rijk/ministeriele-regeling/mandaatbesluit-bevoegdheid-tot-beëdiging-buitengewoon-opsporingsambtenaar/BWBR0029739/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

39 lines
2.5 KiB
Markdown
Raw Blame History

This file contains invisible Unicode characters

This file contains invisible Unicode characters that are indistinguishable to humans but may be processed differently by a computer. If you think that this is intentional, you can safely ignore this warning. Use the Escape button to reveal them.

---
titel: Mandaatbesluit bevoegdheid tot beëdiging buitengewoon opsporingsambtenaar
bwb_id: BWBR0029739
type: ministeriele-regeling
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '2011-03-23'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0029739
citeertitel: Mandaatbesluit bevoegdheid tot beëdiging buitengewoon opsporingsambtenaar
---
# Mandaatbesluit bevoegdheid tot beëdiging buitengewoon opsporingsambtenaar
### Artikel 1
**1.** Aan de direct toezichthouder, aangewezen krachtens artikel 36, eerste en derde lid, van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar, wordt mandaat verleend van de bevoegdheid tot het afleggen van de eden, verklaringen en beloften, bedoeld in artikel 20, eerste lid, van dat Besluit.
**2.** Het in het eerste lid bedoelde mandaat wordt ten aanzien van een te beëdigen persoon die behoort tot een dienst die ressorteert onder een ministerie, tevens verleend aan het hoofd van die dienst.
### Artikel 2
**1.** De direct toezichthouder kan bepalen dat het afleggen van de eden, verklaringen en beloften, bedoeld in artikel 20, eerste lid, van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar, namens hem geschied in handen van politiefunctionarissen in de rang van commissaris.
**2.** In aanvulling op het eerste lid kan het hoofd van een onder de centrale overheid ressorterende landelijke dienst, bepalen dat het afnemen van de eden, verklaringen en beloften, bedoeld in artikel 20, eerste lid, van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar, namens hem geschiedt in handen van zijn plaatsvervanger.
**3.** Het hoofd van dienst, genoemd in artikel 1, tweede lid, kan bepalen dat het afleggen van de eden, verklaringen en beloften, bedoeld in artikel 20, eerste lid, van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar, namens hem geschiedt in handen van zijn plaatsvervanger.
**4.** In aanvulling op het derde lid kan de Commandant Koninklijke Marechaussee, in zijn hoedanigheid van hoofd van dienst, bepalen dat het afleggen van de eden, verklaringen en beloften, bedoeld in artikel 20, eerste lid, van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar, namens hem geschiedt in handen van door hem aan te wijzen commandanten.
### Artikel 3
Het Mandaatbesluit bevoegdheid tot beëdiging buitengewoon opsporingsambtenaar van 7 juni 2004, nr. 5290571/504, wordt ingetrokken.
### Artikel 4
Dit besluit treedt in werking met ingang van de dag na dagtekening van de Staatscourant waarin het wordt geplaatst.
### Artikel 5
Dit besluit wordt aangehaald als: Mandaatbesluit bevoegdheid tot beëdiging buitengewoon opsporingsambtenaar.