rijk/wet/wet-medefinanciering-oververtegenwoordiging-oudere-ziekenfondsverzekerden/BWBR0003933/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

8.5 KiB

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Wet medefinanciering oververtegenwoordiging oudere ziekenfondsverzekerden BWBR0003933 wet geldend 1986-04-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0003933 Wet medefinanciering oververtegenwoordiging oudere ziekenfondsverzekerden

Wet medefinanciering oververtegenwoordiging oudere ziekenfondsverzekerden

Hoofdstuk I. Inleidende bepalingen

Artikel 1

In deze wet en de daarop berustende bepalingen wordt verstaan onder:

a. a. overeenkomsten van ziektekostenverzekering: overeenkomsten van directe verzekering die strekken tot vergoeding van kosten van geneeskundige hulp aan personen die in Nederland hun woonplaats hebben, met uitzondering van overeenkomsten van arbeidsongeschiktheidsverzekering, overeenkomsten van ongevallenverzekering, overeenkomsten van reisverzekering en andere overeenkomsten van verzekering waarbij kosten van geneeskundige hulp uitsluitend aanvullend worden gedekt; b. b. ziektekostenverzekeringsbedrijf: het als bedrijf sluiten van overeenkomsten van ziektekostenverzekering voor eigen rekening, met inbegrip van het afwikkelen van de in dat bedrijf gesloten overeenkomsten van ziektekostenverzekering, ook al wordt daarmee niet beoogd het maken van winst; c. c. verzekeraar: ieder die het ziektekostenverzekeringsbedrijf uitoefent; d. d. ziekenfonds: iedere rechtspersoon, toegelaten overeenkomstig artikel 34, eerste lid, van de Ziekenfondswet; e. e. uitvoeringsorgaan: het uitvoeringsorgaan, bedoeld in artikel 17 van de Wet op de toegang tot ziektekostenverzekeringen 1998; f. f. Onze Minister: Onze Minister van Financiën.

Artikel 2

De Pensioen- & Verzekeringskamer beslist voor de toepassing van deze wet of een handeling of een samenstel van handelingen al dan niet uitoefening van het ziektekostenverzekeringsbedrijf vormt. Zij beslist ambtshalve dan wel op verzoek van hetzij degene die de handeling of het samenstel van handelingen verricht of voornemens is te verrichten, hetzij een representatieve organisatie van verzekeraars als bedoeld in artikel 8, eerste lid.

Artikel 3

Als verzekeraars worden niet beschouwd:

a. a. ziekenfondsen; b. b. organen die publiekrechtelijke ziektekostenregelingen voor ambtenaren uitvoeren; c. c. het Uitvoeringsinstituut werknemersverzekeringen, genoemd in hoofdstuk 5 van de Wet structuur uitvoeringsorganisatie werk en inkomen.

Hoofdstuk II. De medefinancieringsregeling

Artikel 4

1. Per 1 januari van ieder jaar wordt het aantal verzekerden vastgesteld ingevolge de verplichte ziekenfondsverzekering van 65 jaar en ouder, dat hoger is dan het aantal dat verhoudingsgewijs overeenkomt met het aantal personen van 65 jaar en ouder in de gehele Nederlandse bevolking, volgens de bevolkingsstatistieken van het Centraal Bureau voor de Statistiek.

2. Per 1 januari van ieder jaar wordt het bedrag vastgesteld van de gemiddelde uitgaven in het voorgaande jaar gedaan per verzekerde ingevolge de verplichte ziekenfondsverzekering van 65 jaar en ouder, verminderd met de gemiddelde uitgaven in het voorgaande jaar ingevolge de verplichte ziekenfondsverzekering gedaan per verzekerde jonger dan 65 jaar.

3. Onze Minister van Volksgezondheid, Welzijn en Sport stelt, in overeenstemming met Onze Minister en Onze Ministers van Economische Zaken en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid jaarlijks het mede te financieren bedrag vast en geeft hiervan kennis aan het uitvoeringsorgaan. Het bedrag wordt verkregen door vermenigvuldiging van het krachtens het eerste lid vastgestelde aantal verzekerden met het krachtens het tweede lid vastgestelde bedrag. Bij ministeriële regeling kan het Rijk een bijdrage leveren aan de Algemene Kas, bedoeld in de Ziekenfondswet, ter verlaging van het mede te financieren bedrag.

4. Bij algemene maatregel van bestuur worden nadere voorschriften gegeven met betrekking tot de vaststelling van de in het eerste en tweede lid bedoelde gegevens.

Artikel 5

1. Het ingevolge artikel 4, derde lid, vastgestelde bedrag wordt volgens bij algemene maatregel van bestuur vast te stellen, naar leeftijdscategorieën te onderscheiden wegingsfactoren over de verzekerden omgeslagen. De omslagbijdrage maakt, behoudens voor zover toepassing is gegeven aan het tweede lid, deel uit van de door de verzekeraars aan de verzekerden in rekening te brengen premie.

2. Bij de in het eerste lid bedoelde algemene maatregel van bestuur kan worden bepaald dat geen omslag plaatsvindt over bij die maatregel aan te duiden verzekerden. De voordracht voor een krachtens de eerste volzin vast te stellen maatregel wordt niet gedaan dan nadat het ontwerp aan de beide kamers der Staten-Generaal is overgelegd en sedert die overlegging vier weken zijn verstreken.

Hoofdstuk III. Uitvoering van de medefinancieringsregeling

Artikel 6

Vervallen

Artikel 7

Vervallen

Artikel 8

Vervallen

Artikel 9

Vervallen

Artikel 10

Vervallen

Artikel 11

Vervallen

Artikel 12

1. De verzekeraar verstrekt jaarlijks voor 1 april aan het uitvoeringsorgaan in tweevoud een opgave van het aantal verzekerden op 1 januari van dat jaar per leeftijdscategorie, vast te stellen krachtens artikel 5.

2. De verzekeraar doet de opgave vergezeld gaan van een verklaring van een accountant als bedoeld in artikel 393, eerste lid, van Boek 2, van het Burgerlijk Wetboek.

3. De verzekeraar verstrekt aan het uitvoeringsorgaan binnen een maand de nadere inlichtingen die dit orgaan voor de vaststelling van de rechten of verplichtingen van die verzekeraar mocht verlangen.

Artikel 13

1. Het uitvoeringsorgaan stelt per verzekerde per leeftijdscategorie, behoudens voor zover toepassing is gegeven aan artikel 5, tweede lid, de omslagbijdrage vast. Het uitvoeringsorgaan deelt de vastgestelde omslagbijdragen uiterlijk 31 oktober van het lopende kalenderjaar mee aan Onze Minister.

2. De omslagbijdrage behoeft de goedkeuring van Onze Minister.

3. In geval van onthouding van goedkeuring stelt het uitvoeringsorgaan, met inachtneming van door Onze Minister te geven aanwijzingen, de omslagbijdrage opnieuw vast.

4. Indien Onze Minister na de in het derde lid bedoelde vaststelling aan de omslagbijdrage eveneens goedkeuring onthoudt, stelt hij zelf de omslagbijdrage vast.

5. Het uitvoeringsorgaan stelt op grond van de in artikel 12, eerste lid, bedoelde opgave voor iedere verzekeraar het totaal van de omslagbijdragen van diens verzekerden vast.

6. De verzekeraar is het ingevolge het vijfde lid vastgestelde bedrag aan het uitvoeringsorgaan verschuldigd.

7. De verzekeraar is verplicht het ingevolge het zesde lid verschuldigde bedrag binnen een maand na het eerste betalingsverzoek aan het uitvoeringsorgaan te voldoen. Bij overschrijding van deze termijn zijn de wettelijke interesten verschuldigd, berekend van het tijdstip waarop de overschrijding is aangevangen.

8. Het uitvoeringsorgaan kan bepalen dat het verschuldigde bedrag in termijnen door de verzekeraar wordt voldaan en dat voorschotten op het verschuldigde bedrag worden betaald.

9. Het uitvoeringsorgaan stort de van de verzekeraars ontvangen bedragen met bekwame spoed in de Algemene Kas, bedoeld in de Ziekenfondswet.

Artikel 14

Vervallen

Artikel 15

Vervallen

Hoofdstuk IV. Overige bepalingen

Artikel 16

Vervallen

Artikel 17

1. Voor de uitvoering van deze wet kunnen bij of krachtens algemene maatregel van bestuur nadere regelen worden gesteld.

2. De voordracht tot het vaststellen van een koninklijk besluit ter uitvoering van deze wet wordt Ons gedaan door Onze Minister in overeenstemming met Onze Ministers van Volksgezondheid, Welzijn en Sport, van Economische Zaken en van Sociale Zaken en Werkgelegenheid. De Pensioen- & Verzekeringskamer verstrekt Onze Minister desgevraagd de inlichtingen die nodig zijn voor de beoordeling van de uitvoerbaarheid van het voorgenomen besluit.

Hoofdstuk V. Het beroep

Artikel 18

Tegen een op grond van deze wet genomen besluit kan een belanghebbende beroep instellen bij het College van Beroep voor het bedrijfsleven.

Hoofdstuk VI

Artikel 19

Vervallen

Artikel 20

Vervallen

Artikel 21

Vervallen

Artikel 22

Vervallen

Hoofdstuk VII. Slotbepalingen

Artikel 23

Vervallen

Artikel 24

Vervallen

Artikel 25

Deze wet treedt in werking met ingang van een bij koninklijk besluit te bepalen tijdstip.

Artikel 26

Deze wet kan worden aangehaald als: Wet medefinanciering oververtegenwoordiging oudere ziekenfondsverzekerden.