40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
4.5 KiB
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Besluit mandaat, volmacht en machtiging Agentschap NL Bodem+ | BWBR0017690 | ministeriele-regeling | geldend | 2009-07-09 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0017690 | Besluit mandaat, volmacht en machtiging Agentschap NL Bodem+ |
Besluit mandaat, volmacht en machtiging Agentschap NL Bodem+
Artikel 1
De Algemeen directeur van Agentschap NL wordt mandaat en machtiging verleend tot het nemen van besluiten en het verrichten van handelingen die verband houden met de uitvoering van taken als bedoeld in onderdeel A van de bijlage bij dit besluit.
Artikel 2
De Algemeen directeur van Agentschap NL wordt mandaat en machtiging verleend tot het nemen van besluiten en het verrichten van handelingen die verband houden met de uitvoering van taken als bedoeld in onderdeel B van de bijlage bij dit besluit.
Artikel 3
De Algemeen directeur van Agentschap NL wordt mandaat, volmacht en machtiging verleend tot het nemen van besluiten en het verrichten van handelingen die verband houden met de uitvoering van taken als bedoeld in onderdeel C van de bijlage bij dit besluit.
Artikel 4
De Algemeen directeur van Agentschap NL wordt mandaat en machtiging verleend tot het nemen van besluiten en het verrichten van handelingen die verband houden met de uitvoering van taken als bedoeld in onderdeel D van de bijlage bij dit besluit.
Artikel 4a
De Algemeen directeur van Agentschap NL wordt mandaat en machtiging verleend voor het nemen van besluiten en het verrichten van handelingen die verband houden met de uitvoering van taken als bedoeld in onderdeel E van de bijlage bij dit besluit.
Artikel 5
De Algemeen directeur van Agentschap NL wordt:
a. a. mandaat verleend tot het nemen van besluiten op bezwaar tegen besluiten, bedoeld in de artikelen 1 tot en met 4a, voorzover het besluit waartegen bet bezwaar zich richt niet door hem in mandaat is genomen; b. b. machtiging verleend tot het verrichten van alle voorbereidende werkzaamheden of handelingen met betrekking tot het nemen van besluiten op bezwaar als bedoeld onder a.
Artikel 6
De Algemeen directeur van Agentschap NL kan met betrekking tot zijn bevoegdheden bedoeld in de artikelen 1 tot en met 5, ondermandaat, volmacht en/of machtiging verlenen aan een of meer onder hem ressorterende functionarissen, voor zover het besluit waartegen het bezwaar zich richt niet door dezelfde functionaris is genomen.
Artikel 7
Indien uitvoering wordt gegeven aan de artikelen 1 tot en met 6, luidt de ondertekening:
a. a. Indien wordt gehandeld namens de Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer: De Minister van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer, voor deze: gevolgd door de functieaanduiding, de handtekening en de naam van de betrokken functionaris. b. b. Indien mede namens de Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat wordt gehandeld: De Staatssecretaris van Volkshuisvesting, Ruimtelijke Ordening en Milieubeheer mede namens de Staatssecretaris van Verkeer en Waterstaat, voor dezen: gevolgd door de functieaanduiding, de handtekening en de naam van de betrokken functionaris.
Artikel 8
1. Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 januari 2005.
2. Zo nodig in afwijking van het eerste lid worden het mandaat en de machtiging, genoemd in artikel 1, voor zover het taken betreft als bedoeld in onderdeel A, onder a, van de bijlage, pas uitgeoefend vanaf het tijdstip waarop artikel VIII van het bij koninklijke boodschap van 15 september 2004 ingediende wetsvoorstel tot wijziging van enkele belastingwetten c.a. (Overige fiscale maatregelen 2005) tot wet is verheven en in werking treedt.
3. In afwijking van het eerste lid worden het mandaat en de machtiging, genoemd in artikel 1, voor zover het taken betreft als bedoeld in onderdeel A, onder b, van de bijlage, pas uitgeoefend vanaf het tijdstip waarop de aanduiding ‘Service Centrum Grond’ niet meer voorkomt in het Besluit stortplaatsen en stortverboden afvalstoffen.
4. Zo nodig worden in afwijking van het eerste lid het mandaat en de machtiging, genoemd in artikel 4, voor zover het taken betreft als bedoeld in onderdeel D, onder i tot en met l van de bijlage, pas uitgeoefend vanaf het tijdstip waarop de Regeling uitvoeringskwaliteit bodembeheer in werking treedt.
Artikel 9
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit mandaat, volmacht en machtiging Agentschap NL Bodem+.