40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
67 lines
5.3 KiB
Markdown
67 lines
5.3 KiB
Markdown
---
|
|
titel: Hygiënebesluit opfokleghennenbedrijven (PPE) 2007
|
|
bwb_id: BWBR0022587
|
|
type: pbo
|
|
status: geldend
|
|
datum_inwerkingtreding: '2007-11-01'
|
|
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0022587
|
|
citeertitel: Hygiënebesluit opfokleghennenbedrijven (PPE) 2007
|
|
---
|
|
|
|
# Hygiënebesluit opfokleghennenbedrijven (PPE) 2007
|
|
|
|
### Artikel 1
|
|
|
|
Dit besluit neemt de terminologie, als omschreven in artikel 1 van de Verordening hygiënevoorschriften pluimveehouderij (PPE) 2007, over en verstaat daarnaast onder ondernemer: een natuurlijk persoon of rechtspersoon die een opfokleghennenbedrijf uitoefent.
|
|
|
|
### Artikel 2
|
|
|
|
De in artikel 2, derde lid, van de Verordening genoemde eisen waaraan de ondernemer die zijn opfokleghennen in kooien houdt, heeft te voldoen, zijn opgenomen in Bijlage I.
|
|
|
|
### Artikel 3
|
|
|
|
**1.** De uitslag van een hygiënogram als bedoeld in artikel 3, vijfde lid, van de Verordening, is kleiner dan of gelijk aan 1,5.
|
|
|
|
**2.** Indien de in het eerste lid bedoelde uitslag groter dan 1,5 maar kleiner dan of gelijk aan 3,0 is, dan wordt door een professioneel ontsmettingsbedrijf de stal opnieuw ontsmet. Daarna mag een nieuw koppel opfokleghennen worden geplaatst. Na de eerstvolgende leegstandsperiode mag een nieuw koppel opfokleghennen worden geplaatst indien de uitslag van het hygiënogram kleiner dan of gelijk is aan 1,5.
|
|
|
|
**3.** Indien de in het eerste lid bedoelde uitslag groter is dan 3,0 dan wordt de stal door een professioneel ontsmettingsbedrijf opnieuw ontsmet. Na het ontsmetten wordt een hygiënogram uitgevoerd. Een nieuw koppel opfokleghennen mag alleen dan worden geplaatst indien de uitslag van het hygiënogram kleiner dan of gelijk is aan 1,5.
|
|
|
|
**4.** Wanneer overeenkomstig Bijlage II onder b. van het Besluit erkenningsvoorwaarden en werkwijzen HOSOWO-instanties (PPE) 2007 de uitslag van twee van de vijf onderdelen van de visuele controle slecht is, wordt na de volgende ronde nogmaals een hygiënogram uitgevoerd.
|
|
|
|
### Artikel 4
|
|
|
|
**1.** Voorafgaand aan het overplaatsen van een koppel opfokleghennen worden van tenminste 0,5% van dat koppel door of namens GD bloedmonsters genomen, met een minimum van 24 monsters en een maximum van 60 monsters. De analyse van de bloedmonsters wordt uitgevoerd door GD overeenkomstig Bijlage II onderdeel D.
|
|
|
|
**2.** In afwijking van het eerste lid kunnen van een koppel opf okleghennen door of namens de ondernemer mestmonsters worden genomen overeenkomstig Bijlage II onderdeel A.l.
|
|
|
|
**3.** Het in het eerste of tweede lid bedoelde onderzoek vindt plaats maximaal 14 dagen voordat het koppel, al dan niet binnen één bedrijf, wordt overgeplaatst.
|
|
|
|
**4.** Indien uit het onderzoek als bedoeld in het eerste of tweede lid blijkt dat een monster is besmet met Salmonella enteritidis of Salmonella typhimurium, wordt dit door de ondernemer onverwijld aan GD gemeld. GD voert vervolgens in opdracht van de voorzitter een verificatieonderzoek uit overeenkomstig Bijlage II onderdelen A.2 en C.
|
|
|
|
### Artikel 5
|
|
|
|
De resultaten van de analyse van de monsters als bedoeld in artikel 4, tweede lid, onderdeel a. van de Verordening worden door of namens de ondernemer doorgegeven overeenkomstig Bijlage II onderdeel E.
|
|
|
|
### Artikel 6
|
|
|
|
Indien bij een koppel opfokleghennen besmetting met Salmonella enteritidis of Salmonella typhimurium is aangetoond, dient een traceringsonderzoek te worden uitgevoerd door een volgens de GVP-code erkende dierenarts of de GD.
|
|
|
|
### Artikel 7
|
|
|
|
**1.** Dit besluit kan worden aangehaald als: Hygiënebesluit opfokleghennenbedrijven (PPE) 2007.
|
|
|
|
**2.** Dit besluit treedt in werking met ingang van de tweede dag na de dag van dagtekening in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie, waarin het wordt geplaatst.
|
|
|
|
## Bijlage I:. Hygiënemaatregelen kooihuisvesting
|
|
|
|
De ondernemer die een opfokleghennenbedrijf uitoefent en zijn pluimvee in kooien houdt is niet verplicht iedere stal te splitsen in een bufferdeel en een schoon deel en op de scheiding van het bufferdeel en het schone deel van schoeisel te wisselen, mits hij voldoet aan de volgende voorwaarden:
|
|
|
|
Zodra het de ondernemer bekend is geworden dat een koppel besmet is met Salmonella enteritidis of Salmonella typhimurium dan dient de ondernemer bij iedere stal de voorruimte weer te splitsen in een bufferdeel en een schoon deel en op de scheiding van het bufferdeel van schoeisel te wisselen. Zodra het (nieuwe) koppel vrij is van Salmonella enteritidis of Salmonella typhimurium wordt weer aan voorwaarde 1 voldaan.
|
|
|
|
En mits hij de hygiëne op één van de volgende wijzen heeft gewaarborgd:
|
|
|
|
Hygiënesluis per bedrijfsgebouw die volledig afgescheiden is van de ruimte waarin het pluimvee wordt gehouden, waarbij een fysieke scheiding aanwezig is tussen bufferdeel en schoon deel en waar in het bufferdeel van kleding en schoeisel wordt gewisseld. In het schone deel dient voldoende bedrijfsgebouw eigen schoeisel en kleding aanwezig te zijn. Met dezelfde kleding en schoeisel mag nooit het volgende bedrijfsgebouw worden betreden.
|
|
|
|
Per bedrijf van kleding wisselen in een aparte omkleedruimte/kantine, die alleen deze functie heeft. Hier worden ook schone laarzen aangetrokken. Deze ruimte wordt gezien als de centrale hygiënesluis. Per bedrijfsgebouw is bedrijfsgebouweigen schoeisel aanwezig, dat ook bij het betreden van dat gebouw gebruikt wordt. Alle stallen binnen dit bedrijfsgebouw mogen worden betreden.
|
|
|
|
## Bijlage II. Onderzoeksprogramma opfokleghennenbedrijven
|