rijk/ministeriele-regeling/instellingsbesluit-commissie-archiefonderzoek-handelen-openbaar-ministerie-bij-s/BWBR0032132/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

3.4 KiB
Raw Blame History

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Instellingsbesluit Commissie Archiefonderzoek handelen Openbaar Ministerie bij seksueel misbruik Rooms-Katholieke Kerk BWBR0032132 ministeriele-regeling geldend 2012-10-26 https://wetten.overheid.nl/BWBR0032132 Instellingsbesluit Commissie Archiefonderzoek handelen Openbaar Ministerie bij seksueel misbruik Rooms-Katholieke Kerk

Instellingsbesluit Commissie Archiefonderzoek handelen Openbaar Ministerie bij seksueel misbruik Rooms-Katholieke Kerk

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. a.

    *de Commissie:* de Commissie Archiefonderzoek handelen Openbaar Ministerie bij seksueel misbruik Rooms-Katholieke Kerk;

b. b.

    *de Minister:* de Minister van Veiligheid en Justitie.

Artikel 2

Er is een Commissie Archiefonderzoek handelen Openbaar Ministerie bij seksueel misbruik Rooms-Katholieke Kerk.

Artikel 3

De commissie heeft tot taak onderzoek te doen naar:

a. a. de nog beschikbare archieven waarin mogelijk informatie te vinden zou zijn die inzicht kan geven in hoe het OM in de periode 1945-2010 omging met van seksueel misbruik verdachte geestelijken van de Rooms-Katholieke Kerk; b. b. de manier waarop het OM in de periode 1945-2010 is omgegaan met van seksueel misbruik verdachte geestelijken van de Rooms-Katholieke Kerk in vergelijking met andere verdachten van vergelijkbare delicten.

Artikel 4

1.

De leden van de Commissie zijn:

dr. M.W. van Boven mr. F.H. Koster

2. De leden van de Commissie kunnen op eigen aanvraag door de Minister tussentijds ontslagen worden.

Artikel 5

1. De Commissie heeft een secretaris.

2. De secretaris is voor zijn werkzaamheden verantwoording schuldig aan de Commissie.

3. Aan de secretaris kunnen andere medewerkers worden toegevoegd.

4. De secretaris en andere medewerkers zijn geen lid van de Commissie.

5. De Minister draagt, na overleg met de Commissie, zorg voor de nodige voorzieningen ten behoeve van de werkzaamheden van de Commissie.

Artikel 6

De Commissie kan zich op onderdelen van haar taak laten bijstaan door personen van zowel binnen als buiten de overheid, van wie de deskundige inbreng van belang kan zijn voor het onderzoek.

Artikel 7

1. De Commissie brengt uiterlijk op 30 april 2013 haar rapport uit aan de Minister.

2. Indien onvoorziene omstandigheden naar het oordeel van de Commissie in de weg staan aan het tijdig uitbrengen van een deugdelijk rapport, dan stelt de Commissie de Minister daarvan onverwijld op de hoogte.

3. De Minister beslist over de eventuele verlenging van de termijn bedoeld in het eerste lid en brengt de Commissie daarvan schriftelijk op de hoogte.

4. Na het uitbrengen van het rapport wordt de Commissie opgeheven.

Artikel 8

De archiefbescheiden van de Commissie worden na haar opheffing, of zo de omstandigheden daartoe eerder aanleiding geven, zoveel eerder, overgebracht naar het archief van het Ministerie van Veiligheid en Justitie.

Artikel 9

Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot 1 juli 2012.

Artikel 10

Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Commissie Archiefonderzoek handelen Openbaar Ministerie bij seksueel misbruik Rooms-Katholieke Kerk.

Artikel 11

Dit besluit wordt met de toelichting in de Staatscourant geplaatst.