rijk/ministeriele-regeling/instellingsbesluit-nederlands-comité-voor-ondernemerschap-en-financiering/BWBR0030384/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

4 KiB
Raw Blame History

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Instellingsbesluit Nederlands Comité voor Ondernemerschap en Financiering BWBR0030384 ministeriele-regeling geldend 2011-09-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0030384 Instellingsbesluit Nederlands Comité voor Ondernemerschap en Financiering

Instellingsbesluit Nederlands Comité voor Ondernemerschap en Financiering

Artikel 1

In dit besluit wordt verstaan onder:

a. a.

    *de minister:* de Minister van Economische Zaken;

b. b.

    *Comité:* het Nederlands Comité voor Ondernemerschap en Financiering.

Artikel 2

1. Er is een Nederlands Comité voor Ondernemerschap en Financiering.

2.

Het Comité heeft tot taak:

a. a. het verankeren en toekomstbestendig maken van microfinanciering in Nederland en het zoeken van verbindingen die daarvoor nodig zijn, met bijvoorbeeld banken, Kamer van Koophandel, Koninklijke Vereniging MKB-Nederland en het onderwijs; b. b. het vergroten van de (lokale) bekendheid van microfinanciering en het netwerk dat dit aanbiedt; c. c. het vergroten van het bereik van bestaande microfinancieringsmogelijkheden zowel op het gebied van coaching als krediet bij potentiële en bestaande ondernemers; d. d. het bijdragen aan een verdere uitrol van de beschikbaarheid van coaching voor (startende) ondernemers; e. e. het versterken van de relatie tussen de landelijk werkende organisaties en het bevorderen van de aansluiting van nieuwe, kansrijke initiatieven; f. f. het internationaal (zowel op Europees vlak als daarbuiten) presenteren van de Nederlandse opzet van microfinanciering, alsmede de kennis en ervaring uit het buitenland toepassen op de Nederlandse situatie.

Artikel 3

1. Het Comité bestaat uit een voorzitter en ten hoogste drie andere leden.

2. De voorzitter en de andere leden worden door de minister benoemd. De voorzitter en de andere leden kunnen door de minister worden geschorst en ontslagen.

3. De leden brengen op persoonlijke titel hun kennis en ervaring in en treden niet op als vertegenwoordiger van een specifieke belangengroep.

Artikel 4

1. Het Comité stelt zijn eigen werkwijze schriftelijk vast.

2. De minister voorziet in het secretariaat van het Comité.

3. Het beheer van de bescheiden betreffende de werkzaamheden van het Comité geschiedt op overeenkomstige wijze als bij het Ministerie van Economische Zaken. De bescheiden worden na beëindiging van de werkzaamheden van het Comité opgeborgen in het archief van dat ministerie.

4. Het Comité verstrekt desgevraagd aan de minister de voor de uitoefening van zijn taak benodigde inlichtingen. De minister kan inzage vorderen van zakelijke gegevens en bescheiden, voor zover dat voor de vervulling van zijn taak redelijkerwijs nodig is.

Artikel 5

Met ingang van 1 september 2013 worden tot lid van het Comité benoemd:

a. a. de heer jhr. drs. D. Laman Trip, te Velp, tevens voorzitter; b. b. Hare Majesteit de Koningin; c. c. de heer drs. Chr. P. Buijink, te Amsterdam; d. d. mevrouw H.M.N. Dura van Oord, te Den Haag.

Artikel 6

1. Aan de voorzitter van het Comité wordt een vaste vergoeding per maand toegekend, waarbij de salarisschaal wordt vastgesteld op schaal 18 van bijlage B van het Bezoldigingsbesluit burgerlijke rijksambtenaren 1984 en de arbeidsduurfactor op 0,073.

2. Aan de leden van het Comité, genoemd in artikel 5, onderdelen c en d, wordt een vaste vergoeding per maand toegekend, waarbij de salarisschaal wordt vastgesteld op schaal 16 van bijlage B van het Bezoldigingsbesluit burgerlijke rijksambtenaren 1984 en de arbeidsduurfactor op 0,046.

Artikel 7

1. Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst en werkt terug tot en met 1 juli 2011.

2. Dit besluit vervalt met ingang van 1 juli 2014.

Artikel 8

Dit besluit wordt aangehaald als: Instellingsbesluit Nederlands Comité voor Ondernemerschap en Financiering.