rijk/zbo/beleidsregel-tandheelkundige-zorg/BWBR0048459/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

17 KiB
Raw Blame History

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Beleidsregel tandheelkundige zorg BWBR0048459 zbo geldend 2024-01-01 https://wetten.overheid.nl/BWBR0048459 Beleidsregel tandheelkundige zorg

Beleidsregel tandheelkundige zorg

Artikel 1

In deze beleidsregel wordt, tenzij anders vermeld, verstaan onder:

  • Inkomensbestanddeel:

    Het aandeel van de arbeidskostencomponent in het (maximum) tarief, dat aanbieders van tandheelkundige zorg in rekening mogen brengen.
    
  • Praktijkkostenbestanddeel:

     Het aandeel van de praktijkkosten in het (maximum) tarief, dat aanbieders van tandheelkundige zorg in rekening mogen brengen.
    
  • Rekenomzet:

     De som van het inkomensbestanddeel en het praktijkkostenbestanddeel.
    
  • Rekennorm:

     Begripsaanduiding voor het aantal punten per jaar.
    
  • Puntwaarde:

     De uitkomst van de rekenomzet gedeeld door de rekennorm.
    
  • Laboratoriumkosten:

    De laboratoriumkosten van het externe bacteriologisch laboratoriumonderzoek die specifiek toe te rekenen zijn aan de betreffende prestatie. Bij de prestaties waarbij dit van toepassing kan zijn staat dit in de onderhavige beleidsregel en tariefbeschikking aangegeven met een tweetal sterretjes (**).
    De laboratoriumkosten dienen per gedeclareerde prestatie gespecificeerd te worden op de nota aan de patiënt en mogen niet hoger zijn dan de door de zorgaanbieder betaalde en/of verschuldigde kosten voor inkoop. De zorgaanbieder is verplicht om op verzoek van de patiënt of diens verzekeraar de nota van het bacteriologisch laboratorium te overleggen.
    Voor nadere transparantievoorschriften ten aanzien van het specificeren en inzichtelijk maken van laboratoriumkosten wordt verwezen naar de Regeling mondzorg.
    
  • Materiaal- en/of techniekkosten:

    De kosten van tandtechniek die noodzakelijk zijn voor de behandeling en extra zijn ingekocht door de zorgaanbieder en de kosten van de materialen die specifiek toe te rekenen zijn aan de betreffende prestatie. Hier worden expliciet niet de verbruiksmaterialen bedoeld. Bij de prestaties waarbij materiaal- en/of techniekkosten afzonderlijk in rekening kunnen worden gebracht, staat dit in de onderhavige beleidsregel en tariefbeschikking aangegeven met één sterretje (*).
    

Met bovengenoemde regel mogen de materialen in rekening worden gebracht die gebruikt worden bij de behandeling van een patiënt in de praktijk én die met of voor de patiënt de praktijk verlaten.

Niet in rekening te brengen (dus ook niet in het geval dat materiaal- en/of techniekkosten wel apart in rekening gebracht mogen worden zichtbaar aan het * achter de prestatiecode) zijn verbruiksmaterialen. Hieronder worden verstaan: alle materialen die bij een behandeling van een patiënt in de praktijk worden gebruikt en die niet speciaal voor de patiënt gemaakt zijn en die niet met of voor de patiënt de praktijk verlaten.

De materiaal- en/of techniekkosten dienen per gedeclareerde prestatie gespecificeerd te worden en mogen niet hoger zijn dan de daarvoor door de zorgaanbieder aan de tandtechnicus/het tandtechnisch laboratorium betaalde en/of verschuldigde netto kosten voor inkoop. Onder netto kosten voor inkoop wordt verstaan: de inkoopprijs na aftrek van kortingen en bonussen die verband houden met de aanschaf van materialen en technieken. De zorgaanbieder is verplicht om op verzoek van de patiënt of diens verzekeraar de nota van de tandtechnicus/het tandtechnisch laboratorium over te leggen.

Indien de zorgaanbieder de tandtechnische werkstukken zelf vervaardigt, is deze verplicht aan de patiënt of diens verzekeraar de techniekkosten te specificeren conform de bepalingen in de Beleidsregel tandtechniek in eigen beheer.

Voor nadere transparantie voorschriften ten aanzien van het specificeren en inzichtelijk maken van materiaal- en/of techniekkosten wordt verwezen naar de Regeling Mondzorg.

De prestatielijst voor de mondzorg kent al geruime tijd de regel dat bij verschillende prestaties de van toepassing zijnde materiaal- en/of techniekkosten separaat tegen (maximaal) de netto kosten voor inkoop in rekening mogen worden gebracht. Deze kosten zijn buiten het (reguliere) tarief van de prestatie gehouden om ervoor te zorgen dat zowel de variatie als de veranderingen in kosten terugkomen in de uiteindelijke prijs voor de consument: de komst van andere, nieuwe materialen wordt niet bemoeilijkt door een maximumtarief en de keuze voor een goedkoper product geeft de consument ook altijd daadwerkelijk een financieel voordeel. (Om aan de genoemde uitgangspunten tegemoet te komen, geldt de regel dat (maximaal) de netto kosten voor inkoop in rekening mogen worden gebracht. Ook indien op indirecte manier inkoopvoordelen worden verkregen in de vorm van een assortimentskorting, gratis apparatuur of anderszins dient de zorgaanbieder deze op de in rekening gebrachte kosten in mindering te brengen. De hoofdregel is dat de zorgaanbieder geen winst maakt op de door hem ingekochte en vervolgens bij de patiënt of diens verzekeraar in rekening gebrachte materialen en technieken.)

Bij de hierboven genoemde regel wordt als tandtechnicus/tandtechnisch laboratorium aangemerkt: de tandtechnicus die/het tandtechnisch laboratorium dat de techniekstukken heeft vervaardigd. De zorgaanbieder dient uit te gaan van de door deze leverancier in rekening gebrachte netto kosten.

De daadwerkelijke levering van materiaal of techniek aan de zorgaanbieder kan echter ook via een derde plaatsvinden. Wanneer levering plaatsvindt via een aan de zorgaanbieder gelieerde derde dient de zorgaanbieder uit te gaan van de door die derde aan díens leverancier (en dus de vervaardiger van het materiaal en/of de techniek) betaalde en/of verschuldigde netto kosten voor inkoop. De door deze derde aan de zorgaanbieder berekende extra kosten (dat wil zeggen: de kosten bovenop díens netto kosten voor inkoop bij zijn leverancier) kunnen door de zorgaanbieder enkel ook in rekening worden gebracht als die extra kosten een reële economische waarde vertegenwoordigen. (In het geval levering plaatsvindt via bijvoorbeeld een aan de zorgaanbieder gelieerde distributeur, betekent dit dat de zorgaanbieder dient uit te gaan van de netto kosten voor inkoop van deze distributeur. Zijn netto kosten voor inkoop kunnen slechts worden vermeerderd met de door de distributeur gemaakte extra kosten mits deze een reële economische waarde vertegenwoordigen.)

De regel brengt met zich mee dat het plaatsen van een op enigerlei wijze aan de zorgaanbieder gelieerde rechtspersoon tussen de zorgaanbieder en de oorspronkelijke vervaardiger of een niet-gelieerde leverancier, waarvan het effect is dat de inkoopprijs (voor de zorgaanbieder) wordt verhoogd en daarmee financieel voordeel wordt behaald door deze zorgaanbieder, er niet toe kan leiden dat de door deze gelieerde rechtspersoon in rekening gebrachte kosten mogen worden doorberekend door de zorgaanbieder aan de consument. De extra kosten van die rechtspersoon (bovenop diens kosten voor inkoop) vertegenwoordigen dan immers geen reële economische waarde en dat betekent dat de prijs voor de consument hoger wordt dan redelijkerwijs nodig is.

Artikel 2

Het doel van deze beleidsregel is om vast te leggen op welke wijze de NZa gebruik maakt van haar bevoegdheid om tarieven en prestatiebeschrijvingen vast te stellen op het gebied van tandheelkundige zorg.

Artikel 3

Deze beleidsregel is van toepassing op tandheelkundige zorg als omschreven bij of krachtens de Zorgverzekeringswet.

Voor zover geen sprake is van zorg als omschreven in de vorige zin, is deze beleidsregel van toepassing op handelingen1Het betreft hier de handelingen bedoeld in artikel 1, eerste lid, onderdeel b, onder 2°, van de Wmg. of werkzaamheden2Het betreft hier de werkzaamheden bedoeld in artikel 2, eerste lid, onderdeel c, van het Besluit uitbreiding en beperking werkingssfeer Wmg. op het terrein van tandheelkundige zorg, uitgevoerd door of onder verantwoordelijkheid van personen, ingeschreven in een register als bedoeld in artikel 3, van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG) of door personen als bedoeld in artikel 34 van de Wet BIG.

Deze beleidsregel is tevens van toepassing op tandheelkundige zorg als omschreven bij of krachtens de Wet langdurige zorg (Wlz), die wordt geleverd door zorgaanbieders die tandheelkundige zorg als omschreven bij of krachtens de Wlz leveren aan patiënten die verblijven en behandeld worden in een Wlz-instelling

Artikel 4

In het kader van deze beleidsregel worden een reeks van prestatiebeschrijvingen onderscheiden die in navolgende hoofdstukken zijn verdeeld.

Artikel 5

1. Bij de tariefvaststelling wordt gebruik gemaakt van twee puntwaarden: een puntwaarde implantologie (voor het hoofdstuk J) en een puntwaarde tandheelkundige zorg (voor de overige hoofdstukken).

2. De arbeidskostencomponent voor beide puntwaarden bedraagt € 163.846 (definitief niveau 2023).

3. Het inkomensbestanddeel in de puntwaarde tandheelkundige zorg bedraagt € 161.256 (definitief niveau 2023). Het inkomensbestanddeel in de puntwaarde implantologie bedraagt € 160.235 (definitief niveau 2023).

4.

Het praktijkkostenbestanddeel in de puntwaarde tandheelkundige zorg bedraagt € 374.161 (definitief niveau 2023). Het praktijkkostenbestanddeel is opgebouwd uit de elementen personeelskosten en overige kosten:

personeelskosten € 184.897 overige kosten € 189.264

Het praktijkkostenbestanddeel in de puntwaarde implantologie bedraagt € 637.918 (definitief niveau 2023). Het praktijkkostenbestanddeel is opgebouwd uit de elementen personeelskosten en overige kosten:

personeelskosten € 366.202 overige kosten € 271.716

5. De rekennorm ten behoeve van de berekening van de puntwaarde tandheelkundige zorg bedraagt 79.156. De rekennorm ten behoeve van de berekening van de puntwaarde implantologie bedraagt 138.395.

6. Jaarlijks vindt een aanpassing (indexering) van zowel het inkomens- als het praktijkkostenbestanddeel plaats. De wijze van indexeren is geregeld in de Beleidsregel indexering.

7.

De structurele puntwaarde bedraagt

Voor tandheelkundige zorg:

€ 6,76406719 (definitief niveau 2023); € 7,04011016 (voorcalculatorisch niveau 2024).

Voor implantologie:

€ 5,767194447 (definitief niveau 2023); € 6,004384976 (voorcalculatorisch niveau 2024).

Artikel 6

De totstandkoming van de tarieven voor de in artikel 7 beschreven prestaties wordt hieronder toegelicht.

    1. Het maximumtarief is een bedrag per prestatie: het product van de voor het jaar t geldende puntwaarde maal het aantal punten in de lijst van tandheelkundige prestaties.
    1. Het mutatiepercentage van het tarief is het procentuele verschil tussen de puntwaarde op voorcalculatorisch niveau jaar t en de puntwaarde op voorcalculatorisch niveau jaar t-1.
    1. Uitzonderingen op artikel 6 lid 1 en 2 zijn:

      
      de prestatiecodes B12, H21, E04, J001 en J002 waarvoor een kostenbedrag geldt.
      
      
      
      de prestatiecodes A20 en J050 welke tegen kostprijs in rekening kunnen worden gebracht.
      
      
      
      de prestatiecodes U05, U25 en U35 waarvoor geen puntenaantal geldt. Deze (tijd)tarieven muteren jaarlijks met het in 6.2 genoemde mutatiepercentage.
      
      
      
      de prestatie J057 waarvoor geldt dat het tarief van de prestatie kosten implantaat van de kaakchirurg wordt gevolgd.
      
      
      
      de prestatie onderlinge dienstverlening (Y02) kan met inachtneming van de geldende maximumtarieven voor de prestaties in rekening worden gebracht.
      
      
      
      de prestatiecodes J104, J111, J180, J181, J184 waarvoor geldt dat het tarief van de volgende prestaties wordt gevolgd:
      
      
      
      
      
      
      
                Prestatie:
      
      
                Gebaseerd op tarief van prestatie:
      
      
      
      
      
      
                J104
      
      
                P070
      
      
      
      
                J111
      
      
                P070
      
      
      
      
                J180
      
      
                P002
      
      
      
      
                J181
      
      
                P004
      
      
      
      
                J184
      
      
                P072
      

de prestatiecodes B12, H21, E04, J001 en J002 waarvoor een kostenbedrag geldt. de prestatiecodes A20 en J050 welke tegen kostprijs in rekening kunnen worden gebracht. de prestatiecodes U05, U25 en U35 waarvoor geen puntenaantal geldt. Deze (tijd)tarieven muteren jaarlijks met het in 6.2 genoemde mutatiepercentage. de prestatie J057 waarvoor geldt dat het tarief van de prestatie kosten implantaat van de kaakchirurg wordt gevolgd. de prestatie onderlinge dienstverlening (Y02) kan met inachtneming van de geldende maximumtarieven voor de prestaties in rekening worden gebracht. de prestatiecodes J104, J111, J180, J181, J184 waarvoor geldt dat het tarief van de volgende prestaties wordt gevolgd:

                Prestatie:
              
              
                Gebaseerd op tarief van prestatie:
              
            
          
          
            
              
                J104
              
              
                P070
              
            
            
              
                J111
              
              
                P070
              
            
            
              
                J180
              
              
                P002
              
            
            
              
                J181
              
              
                P004
              
            
            
              
                J184
              
              
                P072
    1. De maximumtarieven berekend op basis van artikel 6.1 kunnen ten hoogste met 10% worden verhoogd indien hieraan een schriftelijke overeenkomst tussen de betreffende zorgaanbieder en ziektekostenverzekeraar ten grondslag ligt.
    1. Een tarief dat niet hoger is dan berekend op basis van artikel 6.1 kan aan eenieder in rekening worden gebracht. Een tarief dat tot stand komt met toepassing van artikel 6.1 en 6.4 kan uitsluitend in rekening worden gebracht aan (a) de ziektekostenverzekeraar met wie het verhoogde maximumtarief is overeengekomen of (b) de verzekerde ten behoeve van wie een ziektekostenverzekering met betrekking tot tandheelkundige zorg is gesloten bij een ziektekostenverzekeraar met wie een zodanig verhoogd maximumtarief schriftelijk is overeengekomen. Een tarief dat tot stand komt met toepassing van artikel 6.1 en 6.4 kan uitsluitend in rekening worden gebracht voor zover een ziektekostenverzekering met betrekking tot tandheelkundige zorg tussen de ziektekostenverzekeraar en verzekerde is overeengekomen die de betreffende prestatie omvat.

Artikel 7

Onder de in artikel 4 genoemde hoofdstukken zijn de in dit artikel genoemde prestaties te onderscheiden. Bij de prestaties is het geldende puntenaantal weergegeven. Op de prestaties zijn algemene bepalingen van toepassing. Deze zijn weergegeven in bijlage 1 van de Prestatie- en tariefbeschikking tandheelkundige zorg.

Artikel 8

Gelijktijdig met de inwerkingtreding van deze beleidsregel wordt de Beleidsregel tandheelkundige zorg, met kenmerk BR/REG-23111a ingetrokken.

Artikel 9

De Beleidsregel tandheelkundige zorg, met kenmerk BR/REG-23111a, blijft van toepassing op besluiten en aangelegenheden die hun grondslag vinden in die beleidsregel en die betrekking hebben op de periode waarvoor die beleidsregel gold.

Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 1 januari 2024.

Ingevolge artikel 5, aanhef en onder e, van de Bekendmakingswet, zal deze beleidsregel in de Staatscourant worden geplaatst.

De beleidsregel ligt ter inzage bij de NZa en is te raadplegen op www.nza.nl.

Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel tandheelkundige zorg.