40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
863 lines
20 KiB
Markdown
863 lines
20 KiB
Markdown
---
|
|
titel: Algemene bijstandswet
|
|
bwb_id: BWBR0007333
|
|
type: wet
|
|
status: geldend
|
|
datum_inwerkingtreding: '1996-01-01'
|
|
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0007333
|
|
citeertitel: Algemene bijstandswet
|
|
---
|
|
|
|
# Algemene bijstandswet
|
|
|
|
## Hoofdstuk I. Algemene bepalingen
|
|
|
|
### Artikel 1
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 2
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 3
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 4
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 5
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 6
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
## Hoofdstuk II. Het recht op bijstand
|
|
|
|
### Paragraaf 1. De kring van rechthebbenden
|
|
|
|
### Artikel 7
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 8
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 9
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 10
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Paragraaf 2. Personen aan wie bijstand kan worden verleend
|
|
|
|
### Artikel 11
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 12
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Paragraaf 3. Afstemming van de bijstand
|
|
|
|
### Artikel 13
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 14
|
|
|
|
**1.** Indien de belanghebbende blijk heeft gegeven van een tekortschietend besef van verantwoordelijkheid voor de voorziening in het bestaan, dan wel in de periode voorafgaand aan de bijstandsaanvraag of nadien onvoldoende heeft meegewerkt aan het verkrijgen of behouden van arbeid in dienstbetrekking, de verplichting, bedoeld in artikel 65, eerste lid, niet binnen de door burgemeester en wethouders daarvoor vastgestelde termijn is nagekomen, dan wel een verplichting als bedoeld in artikel 8, zesde lid, onderdeel b, artikel 65, tweede of derde lid, artikel 70, vierde lid, of een op grond van hoofdstuk VIII aan de bijstand verbonden verplichting niet of niet behoorlijk is nagekomen, weigeren burgemeester en wethouders de bijstand tijdelijk geheel of gedeeltelijk.
|
|
|
|
**2.** Een maatregel als bedoeld in het eerste lid wordt afgestemd op de ernst van de gedraging, de mate waarin de belanghebbende de gedraging verweten kan worden en de omstandigheden waarin hij verkeert. Van het opleggen van een maatregel wordt in elk geval afgezien, indien elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt.
|
|
|
|
**3.** Indien het niet tijdig nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel 65, eerste lid, niet heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van bijstand, kunnen burgemeester en wethouders afzien van het opleggen van een maatregel als bedoeld in het eerste lid en volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing ter zake van het niet tijdig nakomen van de verplichting, tenzij het niet tijdig nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de belanghebbende een zodanige waarschuwing is gegeven.
|
|
|
|
**4.** Indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn kunnen burgemeester en wethouders besluiten af te zien van het opleggen van een maatregel als bedoeld in het eerste lid.
|
|
|
|
**5.** Bij algemene maatregel van bestuur kunnen met betrekking tot het eerste en het tweede lid nadere regels worden gesteld.
|
|
|
|
### Paragraaf 3a. Administratieve boeten
|
|
|
|
### Artikel 14a
|
|
|
|
**1.** Indien de belanghebbende de verplichting, bedoeld in artikel 65, eerste lid, niet of niet behoorlijk is nagekomen door geen, onjuiste of onvolledige mededelingen te doen, leggen burgemeester en wethouders hem een boete op van ten hoogste € 2 269.
|
|
|
|
**2.** De hoogte van de boete wordt afgestemd op de ernst van de gedraging, de mate waarin de belanghebbende de gedraging verweten kan worden en de omstandigheden waarin hij verkeert. Van het opleggen van een boete wordt in elk geval afgezien, indien elke vorm van verwijtbaarheid ontbreekt.
|
|
|
|
**3.** Indien het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, bedoeld in artikel 65, eerste lid, niet heeft geleid tot het ten onrechte of tot een te hoog bedrag verlenen van bijstand kunnen burgemeester en wethouders afzien van het opleggen van een boete als bedoeld in het eerste lid en volstaan met het geven van een schriftelijke waarschuwing ter zake van het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting, tenzij het niet of niet behoorlijk nakomen van de verplichting plaatsvindt binnen een periode van twee jaar te rekenen vanaf de datum waarop eerder aan de belanghebbende een zodanige waarschuwing is gegeven.
|
|
|
|
**4.** Indien daarvoor dringende redenen aanwezig zijn kunnen burgemeester en wethouders besluiten af te zien van het opleggen van een boete.
|
|
|
|
**5.** Degene aan wie een boete is opgelegd is verplicht desgevraagd aan burgemeester en wethouders de inlichtingen te verstrekken die voor de tenuitvoerlegging van de boete van belang zijn.
|
|
|
|
**6.** Voor zover de boete nog niet is geïnd vervalt zij door het overlijden van degene aan wie zij is opgelegd.
|
|
|
|
**7.** Bij algemene maatregel van bestuur worden met betrekking tot het eerste en tweede lid nadere regels gesteld.
|
|
|
|
### Artikel 14b
|
|
|
|
**1.** Indien burgemeester en wethouders jegens de belanghebbende een handeling verrichten waaraan deze in redelijkheid de gevolgtrekking kan verbinden dat aan hem wegens een bepaalde gedraging een boete zal worden opgelegd, is de belanghebbende niet langer verplicht terzake van die gedraging enige verklaring af te leggen, voor zover het betreft de boeteoplegging. De belanghebbende wordt hiervan in kennis gesteld alvorens hem mondeling om informatie wordt gevraagd.
|
|
|
|
**2.** Indien burgemeester en wethouders voornemens zijn om aan de belanghebbende een boete op te leggen, wordt hiervan kennis gegeven aan de belanghebbende onder vermelding van de gronden waarop het voornemen berust. De kennisgeving is een handeling als bedoeld in het eerste lid.
|
|
|
|
**3.** Op verzoek van de belanghebbende die de in het vorige lid bedoelde kennisgeving wegens zijn gebrekkige kennis van de Nederlandse taal onvoldoende begrijpt, dragen burgemeester en wethouders er zoveel mogelijk zorg voor dat de in die kennisgeving vermelde gronden aan de belanghebbende worden medegedeeld in een voor hem begrijpelijke taal.
|
|
|
|
**4.** In afwijking van afdeling 4.1.2 van de Algemene wet bestuursrecht stellen burgemeester en wethouders de belanghebbende in de gelegenheid om naar keuze schriftelijk of mondeling zijn zienswijze naar voren te brengen voordat de boete wordt opgelegd.
|
|
|
|
**5.** Indien de belanghebbende zijn zienswijze mondeling naar voren brengt, dragen burgemeester en wethouders er op verzoek van de belanghebbende die de Nederlandse taal onvoldoende begrijpt, zorg voor dat een tolk wordt benoemd die de belanghebbende kan bijstaan, tenzij redelijkerwijs kan worden aangenomen dat daaraan geen behoefte bestaat.
|
|
|
|
### Artikel 14c
|
|
|
|
**1.** Het besluit waarbij de boete wordt opgelegd vermeldt de termijn of de termijnen waarbinnen deze moet worden betaald, alsmede de wijze waarop het besluit, bij gebreke van tijdige betaling, overeenkomstig artikel 14*f* zal worden tenuitvoergelegd.
|
|
|
|
**2.** Op verzoek van de belanghebbende die het in het eerste lid bedoelde besluit wegens zijn gebrekkige kennis van de Nederlandse taal onvoldoende begrijpt, dragen burgemeester en wethouders er zoveel mogelijk zorg voor dat de in dat besluit vermelde informatie aan de belanghebbende wordt medegedeeld in een voor hem begrijpelijke taal.
|
|
|
|
**3.** Bij of krachtens algemene maatregel van bestuur kunnen met betrekking tot het eerste lid nadere regels worden gesteld.
|
|
|
|
### Artikel 14d
|
|
|
|
**1.** Een boete wordt niet opgelegd zolang de gedraging wordt onderzocht door het openbaar ministerie.
|
|
|
|
**2.** De oplegging van een boete blijft definitief achterwege indien ter zake van de gedraging tegen de belanghebbende een strafvervolging is ingesteld en het onderzoek ter terechtzitting een aanvang heeft genomen, dan wel het recht tot strafvordering is vervallen ingevolge artikel 74 van het Wetboek van Strafrecht.
|
|
|
|
**3.** Het openbaar ministerie doet van een omstandigheid als bedoeld in het eerste en tweede lid mededeling aan burgemeester en wethouders.
|
|
|
|
### Artikel 14e
|
|
|
|
**1.** Een boete wordt opgelegd binnen een jaar nadat burgemeester en wethouders de belanghebbende overeenkomstig artikel 14*b*, vierde lid, in de gelegenheid hebben gesteld zijn zienswijze naar voren te brengen. Indien terzake aangifte is gedaan of proces-verbaal is opgemaakt en ingezonden vangt de termijn van een jaar aan op de dag na die waarop het openbaar ministerie aan burgemeester en wethouders heeft medegedeeld dat geen strafvervolging wordt ingesteld.
|
|
|
|
**2.** Een boete wordt in elk geval niet opgelegd na verloop van vijf jaren nadat de desbetreffende gedraging heeft plaatsgevonden.
|
|
|
|
### Artikel 14f
|
|
|
|
**1.** Het besluit waarbij een boete is opgelegd levert een executoriale titel op in de zin van het Tweede Boek van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering. De titel heeft mede betrekking op de rente en kosten, bedoeld in het zevende lid.
|
|
|
|
**2.** Indien degene aan wie een boete is opgelegd algemene bijstand of een uitkering op grond van de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte werkloze werknemers, de Wet inkomensvoorziening oudere en gedeeltelijk arbeidsongeschikte gewezen zelfstandigen of de Wet inkomensvoorziening kunstenaars ontvangt, wordt het besluit waarbij de boete is opgelegd tenuitvoergelegd door verrekening met die bijstand of uitkering.
|
|
|
|
**3.** Indien degene aan wie een boete is opgelegd inmiddels bijstand of uitkering als bedoeld in het tweede lid ontvangt van een andere gemeente dan de gemeente die de boete heeft opgelegd, betaalt die andere gemeente het bedrag van die boete, zonder dat daarvoor een machtiging nodig is van de belanghebbende, op haar verzoek aan de gemeente die de boete heeft opgelegd.
|
|
|
|
**4.** Indien degene aan wie een boete is opgelegd een uitkering ontvangt op grond van de Werkloosheidswet, de Ziektewet, de Wet arbeidsongeschiktheidsverzekering zelfstandigen, de Wet werk en arbeidsondersteuning jonggehandicapten, de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering, de Wet arbeidsongeschiktheidsvoorziening militairen, de Toeslagenwet, de Algemene Ouderdomswet, de Algemene nabestaandenwet of de Wet arbeid en zorg, betaalt het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, onderscheidenlijk de Sociale verzekeringsbank het bedrag van die boete, zonder dat daarvoor diens machtiging nodig is op haar verzoek aan de gemeente die de boete heeft opgelegd.
|
|
|
|
**5.** Indien degene aan wie een boete is opgelegd geen bijstand of uitkering als bedoeld in het tweede of vierde lid ontvangt of meer ontvangt, dan wel ten aanzien van zodanige uitkering toepassing van het derde en vierde lid niet mogelijk is, wordt het besluit waarbij de boete is opgelegd bij gebreke van tijdige betaling met toepassing van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering op zijn kosten betekend en tenuitvoergelegd.
|
|
|
|
**6.** De tenuitvoerlegging van een besluit waarbij een boete is opgelegd vindt plaats met toepassing van het tweede, derde of vierde lid, dan wel van het vijfde lid, dan wel van het tweede, derde of vierde lid in combinatie met het vijfde lid.
|
|
|
|
**7.** Bij gebreke van tijdige betaling wordt de verschuldigde boete verhoogd met de wettelijke rente en de op de invordering betrekking hebbende kosten.
|
|
|
|
**8.** De betekening en tenuitvoerlegging ingevolge het vijfde lid kan geschieden door de deurwaarder, bedoeld in artikel 231, tweede lid, onderdeel *e*, van de Gemeentewet. Artikel 256 van die wet is van overeenkomstige toepassing.
|
|
|
|
**9.** Op het executoriaal beslag ingevolge dit artikel door burgemeester en wethouders op loon, sociale uitkeringen of andere periodieke betalingen, welke derden verschuldigd zijn of worden aan degene aan wie een boete is opgelegd, zijn de artikelen 479*b* tot en met 479*g*, behoudens artikel 479*e*, tweede lid, van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering van overeenkomstige toepassing. De in artikel 479*g* aan de raad voor de kinderbescherming toegekende bevoegdheid komt gelijkelijk toe aan burgemeester en wethouders.
|
|
|
|
**10.** De tenuitvoerlegging van een besluit met toepassing van dit artikel geschiedt zodanig dat de belanghebbende blijft beschikken over een inkomen gelijk aan de beslagvrije voet bedoeld in de artikelen 475*c* en 475*d* van het Wetboek van Burgerlijke Rechtsvordering.
|
|
|
|
**11.** Het tiende lid geldt niet zolang de belanghebbende zijn verplichting bedoeld in artikel 14a, vijfde lid, niet of niet behoorlijk nakomt.
|
|
|
|
### Paragraaf 4. Niet noodzakelijke kosten
|
|
|
|
### Artikel 15
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 16
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Paragraaf 5. Verhouding tot voorliggende voorzieningen
|
|
|
|
### Artikel 17
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 18
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
## Hoofdstuk III. De vorm van de bijstand
|
|
|
|
### Artikel 19
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 20
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 21
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 22
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 23
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 23a
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 24
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 25
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 25a
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
## Hoofdstuk IV. De hoogte van de bijstand
|
|
|
|
### Afdeling 1. Algemene bijstand
|
|
|
|
#### Paragraaf 1. Algemeen
|
|
|
|
### Artikel 26
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 27
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 28
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
#### Paragraaf 2. De bijstandsnorm
|
|
|
|
### Artikel 29
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 30
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 31
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 32
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
#### Paragraaf 3. Verhoging en verlaging van de bijstandsnorm
|
|
|
|
### Artikel 33
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 34
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 35
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 36
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 37
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 38
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Afdeling 2. Bijzondere bijstand
|
|
|
|
### Artikel 39
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 40
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 41
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Afdeling 3. De middelen
|
|
|
|
#### Paragraaf 1. Algemeen
|
|
|
|
### Artikel 42
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 43
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 44
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 45
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 46
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
#### Paragraaf 2. Het inkomen
|
|
|
|
### Artikel 47
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 48
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 49
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 50
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
#### Paragraaf 3. Het vermogen
|
|
|
|
### Artikel 51
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 52
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 53
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 54
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Afdeling 4. Aanpassing van bedragen
|
|
|
|
### Artikel 55
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 56
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 57
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 58
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 59
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 60
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 61
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 62
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
## Hoofdstuk V. Het geldend maken van het recht op bijstand
|
|
|
|
### Paragraaf 1. De gemeente jegens welke recht op bijstand bestaat
|
|
|
|
### Artikel 63
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 63a
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 64
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Paragraaf 2. Inlichtingenverplichting en onderzoek
|
|
|
|
### Artikel 65
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 66
|
|
|
|
**1.** Burgemeester en wethouders bepalen welke gegevens ten behoeve van de verlening van bijstand dan wel de voortzetting daarvan door de belanghebbende in ieder geval worden verstrekt en welke bewijsstukken worden overgelegd, alsmede de wijze en het tijdstip waarop de verstrekking van gegevens plaatsvindt.
|
|
|
|
**2.** Burgemeester en wethouders onderzoeken de juistheid en volledigheid van de verkregen gegevens en stellen zonodig een onderzoek in naar andere gegevens die noodzakelijk zijn voor de verlening dan wel de voortzetting van bijstand. Indien het onderzoek daartoe aanleiding geeft besluiten burgemeester en wethouders tot herziening van de bijstand.
|
|
|
|
**3.** Burgemeester en wethouders verrichten regelmatig een heronderzoek naar de voor het recht op bijstand van belang zijnde gegevens. Het heronderzoek strekt zich mede uit tot de naleving van de aan de bijstand verbonden verplichtingen. Burgemeester en wethouders beoordelen tevens of er aanleiding bestaat de verplichtingen aan te vullen dan wel te wijzigen.
|
|
|
|
**4.** Het in het derde en vierde lid bedoelde onderzoek omvat, tenzij op grond van artikel 107 ontheffing is verleend van de verplichtingen gericht op inschakeling in de arbeid in dienstbetrekking, mede een onderzoek naar de mogelijkheden van de belanghebbende om door arbeid zelfstandig in het bestaan te voorzien alsmede de wijze waarop deze mogelijkheden kunnen worden vergroot.
|
|
|
|
**5.** Bij beëindiging van de bijstand nemen burgemeester en wethouders, na onderzoek, tijdig een besluit met betrekking tot de wederzijds tussen de gemeente en de belanghebbende resterende verplichtingen en de afwikkeling daarvan.
|
|
|
|
**6.** Burgemeester en wethouders onderzoeken regelmatig de financiële omstandigheden van degene aan wie zij betalings- en aflossingsverplichtingen hebben opgelegd met betrekking tot de verleende algemene bijstand. Indien het onderzoek daartoe aanleiding geeft, besluiten burgemeester en wethouders tot wijziging van de opgelegde betalings- en aflossingsverplichtingen.
|
|
|
|
### Paragraaf 3. De aanvraag
|
|
|
|
### Artikel 67
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 68
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 68a
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Paragraaf 4. Opschorting en herziening van de bijstand
|
|
|
|
### Artikel 69
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 69a
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Paragraaf 5. Het besluit tot toekenning of wijziging van bijstand
|
|
|
|
### Artikel 70
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Paragraaf 6. Overige bepalingen
|
|
|
|
### Artikel 71
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
## Hoofdstuk VI. De betaling van de bijstand
|
|
|
|
### Paragraaf 1. Algemeen
|
|
|
|
### Artikel 72
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 73
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 74
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 75
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 76
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 77
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Paragraaf 2. Terugvordering
|
|
|
|
### Artikel 78
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 78a
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 78b
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 78c
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 79
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 80
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 81
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 82
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 83
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 84
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 85
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 86
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 87
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 88
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 89
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 90
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 91
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
## Hoofdstuk VII. Verhaal
|
|
|
|
### Artikel 92
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 93
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 93a
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 94
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 95
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 96
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 96a
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 97
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 98
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 99
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 100
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 101
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 102
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 103
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 104
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 105
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
## Hoofdstuk VIII. Aan de bijstand verbonden verplichtingen
|
|
|
|
### Paragraaf 1. Algemeen
|
|
|
|
### Artikel 106
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 107
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 108
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 108a
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 109
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 110
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 110a
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Paragraaf 2. Bevordering van de zelfstandige bestaansvoorziening
|
|
|
|
### Artikel 111
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 112
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 113
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 114
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 114a
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 115
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 115a
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
## Hoofdstuk IX. Uitvoering en toezicht
|
|
|
|
### Paragraaf 1. Verantwoordelijkheid voor de uitvoering
|
|
|
|
### Artikel 116
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 117
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 118
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 119
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 120
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Paragraaf 2. Inlichtingenverplichting en gegevensuitwisseling
|
|
|
|
### Artikel 121
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 122
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 123
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 124
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 125
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 126
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 127
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 128
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Paragraaf 3
|
|
|
|
### Paragraaf 4. Toezicht
|
|
|
|
### Artikel 130
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 131
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Paragraaf 5. Beleidsinformatie
|
|
|
|
### Artikel 132
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 133
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
## Hoofdstuk X
|
|
|
|
### Artikel 134
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 134a
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 135
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 136
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 137
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 137a
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
## Hoofdstuk XI. Rechtsbescherming
|
|
|
|
### Artikel 138
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 139
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 139a
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 140
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 140a
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
## Hoofdstuk XII. Strafbepalingen
|
|
|
|
### Artikel 141
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 142
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 142a
|
|
|
|
Het recht tot strafvordering vervalt indien burgemeester en wethouders aan de belanghebbende ter zake van hetzelfde feit reeds een boete hebben opgelegd.
|
|
|
|
### Artikel 143
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
## Hoofdstuk XIII. Slotbepalingen
|
|
|
|
### Artikel 144
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 144a
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 145
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 146
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 147
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 148
|
|
|
|
Vervallen
|
|
|
|
### Artikel 149
|
|
|
|
Vervallen
|