40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2 KiB
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Aanwijzing autoriteiten met betrekking tot disciplinaire straffen en beklag | BWBR0002953 | ministeriele-regeling | geldend | 1975-01-28 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0002953 | Aanwijzing autoriteiten met betrekking tot disciplinaire straffen en beklag |
Aanwijzing autoriteiten met betrekking tot disciplinaire straffen en beklag
Artikel 1
In deze beschikking wordt verstaan onder ‘wet’: de Wet gewetensbezwaren militaire dienst.
Artikel 2
Ten aanzien van de erkende gewetensbezwaarden die zijn tewerkgesteld elders dan bij een overheidsdienst uitsluitend of in hoofdzaak voor tewerkstelling van erkende gewetensbezwaarden bestemd, wordt als autoriteit bevoegd tot het opleggen van disciplinaire straffen, genoemd in artikel 33 van de wet, aangewezen: het hoofd van de Afdeling tewerkstelling erkende gewetensbezwaarden militaire dienst van het ministerie van Sociale Zaken, bij diens afwezigheid of ontstentenis het plaatsvervangend hoofd van genoemde afdeling en bij hun beider afwezigheid of ontstentenis, de eerste medewerker van het Bureau Straf-, tucht-en beroepszaken van genoemde afdeling.’
Artikel 3
1. De gestrafte, die zich over de hem opgelegde disciplinaire straf, over de omschrijving van de strafreden of over beide bezwaard acht, is bevoegd schriftelijk zijn beklag te doen. Het beklag wordt door tussenkomst van de strafoplegger ingediend.
2. Als autoriteit, door wie het beklag wordt behandeld, wordt aangewezen: het hoofd van de Stafafdeling Wetgeving en Juridische Aangelegenheden van het Ministerie van Sociale Zaken, en bij diens afwezigheid of ontstentenis het plaatsvervangend hoofd van genoemde stafafdeling.
Artikel 4
De beschikking van de Minister van Sociale Zaken van 30 december 1974, no. 142. 179 (Stcrt. 1974, 253), wordt ingetrokken.
Artikel 5
Deze beschikking treedt in werking met ingang van de dag na die van haar bekendmaking in de Staatscourant.