rijk/verdrag/protocol-opgesteld-op-grond-van-artikel-k3-van-het-verdrag-betreffende-de-europe/BWBV0001528/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

14 KiB
Raw Blame History

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Protocol, opgesteld op grond van artikel K.3 van het Verdrag betreffende de Europese Unie, bij de Overeenkomst aangaande de bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen BWBV0001528 verdrag geldend 2002-10-17 https://wetten.overheid.nl/BWBV0001528 Protocol, opgesteld op grond van artikel K.3 van het Verdrag betreffende de Europese Unie, bij de Overeenkomst aangaande de bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen

Protocol, opgesteld op grond van artikel K.3 van het Verdrag betreffende de Europese Unie, bij de Overeenkomst aangaande de bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen

Artikel 1

Voor de toepassing van dit Protocol bij de Overeenkomst aangaande de bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen:

      a.
      wordt onder „ambtenaar” verstaan, een „communautair” of een „nationaal” ambtenaar, met inbegrip van elke nationale ambtenaar van een andere Lid-Staat;
    
    
      b.
      wordt onder „communautair ambtenaar” verstaan:
      
        
          
           eenieder die bij overeenkomst is aangesteld in de hoedanigheid van ambtenaar of ander personeelslid in de zin van het Statuut van de ambtenaren van de Europese Gemeenschappen of van de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Gemeenschappen;
        
        
          
           eenieder die door de Lid-Staten of door een overheids- of particuliere instelling ter beschikking van de Europese Gemeenschappen is gesteld om daar functies uit te oefenen die overeenstemmen met de functies die worden uitgeoefend door ambtenaren of andere personeelsleden van de Europese Gemeenschappen;
        
      
      Met ambtenaren van de Europese Gemeenschappen worden gelijkgesteld de leden van de organen die overeenkomstig de Verdragen tot oprichting van de Europese Gemeenschappen in het leven zijn geroepen, alsook de personeelsleden van deze organen, voor zover het Statuut van de ambtenaren van de Europese Gemeenschappen of de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Gemeenschappen niet voor hen geldt;
    
    
      c.
      wordt de term „nationaal ambtenaar” uitgelegd overeenkomstig de definitie van „ambtenaar” of „overheidspersoon” in de zin van het nationale recht van de Lid-Staat waar de betrokkene die hoedanigheid heeft voor de toepassing van het strafrecht van die Lid-Staat.
    
  
  Wanneer een Lid-Staat echter strafvervolging instelt tegen een ambtenaar van een andere Lid-Staat, behoeft deze de definitie van „nationaal ambtenaar” alleen toe te passen voor zover dat verenigbaar is met zijn nationale recht;

a. a. wordt onder „ambtenaar” verstaan, een „communautair” of een „nationaal” ambtenaar, met inbegrip van elke nationale ambtenaar van een andere Lid-Staat; b. b. wordt onder „communautair ambtenaar” verstaan:

          
           eenieder die bij overeenkomst is aangesteld in de hoedanigheid van ambtenaar of ander personeelslid in de zin van het Statuut van de ambtenaren van de Europese Gemeenschappen of van de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Gemeenschappen;
        
        
          
           eenieder die door de Lid-Staten of door een overheids- of particuliere instelling ter beschikking van de Europese Gemeenschappen is gesteld om daar functies uit te oefenen die overeenstemmen met de functies die worden uitgeoefend door ambtenaren of andere personeelsleden van de Europese Gemeenschappen;
        
      
      Met ambtenaren van de Europese Gemeenschappen worden gelijkgesteld de leden van de organen die overeenkomstig de Verdragen tot oprichting van de Europese Gemeenschappen in het leven zijn geroepen, alsook de personeelsleden van deze organen, voor zover het Statuut van de ambtenaren van de Europese Gemeenschappen of de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Gemeenschappen niet voor hen geldt;

eenieder die bij overeenkomst is aangesteld in de hoedanigheid van ambtenaar of ander personeelslid in de zin van het Statuut van de ambtenaren van de Europese Gemeenschappen of van de regeling welke van toepassing is op de andere personeelsleden van de Europese Gemeenschappen; eenieder die door de Lid-Staten of door een overheids- of particuliere instelling ter beschikking van de Europese Gemeenschappen is gesteld om daar functies uit te oefenen die overeenstemmen met de functies die worden uitgeoefend door ambtenaren of andere personeelsleden van de Europese Gemeenschappen; c. c. wordt de term „nationaal ambtenaar” uitgelegd overeenkomstig de definitie van „ambtenaar” of „overheidspersoon” in de zin van het nationale recht van de Lid-Staat waar de betrokkene die hoedanigheid heeft voor de toepassing van het strafrecht van die Lid-Staat. 2. 2. wordt onder „Overeenkomst” verstaan: de Overeenkomst die op 26 juli 1995 is vastgesteld op grond van artikel K.3 van het Verdrag betreffende de Europese Unie, aangaande de bescherming van de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen.1)PBEG nr. C 316 van 27.11.1995, blz. 49.

Artikel 2

1. Voor de toepassing van dit Protocol bestaat passieve corruptie in het feit dat een ambtenaar opzettelijk, onmiddellijk of middellijk, voordelen, ongeacht de aard daarvan, voor zichzelf of voor een ander aanneemt of vraagt, dan wel ingaat op een desbetreffende toezegging ten einde in strijd met zijn ambtsplicht, een ambtshandeling of een handeling in de uitoefening van zijn ambt te verrichten of na te laten, waardoor de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen worden of kunnen worden geschaad.

2. Elke Lid-Staat treft de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat de in lid 1 bedoelde gedragingen strafbaar worden gesteld.

Artikel 3

1. Voor de toepassing van dit Protocol bestaat actieve omkoping in het feit dat iemand opzettelijk een ambtenaar onmiddellijk of middellijk een voordeel, ongeacht de aard daarvan, voor hemzelf of voor een ander belooft of verstrekt, om in strijd met zijn ambtsplicht een ambtshandeling of een handeling in de uitoefening van zijn ambt te verrichten of na te laten, waardoor de financiële belangen van de Europese Gemeenschappen worden of kunnen worden geschaad.

2. Elke Lid-Staat treft de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat de in lid 1 bedoelde gedragingen strafbaar worden gesteld.

Artikel 4

1. Elke Lid-Staat treft de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat in zijn strafrecht de omschrijving van de overtredingen die een van de in artikel 1 van de Overeenkomst bedoelde gedragingen uitmaken en die worden begaan door zijn nationale ambtenaren in de uitoefening van hun ambt, ook van toepassing is in gevallen waarin de feiten worden begaan door communautaire ambtenaren in de uitoefening van hun ambt.

2. Elke Lid-Staat treft de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat in zijn strafrecht de in lid 1 en de artikelen 2 en 3 bedoelde omschrijvingen van overtredingen die door of tegen ministers van zijn Regering, verkozen leden van zijn Parlement, leden van zijn hoogste rechterlijke instanties of van de Rekenkamer in de uitoefening van hun ambt worden gepleegd, ook van toepassing zijn in gevallen waarin de feiten worden gepleegd door of tegen leden van respectievelijk de Commissie van de Europese Gemeenschappen, het Europees Parlement, het Hof van Justitie en de Rekenkamer van de Europese Gemeenschappen in de uitoefening van hun ambt.

3. Wanneer in een Lid-Staat speciale wetgeving is uitgevaardigd met betrekking tot handelen of nalaten waarvoor ministers van zijn regering verantwoordelijk zijn op grond van hun bijzondere politieke positie in die Lid-Staat, is het bepaalde in lid 2, niet noodzakelijk van toepassing op die wetgeving, op voorwaarde dat de Lid-Staat ervoor zorgt dat leden van de Commissie van de Europese Gemeenschappen vallen onder de strafwetgeving ter uitvoering van de artikelen 2, 3 en 4, lid 1.

4. De vorige leden laten de in elke Lid-Staat van toepassing zijnde bepalingen inzake de strafrechtelijke procedure en de vaststelling van de bevoegde gerechten, onverlet.

5. Dit Protocol is van toepassing onverminderd de bepalingen van de Verdragen tot oprichting van de Europese Gemeenschappen, van het Protocol betreffende de voorrechten en immuniteiten van de Europese Gemeenschappen, van de Statuten van het Hof van Justitie, en van de teksten ter uitvoering daarvan, betreffende de opheffing van de immuniteiten.

Artikel 5

1. Elke Lid-Staat treft de nodige maatregelen om ervoor te zorgen dat de in de artikelen 2 en 3 bedoelde gedragingen alsmede medeplichtigheid aan en uitlokking van die gedragingen, worden gestraft met doeltreffende, evenredige en afschrikkende straffen, waaronder, ten minste in ernstige gevallen, vrijheidsstraffen die aanleiding kunnen geven tot uitlevering.

2. Lid 1 geldt onverminderd de uitoefening van disciplinaire bevoegdheden tegen nationale of communautaire ambtenaren door de bevoegde instanties. De nationale rechterlijke instanties kunnen bij de straftoemeting op grond van de beginselen van hun nationale recht rekening houden met eventuele disciplinaire straffen die dezelfde persoon voor dezelfde gedragingen reeds zijn opgelegd.

Artikel 6

1.

Elke Lid-Staat treft de nodige maatregelen om zijn rechtsmacht te vestigen ten aanzien van de overeenkomstig de artikelen 2, 3 en 4 strafbaar gestelde feiten in de volgende gevallen:

a. a. het strafbare feit wordt geheel of gedeeltelijk op zijn grondgebied gepleegd, b. b. de dader van het strafbare feit is een onderdaan of een ambtenaar van de betrokken Lid-Staat, c. c. het strafbare feit is gepleegd tegen een van de in artikel 1 genoemde personen, of tegen een lid van de in artikel 4, lid 2, bedoelde instellingen, die onderdaan is van de betrokken Lid-Staat, d. d. de dader van het strafbare feit is communautair ambtenaar in dienst van een Instelling van de Europese Gemeenschappen of van een overeenkomstig de Verdragen tot oprichting van de Europese Gemeenschappen ingesteld orgaan dat zijn zetel in de betrokken Lid-Staat heeft.

2. Elke Lid-Staat kan bij de in artikel 9, lid 2, bedoelde kennisgeving verklaren dat hij een of meer van de in lid 1, onder b, c, en d, genoemde regels niet of alleen in bepaalde gevallen of onder bepaalde voorwaarden toepast.

Artikel 7

1. Artikel 3, artikel 5, de leden 1, 2 en 4, en artikel 6 van de Overeenkomst zijn ook van toepassing alsof naar de in de artikelen 2, 3 en 4 van dit Protocol bedoelde gedragingen verwezen was.

2.

Op dit Protocol zijn tevens de volgende bepalingen van de Overeenkomst van toepassing:

       artikel 7, met dien verstande dat verklaringen in de zin van artikel 7, lid 2, van de Overeenkomst ook voor dit Protocol gelden, tenzij bij de in artikel 9, lid 2, bedoelde kennisgeving anders wordt bepaald,

       artikel 9,

      artikel 10.

Artikel 8

1.

Geschillen tussen de Lid-Staten over de uitlegging of de toepassing van dit Protocol worden, met het oog op een oplossing, in een eerste fase in de Raad besproken volgens de procedure van titel VI van het Verdrag betreffende de Europese Unie.

Indien binnen zes maanden geen oplossing is gevonden, kan de zaak door een bij het geschil betrokken partij aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen worden voorgelegd.

2. Ieder geschil tussen een of meer Lid-Staten en de Commissie van de Europese Gemeenschappen betreffende artikel 1, met uitzondering van punt 1, onder c, en betreffende de artikelen 2, 3 en 4 en artikel 7, lid 2, derde streepje, van dit Protocol, dat niet door onderhandelingen kon worden opgelost, kan aan het Hof van Justitie van de Europese Gemeenschappen worden voorgelegd.

Artikel 9

1. Dit Protocol wordt de Lid-Staten ter aanneming volgens hun onderscheiden grondwettelijke bepalingen voorgelegd.

2. De Lid-Staten stellen de Secretaris-Generaal van de Raad van de Europese Unie in kennis van de voltooiing van de overeenkomstig hun grondwettelijke bepalingen voor de aanneming van dit Protocol vereiste procedures.

3. Dit Protocol treedt in werking negentig dagen na de in lid 2 bedoelde kennisgeving door de Lid-Staat van de Europese Unie die als laatste daartoe overgaat. Indien de Overeenkomst evenwel op die datum nog niet in werking is getreden, treedt het Protocol in werking op de datum van inwerkingtreding van de Overeenkomst.

Artikel 10

1. Elke Staat die lid wordt van de Europese Unie, kan tot dit Protocol toetreden.

2. De door de Raad van de Europese Unie vastgestelde tekst van dit Protocol in de taal van de toetredende Staat, is authentiek.

3. De akten van toetreding worden neergelegd bij de depositaris.

4. Dit Protocol treedt ten aanzien van elke toetredende Staat in werking negentig dagen nadat diens akte van toetreding is neergelegd, of op de datum van zijn inwerkingtreding indien dit Protocol bij het verstrijken van de genoemde periode van negentig dagen nog niet in werking is getreden.

Artikel 11

1. Behoudens in het in artikel 6, lid 2, genoemde geval, kunnen er geen voorbehouden worden gemaakt.

2. Lid-Staten die een voorbehoud hebben gemaakt, kunnen dat te allen tijde geheel of gedeeltelijk intrekken door middel van een kennisgeving aan de depositaris. De intrekking wordt van kracht op de datum waarop de depositaris de kennisgeving ontvangt.

Artikel 12

1. De Secretaris-Generaal van de Raad van de Europese Unie is depositaris van dit Protocol.

2. De depositaris maakt in het Publikatieblad van de Europese Gemeenschappen de stand van de aannemingen en toetredingen, alsmede de verklaringen, voorbehouden en andere kennisgevingen met betrekking tot dit Protocol bekend.