rijk/ministeriele-regeling/uitvoeringsbeschikking-kansspelbelasting/BWBR0002363/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

2.3 KiB

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Uitvoeringsbeschikking kansspelbelasting BWBR0002363 ministeriele-regeling geldend 2017-12-28 https://wetten.overheid.nl/BWBR0002363 Uitvoeringsbeschikking kansspelbelasting

Uitvoeringsbeschikking kansspelbelasting

Artikel 1

Voor de toepassing van het bij deze regeling bepaalde wordt verstaan onder:

Artikel 1a

Het tijdstip waarop de belasting, bedoeld in artikel 6 van de wet, in het kalenderjaar is verschuldigd, is:

a. a. de laatste dag van de kalendermaand waarin de prijs ter beschikking is gesteld, indien:

      1°.
      de inhoudingsplichtige meerdere keren per kwartaal binnenlandse kansspelen organiseert waarop artikel 1, eerste lid, onderdeel g, van de wet van toepassing is; en

1°. 1°. de inhoudingsplichtige meerdere keren per kwartaal binnenlandse kansspelen organiseert waarop artikel 1, eerste lid, onderdeel g, van de wet van toepassing is; en b. b. de laatste dag van het kalenderkwartaal waarin de prijs ter beschikking is gesteld, indien:

      1°.
      de afgedragen belasting, bedoeld in artikel 6 van de wet, in de aan het kalenderjaar voorafgaande twee kalenderjaren per kwartaal gemiddeld niet meer heeft bedragen dan € 15.000; en
    
    
      2°.
      aan de inhoudingsplichtige in de aan het kalenderjaar voorafgaande twee kalenderjaren niet meer dan twee naheffingaanslagen zijn opgelegd ter zake van de belasting, bedoeld in artikel 6 van de wet.

1°. 1°. de afgedragen belasting, bedoeld in artikel 6 van de wet, in de aan het kalenderjaar voorafgaande twee kalenderjaren per kwartaal gemiddeld niet meer heeft bedragen dan € 15.000; en 2°. 2°. aan de inhoudingsplichtige in de aan het kalenderjaar voorafgaande twee kalenderjaren niet meer dan twee naheffingaanslagen zijn opgelegd ter zake van de belasting, bedoeld in artikel 6 van de wet.

Artikel 2

Vervallen

Artikel 3

Vervallen

Artikel 4

De aanslagbiljetten van de naheffingsaanslagen worden in afwijking van artikel 8 van de Invorderingswet 1990 (Stb. 221) verzonden door de inspecteur.

Artikel 5

1. Deze regeling kan worden aangehaald als: Uitvoeringsbeschikking kansspelbelasting.

2. Zij treedt in werking op het tijdstip waarop de wet in werking treedt.