let op: de informatie dient in zijn geheel verveelvoudigd te worden, inclusief bijlagen, vertalingen en dergelijke. U moet vier (bij een melding) of vijf (bij een aanvraag om vergunning) identieke documenten aanleveren.

Nederlandse Mededingingsautoriteit

Postbus 16326

2500 BH Den Haag

of

Bezoekadres:

Wijnhaven 24

2511 GA Den Haag

De melding en de aanvraag om vergunning moeten volledig en juist zijn. Indien een formulier niet volledig is ingevuld, geldt het volgende. Bij een onvolledige melding kan de NMa een aanvulling verlangen op grond van artikel 35, tweede lid, Mededingingswet. De behandeltermijn wordt dan ingevolge artikel 38 van deze wet opgeschort tot de dag waarop die aanvulling door de NMa is ontvangen. Indien een aanvraag om vergunning niet volledig is, kan de NMa besluiten deze niet te behandelen (artikel 4:5 Algemene wet bestuursrecht). Voordat de NMa hiertoe besluit, wordt de aanvrager in de gelegenheid gesteld om binnen een bepaalde termijn de aanvraag aan te vullen. De behandeltermijn wordt dan ingevolge artikel 4:15 Algemene wet bestuursrecht opgeschort tot de dag waarop die aanvulling is gegeven of de termijn daarvoor ongebruikt is verstreken.

Ook wanneer de melding of aanvraag om vergunning volledig is, maar de daarbij verstrekte gegevens onvoldoende zijn voor de beoordeling van de concentratie, kan op grond van voornoemde bepalingen aanvulling worden verlangd. De behandeltermijn wordt dan eveneens opgeschort. Als er tijdens de procedure wijzigingen optreden in de door u verstrekte gegevens, dan dient u de nieuwe gegevens direct aan de NMa te melden. Indien u bepaalde informatie niet kunt verschaffen, wordt u verzocht de redenen daarvan te vermelden. Voorts kan de NMa u toestemming geven om bepaalde vragen uit het formulier voor de aanvraag om een vergunning onbeantwoord te laten. U moet hier dan vooraf schriftelijk om verzoeken.

Vanzelfsprekend is het ook belangrijk dat de verstrekte informatie juist is. Artikel 73 Mededingingswet bepaalt dat geldboetes tot € 22.500 kunnen worden opgelegd zowel wanneer onjuiste als wanneer onvolledige inlichtingen worden verstrekt bij een melding of een aanvraag om vergunning. Bovendien heeft de NMa de bevoegdheid de beschikking houdende verlening van een vergunning in te trekken, wanneer die berust op zodanig onjuiste inlichtingen, dat anders zou zijn beslist als de juiste gegevens wel bekend zouden zijn geweest (artikel 45 Mededingingswet).

Het is mogelijk dat de informatie die u de NMa meedeelt vertrouwelijke bedrijfs-of fabricagegegevens bevat. Vertrouwelijke bedrijfs- en fabricagegegevens zijn niet-openbare gegevens waaruit wetenswaardigheden kunnen worden gelezen of afgeleid over de bedrijfsvoering of het productieproces dan wel over de afzet van de producten of de kring van afnemers en leveranciers. Bedrijfs- en fabricagegegevens die u vertrouwelijk aan de NMa meedeelt, worden niet openbaar gemaakt.

Ook kunt u van mening zijn dat uw belangen worden geschaad indien bepaalde andere van u verkregen inlichtingen openbaar gemaakt of anderszins aan anderen bekendgemaakt worden. Openbaarmaking van andere dan bedrijfs- en fabricagegegevens blijft achterwege als het belang van de openbaarmaking niet opweegt tegen de belangen van betrokken partijen of derden. Hiermee kan bijvoorbeeld worden voorkomen dat door openbaarmaking het belang van de onderneming die de gegevens heeft verstrekt onevenredig wordt geschaad.

Bij alle ingediende stukken moet u gemotiveerd aangeven welke informatie als vertrouwelijk moet worden beschouwd. De informatie die u als vertrouwelijk beschouwt, moet herkenbaar worden gemaakt (vet gedrukt) of opgenomen worden in een afzonderlijke bijlage.

Als verschillende ondernemingen gezamenlijk een melding verrichten of een aanvraag om vergunning indienen, mogen inlichtingen die door deze ondernemingen als vertrouwelijk worden aangemerkt, afzonderlijk worden ingediend.

Nevenrestricties zijn afspraken tussen partijen bij een concentratie die de mededinging kunnen beperken, maar die, omdat zij rechtstreeks verbonden zijn aan een concentratie en noodzakelijk zijn voor de verwezenlijking daarvan, zijn uitgezonderd van het kartelverbod. Voorbeelden van mogelijke nevenrestricties zijn non-concurrentiebedingen en leverings- of afnamegaranties. Met vraag 5.1. van het formulier wordt u gevraagd opgave te doen van alle afspraken die naar het oordeel van de bij de concentratie betrokken ondernemingen nevenrestricties zijn. Indien u een uitspraak wenst over de vraag of de door u aangemelde afspraken ook naar het oordeel van de NMa nevenrestricties zijn in de zin van de Mededingingswet, dan kunt u daarom verzoeken door middel van de beantwoording van vraag 5.2. De uitzondering voor nevenrestricties, die is geregeld in artikel 10 Mededingingswet, geldt echter van rechtswege. Dit betekent dat deze uitzondering op een afspraak van toepassing kan zijn zonder dat de NMa zich daarover heeft uitgesproken. Uit het feit dat de NMa in het kader van het concentratietoezicht zich niet uitspreekt over aangemelde restricties mag evenwel niet worden afgeleid dat op deze restricties het verbod van artikel 6 Mededingingswet niet van toepassing kan zijn en ook niet dat op deze restricties artikel 10 Mededingingswet van toepassing is.

In verband met de evaluatie van de omzetdrempels van de Europese Concentratieverordening is door de lidstaten afgesproken dat zij enkele gegevens zullen inwinnen over de op nationaal niveau aangemelde concentraties. In verband hiermee verzoeken wij u de aan het slot van het formulier gestelde vragen te beantwoorden. U bent daartoe evenwel niet verplicht.

Met betrokken ondernemingen worden de ondernemingen bedoeld die betrokken zijn bij een voorgenomen concentratie. Het is onder meer voor de beantwoording van de vraag of de omzetdrempels als omschreven in artikel 29 Mededingingswet worden gehaald, belangrijk welke de betrokken ondernemingen zijn. Als betrokken ondernemingen worden beschouwd:

a. In geval van een fusie:de fuserende ondernemingen.

b. In geval van verkrijging van zeggenschap over een onderneming of deel daarvan: de onderneming die zeggenschap verkrijgt en de onderneming, of het deel daarvan, waarover zeggenschap wordt verkregen.

c. In geval van een openbaar bod:de onderneming die beoogt zeggenschap te verkrijgen en de onderneming die het doelwit is van het bod.

d. In geval van een nieuw op te richten gemeenschappelijke onderneming: de oprichtende ondernemingen.

e. In geval van een wijziging in de zeggenschap in een bestaande gemeenschappelijke onderneming: de ondernemingen die na de concentratie zeggenschap hebben over de gemeenschappelijke onderneming en de gemeenschappelijke onderneming zelf. In afwijking van deze regel zijn, in een situatie waarin onderneming C, die een dochteronderneming is van onderneming A, maar door een transactie onder de gezamenlijke zeggenschap komt te staan van onderneming A en onderneming B, alleen de ondernemingen A en B betrokken ondernemingen. Voor de omzetberekening moet de omzet van onderneming C op voet van artikel 30 Mededingingswet aan onderneming A worden toegerekend.

Een onderneming die door de concentratie zeggenschap verliest (bijvoorbeeld een verkopende partij), is geen bij de concentratie betrokken onderneming. De omzet van deze onderneming moet bij de omzetberekening buiten beschouwing worden gelaten.

Door de concentratie beïnvloede markten zijn:

de markten waarop twee of meer betrokken ondernemingen werkzaam zijn (horizontale relatie);

de markten waarop een of meer van de betrokken ondernemingen werkzaam is (zijn), terwijl een of meer van de andere betrokken ondernemingen werkzaam is (zijn) op een markt waarop leveranciers of afnemers van eerstgenoemde onderneming werkzaam zijn (verticale relatie). Beide genoemde markten zijn door de concentratie beïnvloede markten. Indien een onderneming deel uit maakt van een groep als bedoeld in artikel 24b van boek 2 van het Burgerlijk Wetboek, dan moeten bij de beantwoording van de vraag of er sprake is van een beïnvloede respectievelijk een te onderzoeken markt de activiteiten van de gehele groep worden betrokken. De activiteiten van een onderneming die door de concentratie zeggenschap verliest dienen hierbij echter buiten beschouwing te worden gelaten.

Om vast te stellen welke markt of markten door de concentratie kunnen worden beïnvloed, moet eerst worden nagegaan op welke relevante markten de betrokken ondernemingen actief zijn. De relevante markt vormt de basis voor het bepalen van de respectievelijke marktposities van de betrokken ondernemingen en voor het beoordelen van de gevolgen van de concentratie voor de mededinging. Bij de afbakening van een relevante markt dient aandacht te worden besteed aan de productdimensie en aan de geografische dimensie van de markt.

De relevante productmarkt omvat de goederen en/of diensten, die de gebruiker als substitueerbaar beschouwt op grond van productkenmerken, prijs en beoogd gebruik. Bepalend voor de afbakening van de relevante productmarkt zijn onder meer de fysieke en technische karakteristieken van de goederen of de aard van de diensten, prijsverhoudingen en reacties van afnemers op prijswijzigingen. De relevante geografische markt is het gebied waarbinnen de betrokken ondernemingen werkzaam zijn en waar de concurrentievoorwaarden voldoende gelijk zijn en duidelijk verschillen van de concurrentievoorwaarden in aangrenzende gebieden. De relevante geografische markt kan een deel van Nederland zijn, geheel Nederland of een groter gebied. Bepalend voor de afbakening zijn onder meer: de verdeling van marktaandelen van de aanbieders in verschillende gebieden, prijsverschillen, aankoopgedrag van de afnemers en handelsstromen.

Bij de omschrijving van de relevante markt zal zich vaak de vraag voordoen welke marktafbakening de juiste is. De NMa dient in haar analyse uit te gaan van een marktafbakening die in overeenstemming is met de economische realiteit. Wanneer een markt op meer dan één manier kan worden afgebakend of wanneer onzeker is welke marktafbakening de juiste is, dan is het voor een vlotte afhandeling van uw melding bevorderlijk wanneer u de NMa duidelijk informeert over de activiteiten van de betrokken ondernemingen. Daarnaast kan het verstandig zijn de positie van partijen uiteen te zetten uitgaande van verschillende marktdefinities.

Te onderzoeken markten zijn:

Bij een horizontale relatie:een door de concentratie beïnvloede markt waarop de betrokken ondernemingen in waarde en/of in volume gemeten samen een marktaandeel hebben van 15% of meer.

Bij een verticale relatie: een door de concentratie beïnvloede markt waarop enige betrokken onderneming in waarde en/of in volume gemeten een marktaandeel heeft van 20% of meer.

Bijlage 3. bij het Besluit vaststelling formulieren Mededingingswet

Het formulier dat u heeft ingevuld bij de melding, maakt deel uit van dit formulier. Tenzij er gegevens gewijzigd zijn, kunt u bij vraag 1.1. t/m 1.4. volstaan met een kopie van het door u ingevulde meldingsformulier. U dient dan alleen onder 1.1. de naam in te vullen en bij 1.3. het zaaknummer aan te geven. Indien op het moment van indiening van de aanvraag om vergunning feitelijke wijzigingen zijn opgetreden, of indien nieuwe gegevens beschikbaar zijn gekomen die van invloed zijn op de juiste en volledige beantwoording van de vragen uit het meldingsformulier, dient u deze wijzigingen of nieuwe gegevens mede te delen.

1.1 Vermeld:

naam en -indien anders -handelsnaam;

rechtsvorm;

adres;

telefoon-en telefaxnummers;

eventueel elektronisch postadres; handelsregisternummer of het buitenlands register en registratienummer van de betrokken ondernemingen.

1.2. Vermeld de namen, adressen, telefoonnummers, faxnummers, eventuele elektronische postadressen en functies van de aangewezen contactpersonen.

1.3. Verstrek een schriftelijk bewijsstuk waaruit de vertegenwoordigingsbevoegdheid blijkt.

2.1. Verstrek voor elk van de betrokken ondernemingen een lijst met de namen van alle andere ondernemingen die op de te onderzoeken markten 3 werkzaam zijn en waarin de bij de concentratie betrokken ondernemingen alleen of gezamenlijk 10%of meer van de stemrechten of van het uitgegeven aandelenkapitaal of andere effecten bezitten. Vermeld de hoogte van het percentage.

2.2. Verstrek de namen van de ondernemingen waarover in de afgelopen drie jaar door de bij de concentratie betrokken ondernemingen een zeggenschap werd verkregen en die op de te onderzoeken markten werkzaam zijn of waren.

3.1. Geef voor elke te onderzoeken markt de geraamde totale omvang van de markt in waarde en in volume van de verkoop.

3.2. Geef aan welk aandeel elk van de bij de concentratie betrokken ondernemingen daarin heeft.

3.3. Geef aan welke andere ondernemingen naar uw weten een aandeel in de te onderzoeken markt hebben van meer dan 10% en geef een schatting van het marktaandeel. Vermeld voor elk van deze concurrenten naam, adres, telefoon- en faxnummer en zo mogelijk de naam van een contactpersoon.

3.4. Vermeld de berekeningsgrondslag en de bronnen van de onder 3. 1 tot en met 3. 3 gegeven antwoorden.

4.1. Geef voor elke te onderzoeken markt een raming van de totale waarde van de invoer.

4.2. Geef aan welk gedeelte van de invoer afkomstig is van de bij de concentratie betrokken ondernemingen.

4.3. In welke mate wordt de invoer beïnvloed door quota, invoerrechten of niet-tarifaire handelsbelemmeringen?

4.4. In welke mate wordt de invoer beïnvloed door vervoerskosten of andere kosten?

  1. Geef voor elke te onderzoeken markt aan hoe de productie geschiedt van de producten en diensten van de bij de concentratie betrokken ondernemingen. Is er bijvoorbeeld sprake van lokale productie?

  2. Beschrijf in welke mate het prijsniveau op de te onderzoeken markten in Nederland afwijkt van dat in België, Duitsland, Frankrijk en Groot-Brittannië.

7.1. Beschrijf in hoeverre elk van de bij de concentratie betrokken ondernemingen werkzaam is in opeenvolgende stadia van productie of distributie. 7.2. Beschrijf, voorzover u over gegevens daaromtrent beschikt, in hoeverre de belangrijkste concurrenten werkzaam zijn in opeenvolgende stadia van productie of distributie.

8.1. Geef voor elke te onderzoeken markt de namen, adressen, telefoonnummers en contactpersonen van de vijf belangrijkste leveranciers van elk van de bij de concentratie betrokken ondernemingen en vermeld het aandeel van deze leveranciers in de totale aankopen van elk van de partijen.

8.2. Op welke manier is de distributie georganiseerd op de te onderzoeken markt? Beschrijf de bestaande distributiekanalen en geef aan in welke mate de distributie door derden wordt verricht dan wel door ondernemingen die behoren tot de bij de concentratie betrokken ondernemingen.

8.3. Op welke manier is de service georganiseerd op de te onderzoeken markt? Beschrijf de bestaande servicenetten en geef aan in welke mate deze diensten worden verricht door derden dan wel door ondernemingen die behoren tot de bij de concentratie betrokken ondernemingen.

8.4. Geef van de vijf belangrijkste afnemers van elk van bij de concentratie betrokken ondernemingen het aandeel van elk van hen in de totale verkoop van de partijen.

8.5. Hoe belangrijk is de voorkeur van de afnemers (merktrouw, productdifferentiatie, aanbod van een volledig productengamma)?

8.6. Bestaan er verschillende categorieën afnemers?

8.7. Hoe geconcentreerd of gefragmenteerd is de vraag?

8.8. Hoe belangrijk zijn alleenverkoopovereenkomsten en andere soorten langlopende overeenkomsten?

9.1 Geef voor elke te onderzoeken markt, voorzover van toepassing, een raming van de totale capaciteit tijdens de laatste drie jaar en geef aan wat het aandeel van elk van de bij de concentratie betrokken ondernemingen daarin was, alsmede de bezettingsgraad.

9.2. Geef een raming van de groei van productie en afzet in de laatste drie jaar.

9.3 Welke ondernemingen zijn, voorzover u bekend is, de afgelopen drie jaar tot de te onderzoeken markt toegetreden? Vermeld voor elk van de toegetreden ondernemingen naam, adres, telefoon- en faxnummer en zo mogelijk de naam van een contactpersoon.

9.4. Hoe hoog zijn de markttoetredingskosten (onderzoek en ontwikkeling, het opzetten van distributiesystemen, verkoopbevordering, reclame, serviceverlening, enz. )bij een passende schaalgrootte om zich als een belangrijke concurrent te kunnen handhaven?

9.5. Zijn er toetredingsbelemmeringen tengevolge van het bestaan van octrooien, knowhow, andere intellectuele eigendomsrechten, van overheidswege vereiste vergunningen, opgelegde normen of anderszins?

9.6. In welke mate is elk van de bij de concentratie betrokken ondernemingen licentienemer of licentiegever met betrekking tot octrooien, knowhow en andere intellectuele eigendomsrechten op de te onderzoeken markt?

9.7. Hoe belangrijk zijn schaalvoordelen voor de productie op de te onderzoeken markt?

9.8. Hoe belangrijk is onderzoek en ontwikkeling voor een onderneming op de te onderzoeken markt om zich op de lange termijn als concurrent te kunnen handhaven?

  1. Beschrijf de samenwerkingsovereenkomsten met concurrerende ondernemingen waarbij de bij de concentratie betrokken ondernemingen op de te onderzoeken markten partij zijn.

  2. Geef aan wat naar omvang en marktaandeel de positie van elk van de bij de concentratie betrokken ondernemingen buiten Nederland is.

Plaats en datum:

Handtekening: