rijk/ministeriele-regeling/instellingsbesluit-begeleidingscommissie-grootschalig-risicogericht-testen/BWBR0044675/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

4.5 KiB

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Instellingsbesluit Begeleidingscommissie Grootschalig risicogericht testen BWBR0044675 ministeriele-regeling geldend 2021-01-13 https://wetten.overheid.nl/BWBR0044675 Instellingsbesluit Begeleidingscommissie Grootschalig risicogericht testen

Instellingsbesluit Begeleidingscommissie Grootschalig risicogericht testen

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. a.

    *minister:* Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport;

b. b.

    *commissie:* commissie, bedoeld in artikel 2, eerste lid.

Artikel 2

1. Er is een Begeleidingscommissie Grootschalig risicogericht testen.

2.

De commissie heeft tot taak:

a. a. het begeleiden van de opzet, uitrol en effectiviteit van de pilot Grootschalig risicogericht testen; b. b. het informeren van de minister over de aanpak en het verloop van de pilot; en c. c. het rapporteren aan de minister over de geleerde lessen voor verdere regionale opschaling en landelijke uitrol.

Artikel 3

1. De commissie bestaat uit een voorzitter en drie andere leden.

2. De voorzitter en de andere leden hebben zitting op persoonlijke titel en oefenen hun functie uit zonder last of ruggespraak.

3. De voorzitter en de andere leden worden door de minister benoemd.

4. De benoeming geschiedt voor de duur van de commissie.

5. Bij tussentijds vertrek van een lid kan de minister op voordracht van de voorzitter onderscheidenlijk de resterende leden een ander lid dan wel een andere voorzitter benoemen.

6. De voorzitter en overige leden kunnen op eigen verzoek of wegens ongeschiktheid, onbekwaamheid of op andere zwaarwegende gronden worden geschorst en ontslagen door de minister.

Artikel 4

Tot leden van de commissie worden benoemd:

a. a. de heer prof. dr. O.M. Dekkers, te Leiden, tevens voorzitter; b. b. de heer prof. dr. R.M.M. Crutzen, te Wijlre; c. c. de heer drs. E.I. Hofstra, te Leeuwarden; d. d. de heer drs. J.P.J. Lokker, te Bodegraven.

Artikel 5

De commissie wordt opgeheven met ingang van de eerste dag van de eerste maand na het uitbrengen van het eindrapport.

Artikel 6

1. De commissie wordt ondersteund door een secretaris.

2. De secretaris is voor de inhoudelijke uitvoering van zijn taak uitsluitend verantwoording schuldig aan de voorzitter van de commissie.

3. In de secretaris wordt voorzien door de minister.

4. De secretaris is geen lid van de commissie.

Artikel 7

1. De commissie stelt haar eigen werkwijze vast.

2. De commissie verstrekt aan de minister desgevraagd de door hem voor de uitoefening van zijn taak gewenste inlichtingen.

Artikel 8

1. De voorzitter en de andere leden ontvangen per vergadering een vergoeding, voor zover zij niet vallen onder de uitzondering van artikel 2, derde lid, van de Wet vergoedingen adviescolleges en commissies en hiermee niet het in artikel 6, eerste lid, van het Besluit vergoedingen adviescolleges en commissies bedoelde maximumbedrag overschrijden.

2. De vergoeding per vergadering van de leden bedraagt 3% van het maximum van salarisschaal 18 zoals overeengekomen in de laatstelijk afgesloten collectieve arbeidsovereenkomst voor rijksambtenaren.

3. De vergoeding per vergadering van de voorzitter bedraagt 130% van de hoogte van de vergoeding die aan de andere leden van de commissie is toegekend.

Artikel 9

De kosten van de commissie komen, voor zover goedgekeurd, voor rekening van de minister. Onder kosten worden in ieder geval verstaan de kosten voor de faciliteiten van vergaderingen.

Artikel 10

De commissie biedt de minister uiterlijk in het eerste kwartaal van 2021 het eindrapport aan.

Artikel 11

De commissie draagt zo snel mogelijk na beëindiging van haar werkzaamheden of, zo de omstandigheden daartoe aanleiding geven, zoveel eerder, de bescheiden betreffende die werkzaamheden over aan het archief van de Programmadirectie Covid-19 van het Ministerie van Volksgezondheid, Welzijn en Sport.

Artikel 12

1. Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant, waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 8 december 2020.

2. Dit besluit vervalt met ingang van de eerste dag van de eerste maand nadat de commissie het eindrapport heeft uitgebracht.

Artikel 13

Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Begeleidingscommissie Grootschalig risicogericht testen.