40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
5.3 KiB
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling stimulering ict universitaire lerarenopleidingen 1999 - 2001 | BWBR0010783 | ministeriele-regeling | geldend | 1999-11-06 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0010783 | Regeling stimulering ict universitaire lerarenopleidingen 1999 - 2001 |
Regeling stimulering ict universitaire lerarenopleidingen 1999 - 2001
Paragraaf 1. Inleidende bepalingen
Artikel 1
a. a. minister: de minister van onderwijs, cultuur en wetenschappen; b. b. WHW: de Wet op het hoger onderwijs en wetenschappelijk onderzoek. c. c. lerarenopleiding: een universitaire eerstegraads lerarenopleiding als bedoeld in artikel 7.4, vierde lid, van de WHW; d. d. universiteit: één van de openbare universiteiten te Amsterdam, Delft, Eindhoven, Enschede, Groningen, Leiden en Utrecht, de bijzondere universiteit te Amsterdam of de bijzondere universiteit te Nijmegen waaraan een lerarenopleiding verbonden is; e. e. ict: informatie- en communicatietechnologie;
Artikel 2
De minister verstrekt aan een universiteit een projectsubsidie voor de ontwikkeling en toepassing van ictten behoeve van de opleiding en nascholing van docenten aan de lerarenopleiding op grond van een door de minister goedgekeurd activiteitenplan en bijbehorende begroting.
Artikel 3
Subsidie wordt verleend aan een universiteit.
Artikel 4
Voor subsidieverlening op grond van deze regeling is voor het studiejaar 1999 - 2000 een bedrag van ƒ 892.500,- en voor het studiejaar 2000 - 2001 een bedrag van ƒ 630.000,- beschikbaar.
Paragraaf 2. Subsidieaanvraag
Artikel 5
Subsidie wordt op aanvraag verleend.
Artikel 6
De subsidieaanvraag omvat:
a. a. een activiteitenplan, en b. b. een begroting.
Artikel 7
Het activiteitenplan omvat een overzicht van de aard en omvang van de voorgenomen activiteiten en vermeldt de daarmee beoogde doelstellingen.
Artikel 8
1. De subsidieaanvraag wordt ingediend voor 15 december 1999.
2.
De aanvraag wordt in tweevoud ingediend en gericht aan:
• • De minister van onderwijs, cultuur en wetenschappen, ter attentie van de directie Wetenschappelijk Onderwijs Postbus 25000 2700 LZ Zoetermeer.
Paragraaf 3. Subsidieverlening
Artikel 9
De minister voorziet in een gelijktijdige beslissing op de aanvragen van projecten op basis van:
a. a. een vergelijking van hun geschiktheid om bij te dragen aan de doelstellingen van de subsidie, en b. b. het aantal lerarenopleidingen alsmede het aantal studenten aan deze opleidingen.
Artikel 10
1. De minister beslist over de subsidieverlening mede op basis van het advies van externe deskundigen.
2. Onverminderd het bepaalde in deze regeling beoordelen de externe deskundigen de kwaliteit van de aanvragen en letten daarbij in het bijzonder op of de projectvoorstellen aansluiten bij de speerpunten uit "Onderwijs On line - verbindingen naar de toekomst": deskundigheidsbevordering, methoden en software, beheer en kennisnet.
Artikel 11
Subsidie wordt verleend voor twee jaar.
Artikel 12
In geval van het niet vervullen van de voorwaarde, bedoeld in artikel 4:34, eerste lid, van de Algemene wet bestuursrecht, worden de op grond van de artikel 4 en 9 verleende subsidiebedragen verlaagd tot het bedrag van de subsidie dat na de vaststelling of goedkeuring van de begroting ter beschikking staat, een en ander naar rato van het aantal subsidieaanvragers aan wie subsidie is verleend en van de hoogte van de verleende subsidiebedragen.
Paragraaf 4. Verplichtingen subsidie-ontvanger
Artikel 13
De subsidieontvanger werkt mee aan door of namens de minister ingestelde onderzoekingen die erop gericht zijn de minister inlichtingen te verschaffen ten behoeve van de ontwikkeling van beleid.
Artikel 14
De subsidieontvanger vormt een egalisatiereserve als bedoeld in artikel 4:72 van de Algemene wet bestuursrecht.
Artikel 15
Het financieel verslag gaat vergezeld van een verklaring omtrent de getrouwheid, afgegeven door een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2 van het Burgerlijk Wetboek.
Artikel 16
1. Het verslag van activiteiten bevat een overzicht van de werkzaamheden waarvoor subsidie is verstrekt en van de daarmee bereikte resultaten.
2. De inrichting van het verslag komt overeen met de inrichting van het activiteitenplan.
3. Het verslag bevat, voorzover van toepassing, een analyse van verschillen tussen de voorgenomen activiteiten en beoogde resultaten, vermeld in het activiteitenplan, en de feitelijke realisatie.
Paragraaf 5. Betaling
Artikel 17
De minister verleent de subsidieontvanger in het tweede kwartaal van 2000 en in het tweede kwartaal van 2001 een voorschot van 100% op het voor dat jaar verleende subsidiebedrag.
Paragraaf 6. Slotbepalingen
Artikel 18
Deze regeling zal met de toelichting in Uitleg OCenW-Regelingen worden geplaatst. Van deze plaatsing zal mededeling worden gedaan in de Staatscourant.
Artikel 19
Deze regeling treedt in werking met ingang van de derde dag na de datum van uitgifte van Uitleg OCenW-Regelingen waarin deze regeling wordt geplaatst.
Artikel 20
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling stimulering ict universitaire lerarenopleidingen 1999 - 2001.