rijk/verdrag/verdrag-tussen-het-koninkrijk-der-nederlanden-en-het-koninkrijk-belgië-over-de-g/BWBV0006170/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

7.5 KiB
Raw Blame History

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België over de grensoverschrijdende uitwisseling van gegevens met het oog op het identificeren van personen die ervan verdacht worden inbreuken te hebben begaan in het kader van het gebruik van de weg BWBV0006170 verdrag geldend 2016-06-01 https://wetten.overheid.nl/BWBV0006170 Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België over de grensoverschrijdende uitwisseling van gegevens met het oog op het identificeren van personen die ervan verdacht worden inbreuken te hebben begaan in het kader van het gebruik van de weg

Verdrag tussen het Koninkrijk der Nederlanden en het Koninkrijk België over de grensoverschrijdende uitwisseling van gegevens met het oog op het identificeren van personen die ervan verdacht worden inbreuken te hebben begaan in het kader van het gebruik van de weg

Artikel 1

1. Dit Verdrag beoogt de grensoverschrijdende uitwisseling van de in artikel 3, eerste lid, benoemde gegevens te vergemakkelijken door middel van de geautomatiseerde bevraging van kentekengegevens wanneer met een voertuig dat is ingeschreven in een andere Verdragsluitende Partij een inbreuk wordt begaan in het kader van het gebruik van de weg.

2. Dit Verdrag is van toepassing op gegevens betreffende inbreuken begaan in het kader van het gebruik van de weg die niet onder de Richtlijn vallen en op inbreuken begaan in het kader van het gebruik van de weg die onder de Richtlijn vallen, zolang deze niet is geïmplementeerd door de Verdragsluitende Partijen.

Artikel 2

Voor de toepassing van dit Verdrag wordt verstaan onder:

a. a. „gebruik van de weg”: het rijden, stilstaan of parkeren met een voertuig op de weg; b. b. „inbreuk begaan in het kader van het gebruik van de weg”: een strafbaar feit of een gedraging die in strijd is met een rechtsvoorschrift over het gebruik van de weg, ongeacht de kwalificatie van het feit of de gedraging in het nationaal recht; c. c. „de Richtlijn”: de Richtlijn 2011/82/EU van het Europees Parlement en de Raad van 25 oktober 2011 ter facilitering van de grensoverschrijdende uitwisseling van informatie over verkeersveiligheidsgerelateerde verkeersovertredingen; d. d. „voertuig”: een door motorkracht aangedreven voertuig, dat normaal wordt gebruikt voor het vervoer van personen of goederen over de weg, of een aanhangwagen; e. e. „nationaal contactpunt”: de in artikel 4 omschreven en in de bijlage bij dit Verdrag aangewezen bevoegde autoriteit voor de uitwisseling van gegevens uit kentekenregisters; f. f. „geautomatiseerde bevraging”: een online toegangsprocedure voor het raadplegen van de gegevens uit kentekenregisters van de Verdragsluitende Partijen; g. g. „houder van het voertuig”: de persoon op wiens naam het voertuig is ingeschreven, als gedefinieerd in het recht van de Verdragsluitende Partij van inschrijving.

Artikel 3

1.

Ten behoeve van het onderzoek naar een inbreuk begaan in het kader van het gebruik van de weg verleent een Verdragsluitende Partij het nationale contactpunt van een andere Verdragsluitende Partij toegang tot de volgende nationale gegevens uit kentekenregisters, met de bevoegdheid geautomatiseerde bevragingen uit te voeren:

a. a. gegevens met betrekking tot voertuigen, alsmede b. b. gegevens met betrekking tot de houder van het voertuig.

2. Op dit Verdrag zijn uitsluitend de procedures van artikel 4, tweede tot en met vijfde lid, en artikel 5 van de Richtlijn van toepassing.

3.

Het Kaderbesluit 2008/977/JBZ van de Raad van 27 november 2008 over de bescherming van persoonsgegevens die worden verwerkt in het kader van de politiële en justitiële samenwerking in strafzaken is van toepassing op de verwerking van persoonsgegevens met betrekking tot strafbare feiten en de Richtlijn 95/46/EG van het Europese Parlement en de Raad van 24 oktober 1995 betreffende de bescherming van natuurlijke personen in verband met de verwerking van persoonsgegevens en betreffende het vrije verkeer van die gegevens is van toepassing op de verwerking van persoonsgegevens met betrekking tot de overige schendingen van de rechtsvoorschriften over het gebruik van de weg.

Het bepaalde in artikel 26, tweede lid, en artikel 30, tweede, derde en vierde lid, van het Besluit 2008/615/JBZ van de Raad van 23 juni 2008 inzake de intensivering van de grensoverschrijdende samenwerking, in het bijzonder ter bestrijding van terrorisme en grensoverschrijdende criminaliteit, is van toepassing op de op grond van dit Verdrag verwerkte persoonsgegevens.

4. De Verdragsluitende Partij van de overtreding gebruikt uit hoofde van dit Verdrag de verkregen gegevens om vast te stellen wie persoonlijk aansprakelijk is voor de bedoelde inbreuken in het kader van het gebruik van de weg.

Artikel 4

1. De Verdragsluitende Partijen wijzen elk één nationaal contactpunt aan dat bevoegd is voor de uitwisseling van gegevens uit kentekenregisters.

2. De gegevens van de nationale contactpunten zijn opgenomen in de bijlage. De aanwijzing van een ander nationaal contactpunt dan dat vermeld in de bijlage geschiedt tijdig en onder vermelding van de datum van ingang van de aanwijzing, in een Verklaring van de bevoegde minister aan elke Verdragsluitende Partij en aan de Secretaris-generaal van de Benelux Unie.

3. Uitwerkingen van in dit Verdrag voorgeschreven procedures worden, indien nodig, vastgelegd in uitvoeringsafspraken tussen de nationale contactpunten. Daaronder begrepen is de vaststelling van codes voor inbreuken begaan in het kader van het gebruik van de weg die niet onder de Richtlijn vallen.

Artikel 5

Dit Verdrag laat de in bestaande verdragen tussen de Verdragsluitende Partijen vastgelegde rechten of verplichtingen onverlet, voor zover deze niet strijdig zijn met de rechten en verplichtingen van dit Verdrag.

Artikel 6

Geschillen betreffende de interpretatie en de toepassing van dit Verdrag worden langs diplomatieke weg beslecht.

Artikel 7

Dit Verdrag is uitsluitend van toepassing op inbreuken begaan in het kader van het gebruik van de weg die na de inwerkingtreding van dit Verdrag zijn gepleegd.

Artikel 8

1. Dit Verdrag zal worden bekrachtigd en de akten van bekrachtiging zullen worden neergelegd bij de Secretaris-generaal van de Benelux Unie, die de Verdragsluitende Partijen van de ontvangst van de akten in kennis stelt.

2. Dit Verdrag treedt in werking op de eerste dag van de tweede maand volgend op de neerlegging van de tweede akte van bekrachtiging. De Secretaris-generaal van de Benelux Unie deelt de Verdragsluitende Partijen de datum van de inwerkingtreding mee.

3. Het staat derde landen vrij toe te treden tot dit Verdrag door de neerlegging van een akte van toetreding bij de Secretaris-generaal van de Benelux Unie. Voor toetredende landen treedt het Verdrag in werking op de eerste dag van de tweede maand volgend op de datum van neerlegging van de akte van toetreding.

4. Dit Verdrag kan door elke Verdragsluitende Partij te allen tijde langs diplomatieke weg worden opgezegd door de neerlegging van een schriftelijke verklaring bij de Secretaris-generaal van de Benelux Unie. De opzegging wordt zes maanden na de neerlegging van deze schriftelijke verklaring van kracht.

Artikel 9

Het territoriale toepassingsgebied van dit Verdrag is:

wat het Koninkrijk België betreft, het grondgebied van België; wat het Koninkrijk der Nederlanden betreft, zijn grondgebied in Europa.