40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
113 lines
8.7 KiB
Markdown
113 lines
8.7 KiB
Markdown
---
|
|
titel: Protocol bij de Euro-mediterrane Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschappen
|
|
en hun lidstaten, enerzijds, en de Arabische Republiek Egypte, anderzijds, teneinde
|
|
rekening te houden met de toetreding van de Tsjechische Republiek, de Republiek
|
|
Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek
|
|
Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse
|
|
Republiek tot de Europese Unie
|
|
bwb_id: BWBV0001663
|
|
type: verdrag
|
|
status: geldend
|
|
datum_inwerkingtreding: '2005-10-01'
|
|
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBV0001663
|
|
citeertitel: Protocol bij de Euro-mediterrane Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschappen
|
|
en hun lidstaten, enerzijds, en de Arabische Republiek Egypte, anderzijds, teneinde
|
|
rekening te houden met de toetreding van de Tsjechische Republiek, de Republiek
|
|
Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek
|
|
Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse
|
|
Republiek tot de Europese Unie
|
|
---
|
|
|
|
# Protocol bij de Euro-mediterrane Overeenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Arabische Republiek Egypte, anderzijds, teneinde rekening te houden met de toetreding van de Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek tot de Europese Unie
|
|
|
|
### Artikel 1
|
|
|
|
De Tsjechische Republiek, de Republiek Estland, de Republiek Cyprus, de Republiek Letland, de Republiek Litouwen, de Republiek Hongarije, de Republiek Malta, de Republiek Polen, de Republiek Slovenië en de Slowaakse Republiek worden partij bij de Euro-mediterrane overeenkomst tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Arabische Republiek Egypte, anderzijds, en dienen, op dezelfde wijze als de andere lidstaten van de Gemeenschap, de teksten van de Overeenkomst, alsmede de gemeenschappelijke verklaringen, de verklaringen en de briefwisselingen respectievelijk goed te keuren en er nota van te nemen.
|
|
|
|
### Artikel 2
|
|
|
|
Teneinde rekening te houden met recente institutionele ontwikkelingen binnen de Europese Unie komen de Partijen overeen dat als gevolg van het verstrijken van het Verdrag tot oprichting van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal de bestaande bepalingen in de Overeenkomst die verwijzen naar de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal geacht worden te verwijzen naar de Europese Gemeenschap, die alle rechten en verplichtingen van de Europese Gemeenschap voor Kolen en Staal heeft overgenomen.
|
|
|
|
## Hoofdstuk I. WIJZIGINGEN AAN DE TEKST VAN DE EURO-MEDITERRANE OVEREENKOMST, MET INBEGRIP VAN DE BIJLAGEN EN PROTOCOLLEN
|
|
|
|
### Artikel 3
|
|
|
|
Wijzigt de Europees-mediterrane Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Arabische Republiek Egypte, anderzijds; Luxemburg, 25-06-2001
|
|
|
|
### Artikel 4
|
|
|
|
Wijzigt de Europees-mediterrane Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Arabische Republiek Egypte, anderzijds; Luxemburg, 25-06-2001
|
|
|
|
### Artikel 5
|
|
|
|
Wijzigt de Europees-mediterrane Overeenkomst waarbij een associatie tot stand wordt gebracht tussen de Europese Gemeenschappen en hun lidstaten, enerzijds, en de Arabische Republiek Egypte, anderzijds; Luxemburg, 25-06-2001
|
|
|
|
## Hoofdstuk II. OVERGANGSBEPALINGEN
|
|
|
|
### Artikel 6
|
|
|
|
**1.**
|
|
|
|
Bewijzen van oorsprong die op de juiste wijze zijn afgegeven door Egypte of een nieuwe lidstaat in het kader van preferentiële overeenkomsten of autonome regelingen die tussen hen van toepassing zijn, worden in de respectieve landen uit hoofde van dit protocol aanvaard, op voorwaarde dat:
|
|
|
|
a. a.
|
|
aanvaarding van dergelijke oorsprong betekent dat een preferentieel tarief wordt gehanteerd op basis van de preferentiële tariefmaatregelen die in de overeenkomst tussen de EU en Egypte zijn opgenomen of op basis van het communautaire stelsel van algemene tariefpreferenties;
|
|
b. b.
|
|
het bewijs van oorsprong en de vervoersdocumenten uiterlijk op de dag vóór de datum van toetreding zijn afgegeven;
|
|
c. c.
|
|
het bewijs van oorsprong binnen de periode van vier maanden na de datum van toetreding wordt ingediend.
|
|
|
|
Indien goederen vóór de datum van toetreding zijn aangegeven voor invoer in Egypte of een nieuwe lidstaat op grond van op dat tijdstip tussen Egypte en die nieuwe lidstaat geldende preferentiële overeenkomsten of autonome regelingen, kunnen op grond van die overeenkomsten of regelingen nadien afgegeven bewijzen van oorsprong ook worden aanvaard, mits het bewijs binnen vier maanden na de datum van toetreding aan de douaneautoriteiten wordt overgelegd.
|
|
|
|
**2.**
|
|
|
|
Egypte en de nieuwe lidstaten mogen vergunningen waarmee de status van „toegelaten exporteur" is verleend in het kader van preferentiële overeenkomsten of autonome regelingen die zij onderling toepassen, blijven gebruiken, mits:
|
|
|
|
a. a.
|
|
een dergelijke bepaling ook is opgenomen in de door Egypte vóór de toetredingsdatum met de Gemeenschap gesloten overeenkomst, en;
|
|
b. b.
|
|
de toegelaten exporteurs de regels van oorsprong uit hoofde van die overeenkomst toepassen.
|
|
|
|
Deze vergunningen moeten uiterlijk één jaar na de datum van toetreding worden vervangen door nieuwe vergunningen die onder de voorwaarden van de Overeenkomst zijn afgegeven.
|
|
|
|
**3.** Verzoeken om controle achteraf van bewijzen van oorsprong die zijn afgegeven op grond van de preferentiële overeenkomsten of autonome regelingen als bedoeld in de leden 1 en 2, moeten gedurende een periode van drie jaar na de afgifte van het betrokken bewijs van oorsprong worden aanvaard door de bevoegde douaneautoriteiten van Egypte of de nieuwe lidstaten, en kunnen gedurende een periode van drie jaar vanaf de aanvaarding van het bewijs van oorsprong nog worden gedaan door die autoriteiten ter rechtvaardiging van een invoeraangifte.
|
|
|
|
### Artikel 7
|
|
|
|
**1.** De bepalingen van de Overeenkomst zijn van toepassing op goederen die worden uitgevoerd uit Egypte naar een van de nieuwe lidstaten of uit een van de nieuwe lidstaten naar Egypte, die voldoen aan het bepaalde in protocol 4 en die op de dag van toetreding onderweg zijn of zich in tijdelijke opslag bevinden in een douane-entrepot of in een vrije zone in Egypte of de betrokken nieuwe lidstaat.
|
|
|
|
**2.** In dergelijke gevallen mag preferentiële behandeling worden verleend, mits binnen vier maanden na de datum van toetreding bij de douaneautoriteiten van het land van invoer een bewijs van oorsprong wordt ingediend dat achteraf is afgegeven door de douaneautoriteiten van het land van uitvoer.
|
|
|
|
## Hoofdstuk III. ALGEMENE BEPALINGEN EN SLOTBEPALINGEN
|
|
|
|
### Artikel 8
|
|
|
|
De Arabische Republiek Egypte verbindt zich ertoe geen claim, verzoek of beroep in te dienen, noch concessies te wijzigen of in te trekken op grond van de artikelen XXIV.6 en XXVIII van de GATT 1994 naar aanleiding van deze uitbreiding van de Gemeenschap.
|
|
|
|
### Artikel 9
|
|
|
|
Voor het jaar 2004 moeten de omvang van de nieuwe tariefcontingenten en de verhoging van de omvang van de bestaande tariefcontingenten worden berekend naar rata van de basishoeveelheden, rekening houdend met het gedeelte van de periode dat is verstreken voor de datum vanaf wanneer dit protocol wordt toegepast.
|
|
|
|
### Artikel 10
|
|
|
|
Dit protocol vormt een integrerend deel van de Euro-mediterrane overeenkomst. De bijlagen en de verklaring bij dit protocol vormen een integrerend onderdeel daarvan.
|
|
|
|
### Artikel 11
|
|
|
|
**1.** Dit protocol wordt door de Gemeenschappen, door de Raad van de Europese Unie namens de lidstaten en door de Arabische Republiek Egypte volgens hun eigen procedures goedgekeurd.
|
|
|
|
**2.** De partijen stellen elkaar in kennis van de voltooiing van de desbetreffende procedures bedoeld in voorgaand lid. De akten van goedkeuring worden neergelegd bij het Secretariaat-generaal van de Raad van de Europese Unie.
|
|
|
|
### Artikel 12
|
|
|
|
**1.** Dit protocol treedt in werking op de eerste dag van de eerste maand na de datum van de neerlegging van de laatste akte van goedkeuring.
|
|
|
|
**2.** Dit protocol is voorlopig van toepassing met ingang van 1 mei 2004.
|
|
|
|
### Artikel 13
|
|
|
|
Dit protocol is opgesteld in tweevoud in elk van de officiële talen van de overeenkomstsluitende partijen, zijnde alle teksten gelijkelijk authentiek.
|
|
|
|
### Artikel 14
|
|
|
|
De tekst van de Euro-mediterrane overeenkomst, de bijlagen en de protocollen die daarvan een integrerend deel vormen, de slotakte en de daaraan gehechte verklaringen worden opgemaakt in de Estse, de Hongaarse, de Letse, de Litouwse, de Maltese, de Poolse, de Sloveense, de Slowaakse en de Tsjechische taal, en die teksten zijn evenzeer authentiek als de oorspronkelijke teksten. De Associatieraad moet deze teksten goedkeuren.
|