40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
1883 lines
136 KiB
Markdown
1883 lines
136 KiB
Markdown
---
|
||
titel: Beleidsregel huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg 2022
|
||
bwb_id: BWBR0046144
|
||
type: zbo
|
||
status: geldend
|
||
datum_inwerkingtreding: '2022-01-01'
|
||
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0046144
|
||
citeertitel: Beleidsregel huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg 2022
|
||
---
|
||
|
||
# Beleidsregel huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg 2022
|
||
|
||
## 1. Inleiding
|
||
|
||
Gelet op artikel 57, eerste lid, onderdeel b en c, van de Wet marktordening gezondheidszorg (Wmg), stelt de Nederlandse Zorgautoriteit (NZa) beleidsregels vast met betrekking tot het uitoefenen van de bevoegdheid om tarieven en prestatiebeschrijvingen vast te stellen.
|
||
|
||
Gelet op artikel 53, aanhef en onderdeel b juncto 52, aanhef en onderdeel e, van de Wmg, worden tarieven en prestatiebeschrijvingen die uit de voorliggende beleidsregel voortvloeien ambtshalve door de NZa vastgesteld.
|
||
|
||
Gelet op artikel 59, onderdeel b, van de Wmg heeft de Minister van VWS met brief van 14 juli 2014, kenmerk 642423-123512-MC, en van 11 juli 2017, met kenmerk 1153348-165402, ten behoeve van de voorliggende beleidsregel een aanwijzing op grond van artikel 7 van de Wmg aan de NZa gegeven.
|
||
|
||
## 2. Doel van de beleidsregel
|
||
|
||
Deze beleidsregel legt vast op welke wijze de NZa gebruik maakt van haar bevoegdheid om tarieven en prestatiebeschrijvingen vast te leggen op het gebied van huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg.
|
||
|
||
## 3. Reikwijdte
|
||
|
||
Deze beleidsregel is van toepassing op huisartsgeneeskundige zorg en multidisciplinaire zorg zoals omschreven bij of krachtens de Zorgverzekeringswet (Zvw).
|
||
|
||
Voor zover geen sprake is van zorg als omschreven in de vorige zin, is deze beleidsregel van toepassing op handelingen1Het betreft hier de handelingen bedoeld in artikel 1, onderdeel b, nr. 2°, van de Wmg. of werkzaamheden2Het betreft hier de werkzaamheden bedoeld in artikel 2, eerste lid, aanhef en onderdeel c, van het Besluit uitbreiding en beperking werkingssfeer Wmg. op het terrein van geneeskundige zorg uitgevoerd door of onder verantwoordelijkheid van personen, ingeschreven in een register als bedoeld in artikel 3, van de Wet op de beroepen in de individuele gezondheidszorg (Wet BIG) of door personen als bedoeld in artikel 34 van de Wet BIG.
|
||
|
||
Deze beleidsregel is verder van toepassing op geneeskundige zorg zoals omschreven bij of krachtens de Zvw betreffende de multidisciplinaire samenwerking tussen zorgaanbieders middels geïntegreerde eerstelijnszorgproducten.
|
||
|
||
## 4. Globale beschrijving bekostigingsmodel
|
||
|
||
Met ingang van 1 januari 2015 wordt de bekostiging van huisartsgeneeskundige zorg en multidisciplinaire zorg waarvan huisartsenzorg onderdeel is (multidisciplinaire eerstelijnszorg), samengebracht in één model. Het bekostigingsmodel is opgebouwd rondom drie segmenten, waarbij ieder segment zijn eigen kenmerken heeft.
|
||
|
||
### 1. Basisvoorziening huisartsenzorg
|
||
|
||
Het eerste segment richt zich op de basisvoorziening huisartsenzorg. Dit segment heeft betrekking op zorgvragen en aandoeningen waarvoor de huisarts doorgaans fungeert als eerste aanspreekpunt voor de patiënt en tevens fungeert als poortwachter. Deze zorgvragen en aandoeningen kunnen grotendeels binnen de huisartsenpraktijk gediagnosticeerd, behandeld en begeleid worden. De prestaties behorende bij dit segment worden beschreven in artikel 5.
|
||
|
||
### 2. Programmatische multidisciplinaire zorg
|
||
|
||
Het tweede segment richt zich op multidisciplinaire eerstelijnszorg, waarbij naast de huisartsenzorg ook andere disciplines betrokken zijn om een integrale behandeling te leveren. Dit segment heeft betrekking op zorgvragen en aandoeningen die voortkomen uit specifieke kenmerken van een (in omvang) substantieel deel van de populatie. Een ondersteuningsstructuur is wenselijk om deze programmatisch vormgegeven zorg te leveren. De prestaties behorende bij dit segment worden beschreven in artikel 6.
|
||
|
||
### 3. Resultaatbeloning en zorgvernieuwing
|
||
|
||
Het derde segment richt zich op het belonen van uitkomsten en het stimuleren van vernieuwing. In dit segment wordt ruimte aan zorgverzekeraars en zorgaanbieders geboden om (belonings)afspraken te maken over de resultaten van de inzet in huisartsenzorg of multidisciplinaire zorg. Daarnaast biedt Segment 3 de ruimte aan zorgverzekeraars en zorgaanbieders om praktijkgebonden afspraken te maken rondom huisartsenzorg of multidisciplinaire zorg, bijvoorbeeld over het leveren van zorg die niet onder de andere segmenten valt. De prestaties behorende bij dit segment worden beschreven in artikel 7.
|
||
|
||
### . Prestaties buiten segmenten
|
||
|
||
De overgang van de bekostiging zoals deze tot en met 2014 bestond naar het driesegmentenmodel is groot. De overgang tussen beide systematieken wordt daarom gefaseerd ingevoerd. De bekostiging draagt ook met de introductie van de drie segmenten, nog veel kenmerken in zich van de oude systematiek. Prestaties die niet goed in één van de drie segmenten zijn in te passen, worden in een separaat artikel (artikel 8, prestaties buiten segmenten) beschreven.
|
||
|
||
Naast de toelichting kent de beleidsregel vier bijlagen. Bijlage 1 bevat de begripsbepalingen. Bijlage 2 omvat de prestatielijst van de Modernisatie & Innovatie (M&I)-verrichtingen. Bijlage 3 is het verantwoordingsdocument over de berekening van de maximumtarieven en de tot standkoming van de postcodelijst voor opslagwijken. Bijlage 4 betreft de in- en exclusiecriteria multidisciplinaire zorg (niet gecontracteerd).
|
||
|
||
## 5. Segment 1
|
||
|
||
### 5.1. Beschrijving segment
|
||
|
||
Het eerste segment richt zich op de basisvoorziening huisartsenzorg. Het is opgebouwd rondom vier hoofdelementen: de inschrijving op naam, het consult, de separate bekostiging van de functie praktijkondersteuner ggz, en een aantal specifieke verrichtingen. Het kent een hybride karakter van vergoeding op basis van abonnement en op basis van verrichtingen.
|
||
|
||
### 5.2. Prestatiebeschrijvingen
|
||
|
||
Binnen segment 1 worden de volgende prestaties onderscheiden.
|
||
|
||
#### 5.2.1. Inschrijving
|
||
|
||
De prestatie inschrijving beschrijft beschikbaarheid van het integrale pakket aan huisartsgeneeskundige zorg, 24 uur per dag en 7 dagen per week, voor de bij de zorgaanbieder op naam ingeschreven verzekerden.
|
||
|
||
Het tarief bij de prestatie inschrijving is een vergoeding voor de kosten van beschikbaarheid, waaronder die van de avond, nacht en weekend (anw)-diensten, en een deel van de kosten van zorglevering.
|
||
|
||
Het tarief van de inschrijving is een bedrag per kwartaal per op naam van de huisarts ingeschreven verzekerde.
|
||
|
||
Het tarief van de inschrijving wordt gedifferentieerd naar leeftijd, waarbij vier leeftijdscategorieën worden onderscheiden:
|
||
|
||
– –
|
||
Ingeschreven verzekerden tot 65 jaar;
|
||
– –
|
||
Ingeschreven verzekerden vanaf 65 tot 75 jaar;
|
||
– –
|
||
Ingeschreven verzekerden vanaf 75 jaar tot 85 jaar;
|
||
– –
|
||
Ingeschreven verzekerden vanaf 85 jaar.
|
||
|
||
Het tarief wordt nader gedifferentieerd voor ingeschreven verzekerden woonachtig in een opslaggebied.
|
||
|
||
De vaststelling van de opslaggebieden vindt plaats op grond van een door de NZa uitgevoerd onderzoek. De NZa hanteert voor de berekening van de achterstandsindex CBS-gegevens op postcode 6- en postcode 5-niveau. Per postcode-6-gebied wordt bepaald welke postcodes in de achterstandsgebieden voorkomen. De achterstandsindex worden gebaseerd op de volgende criteria:
|
||
|
||
– –
|
||
percentage inwoners met laag inkomen;
|
||
– –
|
||
percentage niet-actieven;
|
||
– –
|
||
percentage inwoners met niet-westerse of Midden-en Oost-Europese migratieachtergrond.
|
||
|
||
Verzekerden woonachtig in de betreffende postcodes worden aangemerkt als woonachtig in een opslagwijk.
|
||
|
||
In het verantwoordingsdocument dat als bijlage is toegevoegd bij deze beleidsregel is de systemetiek om te komen tot de postcodelijst nader toegelicht. De resulterende postcodelijst wordt gepubliceerd als bijlage bij de Tariefbeschikking huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg.
|
||
|
||
Voorwaarden, voorschriften en beperkingen:
|
||
|
||
1. 1.
|
||
Het tarief mag enkel in rekening worden gebracht indien de verzekerde zich uit eigen beweging heeft ingeschreven bij de betreffende zorgaanbieder.
|
||
2. 2.
|
||
Het tarief mag enkel in rekening worden gebracht voor die verzekerden die op de eerste dag van het kwartaal bij de zorgaanbieder ingeschreven staan.
|
||
3. 3.
|
||
Het tarief kan in rekening worden gebracht in aanvulling op de overige prestaties zoals in deze beleidsregel beschreven, tenzij expliciet anders wordt vermeld.
|
||
|
||
#### 5.2.2. Regulier consult
|
||
|
||
Het consult is een direct patiëntcontact van een ingeschreven verzekerde met de zorgaanbieder.
|
||
|
||
– –
|
||
Het tarief van het consult is een bedrag per patiëntcontact. Het tarief is een vergoeding voor een deel van de kosten van zorglevering.
|
||
– –
|
||
Het consult wordt gedifferentieerd in 6 separate prestaties, die in onderstaande tabel worden weergeven.
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Prestaties
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Consult regulier korter dan 5 minuten
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Consult regulier vanaf 5 minuten tot 20 minuten
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Consult regulier 20 minuten en langer
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Visite regulier korter dan 20 minuten
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Visite regulier 20 minuten en langer
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Vaccinatie regulier
|
||
|
||
Voorwaarden, voorschriften en beperkingen:
|
||
|
||
1. 1.
|
||
Indien het specifieke patiëntcontact al in rekening wordt gebracht en daarmee wordt vergoed in het kader van een andere prestatie (bijvoorbeeld de ketenzorgprestaties in Segment 2 of het uitvoeren van een M&I-verrichting), mag de zorgaanbieder voor dezelfde handelingen niet ook een consult declareren.
|
||
2. 2.
|
||
Indien het patiëntcontact niet in rekening wordt gebracht in het kader van een andere prestatie kan deze op basis van één van de hierboven beschreven prestaties gedeclareerd worden, met inachtneming van de overige hier vermelde voorwaarden, voorschriften en beperkingen. Contact met andere zorgaanbieders, intercollegiaal/multidisciplinair overleg etc. kan niet als directe patiëntentijd in de vorm van een consult in rekening worden gebracht.
|
||
3. 3.
|
||
De tijdsduur van het zorginhoudelijke patiëntcontact is leidend voor de declaratie. Zo mogen de prestaties consult regulier vanaf 20 minuten en visite regulier vanaf 20 minuten alleen in rekening worden gebracht indien het zorginhoudelijke patiëntcontact daadwerkelijk 20 minuten of langer in beslag heeft genomen. Dit zorginhoudelijk contact kan in de vorm van een fysiek spreekuurconsult zijn, maar ook zonder direct fysiek face-to-face-contact, bijvoorbeeld telefonisch, per e-mail of via een internet beeldverbinding. Deze laatste vormen van contact mogen alleen als consult in rekening worden gebracht indien deze duidelijk dienen ter vervanging van een spreekuurconsult, waarbij de zorgverlening zowel zorginhoudelijk als qua tijdsbesteding vergelijkbaar is met de zorgverlening die in een regulier face-to-face consult wordt geboden.
|
||
4. 4.
|
||
Aanvullende voorwaarde bij de declaratie van een regulier consult zonder direct fysiek face-to-face-contact is dat voldaan wordt aan de voorwaarden die de beroepsgroep zelf heeft opgesteld in paragraaf 3.3.1 van de KNMG-richtlijn Omgaan met medische gegevens.
|
||
5. 5.
|
||
Kleine chirurgische ingrepen, die gedurende de tijd van een regulier consult uitgevoerd worden, kunnen via de prestatie consult regulier in rekening worden gebracht.
|
||
6. 6.
|
||
Het maken van een ECG is in het consulttarief begrepen. Voor de kosten van een ECG wordt uitgegaan van een normbedrag, zie artikel 8.2.7 van de beleidsregel.
|
||
7. 7.
|
||
De declaraties (honorarium en kosten) voor de door de dienstenstructuren geleverde anw-diensten lopen via de dienstenstructuur waaraan de zorgaanbieder is verbonden. De aan een dienstenstructuur verbonden zorgaanbieders mogen voor de verrichte consulten niet zelf declareren.
|
||
8. 8.
|
||
De prestatie consult regulier vanaf 20 minuten mag (in afwijking van de voorwaarde zoals genoemd onder 2) ook in rekening worden gebracht indien het gaat om één van de volgende verrichtingen (vh. M&I-verrichtingen):
|
||
|
||
|
||
a.
|
||
Postoperatief consult in de praktijk (vh. 13016)
|
||
|
||
|
||
b.
|
||
Verrichting ter vervanging van specialistenbezoek (vh. 13018)
|
||
|
||
|
||
c.
|
||
Trombosebeen (vh. 13019)
|
||
|
||
|
||
d.
|
||
Varices sclerosering (vh. 13020)
|
||
|
||
|
||
e.
|
||
Aanmeten en plaatsen pessarium (vh. 13025)
|
||
a. a.
|
||
Postoperatief consult in de praktijk (vh. 13016)
|
||
b. b.
|
||
Verrichting ter vervanging van specialistenbezoek (vh. 13018)
|
||
c. c.
|
||
Trombosebeen (vh. 13019)
|
||
d. d.
|
||
Varices sclerosering (vh. 13020)
|
||
e. e.
|
||
Aanmeten en plaatsen pessarium (vh. 13025)
|
||
9. 9.
|
||
De prestatie visite regulier vanaf 20 minuten mag (in afwijking van de voorwaarde genoemd onder 2) ook in rekening worden gebracht indien het gaat om een postoperatief consult thuis (vh. M&I-verrichting 13017).
|
||
10. 10.
|
||
Een vaccinatie tijdens een consult of een visite mag niet extra in rekening worden gebracht.
|
||
|
||
#### 5.2.3. Consult passanten, militairen, gemoedsbezwaarden, tijdelijk in Nederland verblijvende buitenlandse patiënten die niet bij of krachtens de
|
||
|
||
Directe patiëntcontacten van niet-ingeschreven verzekerden met de zorgaanbieder kunnen in rekening worden gebracht voor de volgende vier patiëntencategorieën:
|
||
|
||
1) 1)
|
||
Militairen in actieve dienst. Het betreft een vergoeding voor incidentele en acute huisartsenzorg;
|
||
2) 2)
|
||
Gemoedsbezwaarden als omschreven in artikel 2.2b van de Zorgverzekeringswet;
|
||
3) 3)
|
||
Tijdelijk in Nederland verblijvende buitenlandse patiënten die niet bij of krachtens de Zorgverzekeringswet verplicht zijn verzekerd. Het betreft een vergoeding voor incidentele en acute huisartsenzorg;
|
||
4) 4)
|
||
Passanten, zijnde overige niet bij de betreffende huisartsenpraktijk ingeschreven patiënten die bij of krachtens de Zorgverzekeringswet verplicht zijn verzekerd. Het betreft een vergoeding voor incidentele en acute huisartsenzorg.
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Het tarief van het consult is een bedrag per patiëntcontact. Het tarief is een vergoeding voor de kosten van zorglevering.
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Het tarief van het consult gemoedsbezwaarden en tijdelijk in Nederland verblijvende buitenlandse patiënten die niet bij of krachtens de Zorgverzekeringswet verplicht zijn verzekerd wordt opgehoogd met een opslag van € 2,63 (prijspeil definitief niveau 2021) in verband met de extra te verrichten administratieve handelingen.
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Het consult wordt gedifferentieerd in 3x6 separate prestaties, die in onderstaande tabel worden weergeven.
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Prestaties
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Consult passant/militair/gemoedsbezwaarde/buitenlandse patiënt korter dan 5 minuten
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Consult passant/militair/gemoedsbezwaarde/buitenlandse patiënt vanaf 5 minuten tot 20 minuten
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Consult passant/militair/gemoedsbezwaarde/buitenlandse patiënt 20 minuten en langer
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Visite passant/militair/gemoedsbezwaarde/buitenlandse patiënt korter dan 20 minuten
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Visite passant/militair/gemoedsbezwaarde/buitenlandse patiënt 20 minuten en langer
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Vaccinatie passant/militair/gemoedsbezwaarde/buitenlandse patiënt
|
||
– –
|
||
Het tarief van het consult is een bedrag per patiëntcontact. Het tarief is een vergoeding voor de kosten van zorglevering.
|
||
– –
|
||
Het tarief van het consult gemoedsbezwaarden en tijdelijk in Nederland verblijvende buitenlandse patiënten die niet bij of krachtens de Zorgverzekeringswet verplicht zijn verzekerd wordt opgehoogd met een opslag van € 2,63 (prijspeil definitief niveau 2021) in verband met de extra te verrichten administratieve handelingen.
|
||
– –
|
||
Het consult wordt gedifferentieerd in 3x6 separate prestaties, die in onderstaande tabel worden weergeven.
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Prestaties
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Consult passant/militair/gemoedsbezwaarde/buitenlandse patiënt korter dan 5 minuten
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Consult passant/militair/gemoedsbezwaarde/buitenlandse patiënt vanaf 5 minuten tot 20 minuten
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Consult passant/militair/gemoedsbezwaarde/buitenlandse patiënt 20 minuten en langer
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Visite passant/militair/gemoedsbezwaarde/buitenlandse patiënt korter dan 20 minuten
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Visite passant/militair/gemoedsbezwaarde/buitenlandse patiënt 20 minuten en langer
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Vaccinatie passant/militair/gemoedsbezwaarde/buitenlandse patiënt
|
||
|
||
Voorwaarden, voorschriften en beperkingen:
|
||
|
||
1. 1.
|
||
Voorwaarden, voorschriften en beperkingen 1 tot en met 10 van de reguliere consulten (zie artikel 5.2.2) zijn mutatis mutandis van toepassing.
|
||
2. 2.
|
||
Consulten voor passanten, militairen, gemoedsbezwaarden of tijdelijk in Nederland verblijvende buitenlandse patiënten die niet bij of krachtens de Zorgverzekeringswet verplicht zijn verzekerd mogen door de zorgaanbieder alleen in rekening worden gebracht voor zorg buiten anw-uren.
|
||
3. 3.
|
||
Het is niet toegestaan het consult voor tijdelijk in Nederland verblijvende buitenlandse patiënten die niet bij of krachtens de Zorgverzekeringswet verplicht zijn verzekerd in rekening te brengen indien voor de ingeschreven patiënt het inschrijftarief in rekening wordt gebracht.
|
||
4. 4.
|
||
Consulten voor passanten mogen door de zorgaanbieder alleen in rekening worden gebracht voor incidentele en acute zorg aan niet bij de zorgaanbieder ingeschreven patiënten die bij of krachtens de Zorgverzekeringswet verplicht zijn verzekerd.
|
||
5. 5.
|
||
Het is niet toegestaan het passantentarief in rekening te brengen indien de patiënt, gelet op de aard van de klachten, redelijkerwijs kan worden verwezen naar de huisarts(praktijk) waar de patiënt staat ingeschreven.
|
||
6. 6.
|
||
Het is niet toegestaan het consult voor passanten in rekening te brengen:
|
||
|
||
|
||
•
|
||
indien de patiënt is ingeschreven bij een huisarts die werkzaam is i) binnen dezelfde praktijk en/of ii) op dezelfde locatie als de behandelend huisarts;
|
||
|
||
|
||
•
|
||
of indien er sprake is van onderlinge waarneming (zoals bij vakantie, ziekte of nascholing).
|
||
• •
|
||
indien de patiënt is ingeschreven bij een huisarts die werkzaam is i) binnen dezelfde praktijk en/of ii) op dezelfde locatie als de behandelend huisarts;
|
||
• •
|
||
of indien er sprake is van onderlinge waarneming (zoals bij vakantie, ziekte of nascholing).
|
||
7. 7.
|
||
Indien niet aan de voorwaarden 2 t/m 6 wordt voldaan, mogen alleen de reguliere consulten (zie artikel 5.2.2) in rekening worden gebracht.
|
||
|
||
#### 5.2.4. Poh-ggz
|
||
|
||
De functie praktijkondersteuning geestelijke gezondheidszorg (poh-ggz) betreft zorginhoudelijke ondersteuning van de huisartsenzorg aan alle patiënten met klachten van (mogelijk) psychische, psychosociale of psychosomatische aard. De functie kan worden ingevuld door (een combinatie van) personele inzet, e-health, en consultatieve raadpleging van gespecialiseerde zorgaanbieders.
|
||
|
||
Binnen de functie poh-ggz onderscheidt de NZa de volgende prestaties.
|
||
|
||
− −
|
||
|
||
*Opslag praktijkondersteunerggz per kwartaal, per ingeschreven verzekerde*
|
||
|
||
De opslag biedt beschikbaarheid van de functie poh-ggz voor de bij de zorgaanbieder op naam ingeschreven verzekerden. Het tarief van de opslag is een bedrag per kwartaal per op naam van de zorgaanbieder ingeschreven verzekerde. Het tarief is een vergoeding voor de kosten van beschikbaarheid, e-health en consultatieve raadpleging en een deel van de kosten van zorglevering.
|
||
− −
|
||
|
||
*Consult praktijkondersteuner ggz*
|
||
|
||
Het consult praktijkondersteuner ggz is een direct patiëntcontact van een ingeschreven verzekerde met een zorgverlener poh-ggz. Het tarief is een vergoeding voor een deel van de kosten van zorgverlening in het kader van poh-ggz. Het consult wordt gedifferentieerd in 6 separate prestaties, die in onderstaande tabel worden weergeven. Het maximale basisconsulttarief poh-ggz is gelijk aan het maximale basistarief van het reguliere consult (zie artikel 5.2.2).
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Prestaties
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Consult praktijkondersteuner ggz korter dan 5 minuten
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Consult praktijkondersteuner ggz vanaf 5 minuten tot 20 minuten
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Consult praktijkondersteuner ggz 20 minuten en langer
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Visite praktijkondersteuner ggz korter dan 20 minuten
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Visite praktijkondersteuner ggz 20 minuten en langer
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Groepsconsult praktijkondersteuner ggz
|
||
− −
|
||
|
||
*Onderlinge dienstverlening ten behoeve van praktijkondersteuner ggz*
|
||
|
||
Prestaties in rekening te brengen door een zorgaanbieder bij een zorgaanbieder. We onderscheiden hier:
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Prestaties
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Onderlinge dienstverlening ten behoeve van praktijkondersteuner ggz
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Onderlinge dienstverlening ten behoeve van consultatie bij praktijkondersteuner ggz
|
||
|
||
Voorwaarden, voorschriften en beperkingen:
|
||
|
||
1. 1.
|
||
Voorwaarden, voorschriften en beperkingen 1, 2, 3, 4 en 7 van de reguliere consulten zijn mutatis mutandis van toepassing op de consulten praktijkondersteuner ggz.
|
||
2. 2.
|
||
Het maximale opslagtarief praktijkondersteuner ggz is gebaseerd op een inzet van 1/3 fte poh-ggz (12 uur per week) per 2.350 patiënten. Het in rekening te brengen tarief mag echter niet hoger zijn dan verklaard kan worden op basis van de aantoonbare en voor de ingeschreven patiënt beschikbare inzet van poh-ggz personeel (waarbij het functie- en competentieprofiel voor de praktijkondersteuner ggz ontwikkeld door LHV, NHG, PsyHAG en InEen leidend is), eventueel aangevuld met de direct aan de functie poh-ggz gekoppelde en aantoonbaar gemaakte kosten voor de ingeschreven patiënt beschikbare e-healthtoepassingen (niet zijnde reguliere infrastructurele kosten) en externe consultatie. Hierbij wordt de toerekenmethodiek gehanteerd zoals in de rekenvoorbeelden in het hoofdstuk “toelichting” verderop in de beleidsregel is uitgewerkt. De onderbouwing van het werkelijk in rekening gebrachte opslagtarief moet op verzoek van de patiënt, diens zorgverzekeraar of de NZa ter beschikking worden gesteld.
|
||
3. 3.
|
||
Aanvullende vergoedingen voor inzet van poh-ggz boven het niveau van 1/3 fte per 2.350 patiënten, of hieraan gekoppelde e-health en externe consultatie, kunnen overeengekomen worden binnen segment 3, onder de noemer zorgvernieuwing.
|
||
4. 4.
|
||
Indien de betreffende zorgaanbieder (aanbieder poh-ggz) niet ook de aanbieder is van de basisvoorziening huisartsenzorg (aanbieder huisartsenzorg) voor de betreffende ingeschreven verzekerden, dan moet een overeenkomst gesloten zijn tussen aanbieder poh-ggz en aanbieder huisartsenzorg. Aanbieder poh-ggz stelt deze overeenkomst met aanbieder huisartsenzorg desgevraagd ter beschikking aan de patiënt, de zorgverzekeraar of de NZa.
|
||
5. 5.
|
||
Het groepsconsult praktijkondersteuner ggz mag ongeacht de duur van het groepsconsult per consult één keer in rekening worden gebracht bij alle deelnemers aan het groepsconsult.
|
||
|
||
#### 5.2.5. Overige S1-verrichtingen
|
||
|
||
Deze paragraaf beschrijft vijf specifieke (groepen van) verrichtingen. Het betreft prestaties die tot en met 2014 als M&I-verrichting gedeclareerd konden worden. De prestaties kennen een maximumtarief per verrichting. Onderstaande tabel specificeert de vijf prestaties en ter informatie de oude M&I-prestatiecodes waarvoor de prestaties in de plaats komen.
|
||
|
||
| Prestaties | Oude M&I-code |
|
||
| --- | --- |
|
||
| Chirurgie | 13012, 13047, 13048 |
|
||
| Ambulante compressietherapie bij ulcus cruris | 13015 |
|
||
| Oogboring | 13024 |
|
||
| Therapeutische injectie (Cyriax) | 13023 |
|
||
| IUD (spiraal) aanbrengen/implanteren of verwijderen Etonogestrel implantatiestaafje | 13042 |
|
||
|
||
Voorwaarden, voorschriften en beperkingen:
|
||
|
||
1. 1.
|
||
Het totaal aan medisch noodzakelijke handelingen zoals beschreven in de per prestatie relevante NHG-richtlijn (dan wel overige voor het uitvoeren van de specifieke prestatie relevante richtlijnen) is onderdeel van de beschreven prestatie.
|
||
2. 2.
|
||
Chirurgie betreft chirurgische ingrepen ter vervanging van behandeling in de 2e lijn, zoals:
|
||
|
||
|
||
a.
|
||
excisie van een atheroom, lipoom, fibroom, chalazion, neavus/multiple naevi;
|
||
|
||
|
||
b.
|
||
huidbiopt (stans), electrochirurgie;
|
||
|
||
|
||
c.
|
||
complexe (uitgebreide) wondbehandeling met hechten;
|
||
|
||
|
||
d.
|
||
Barron-ligatie;
|
||
|
||
|
||
e.
|
||
chirurgische decubitusbehandeling;
|
||
|
||
|
||
f.
|
||
nagelchirurgie bijvoorbeeld nagelextractie respectievelijk nagelbedexcisie;
|
||
|
||
|
||
g.
|
||
incideren van abces of van vers getromboseerd hemorrhoïd, incisie perianaal abces/sinus pilonidalis;
|
||
|
||
|
||
h.
|
||
ascitespunctie;
|
||
|
||
|
||
i.
|
||
verdenking melanoom, basaalcelcarcinoom, plaveiselcelcarcinoom, overige maligniteiten huid;
|
||
|
||
|
||
j.
|
||
hechten grotere/lelijke complexe wonden;
|
||
|
||
|
||
k.
|
||
frenulumplastiek;
|
||
|
||
|
||
l.
|
||
behandeling van multipele condylomata acuminata met electrocoagulatie-apparatuur.
|
||
a. a.
|
||
excisie van een atheroom, lipoom, fibroom, chalazion, neavus/multiple naevi;
|
||
b. b.
|
||
huidbiopt (stans), electrochirurgie;
|
||
c. c.
|
||
complexe (uitgebreide) wondbehandeling met hechten;
|
||
d. d.
|
||
Barron-ligatie;
|
||
e. e.
|
||
chirurgische decubitusbehandeling;
|
||
f. f.
|
||
nagelchirurgie bijvoorbeeld nagelextractie respectievelijk nagelbedexcisie;
|
||
g. g.
|
||
incideren van abces of van vers getromboseerd hemorrhoïd, incisie perianaal abces/sinus pilonidalis;
|
||
h. h.
|
||
ascitespunctie;
|
||
i. i.
|
||
verdenking melanoom, basaalcelcarcinoom, plaveiselcelcarcinoom, overige maligniteiten huid;
|
||
j. j.
|
||
hechten grotere/lelijke complexe wonden;
|
||
k. k.
|
||
frenulumplastiek;
|
||
l. l.
|
||
behandeling van multipele condylomata acuminata met electrocoagulatie-apparatuur.
|
||
3. 3.
|
||
Het verwijderen van wratten of mollusca valt niet onder chirurgie, maar onder het begrip kleine chirurgie in de consultprestaties van artikelen 5.2.2, 5.2.3 en 8.2.2.
|
||
4. 4.
|
||
Voor chirurgie gelden de volgende aanvullende voorwaarden:
|
||
|
||
|
||
–
|
||
de prestatie is inclusief (hecht)materiaal, verwijderen hechtingen en nabehandeling (verwijderen van hechtingen na specialistische behandeling valt hier niet onder);
|
||
– –
|
||
de prestatie is inclusief (hecht)materiaal, verwijderen hechtingen en nabehandeling (verwijderen van hechtingen na specialistische behandeling valt hier niet onder);
|
||
5. 5.
|
||
Compressietherapie bij ulcus cruris betreft het behandelen van een patiënt met ulcus cruris met behulp van compressietherapie, met de volgende voorwaarden:
|
||
|
||
|
||
–
|
||
de indicatie en uitvoering conform NHG-standaard M16;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
de patiënt is voor deze aandoening niet onder behandeling van een medisch specialist;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
het maken van afspraken met de gespecialiseerde zorgaanbieder/verlener (bijvoorbeeld de wondverpleegkundige) over consulteren en door- en terugverwijzen valt onder de prestatiebeschrijving;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
de prestatie is exclusief de benodigde verbandmiddelen.
|
||
– –
|
||
de indicatie en uitvoering conform NHG-standaard M16;
|
||
– –
|
||
de patiënt is voor deze aandoening niet onder behandeling van een medisch specialist;
|
||
– –
|
||
het maken van afspraken met de gespecialiseerde zorgaanbieder/verlener (bijvoorbeeld de wondverpleegkundige) over consulteren en door- en terugverwijzen valt onder de prestatiebeschrijving;
|
||
– –
|
||
de prestatie is exclusief de benodigde verbandmiddelen.
|
||
6. 6.
|
||
Oogboring betreft het verwijderen van een corpus alienum uit het oog. Handelingen beschreven in NHG-standaard M57.
|
||
7. 7.
|
||
Therapeutische injectie (Cyriax) betreft een injectie met corticosteroïden of lokaal anestheticum in gewrichten, op peesaanhechtingen of bursa volgens principe van Cyriax.
|
||
8. 8.
|
||
IUD aanbrengen betreft het inbrengen van een spiraaltje of Etonogestrel implantatiestaafje vanwege anticonceptie.
|
||
9. 9.
|
||
Het tarief voor bovengenoemde verrichtingen is een vergoeding voor onder meer de tijd, die wordt besteedt aan het uitvoeren van de verrichting. De handelingen, die vooraf gaan aan het uitvoeren van deze verrichting, zoals uitgebreide uitvraag van klachten en hulpvraag, vraagverheldering, lichamelijk onderzoek, diagnostiek en het advies, zijn geen onderdeel van het tarief van de verrichting en kunnen separaat in rekening gebracht worden op basis van de bestede tijd als regulier consult of een van de varianten hiervan. Uiteraard alleen indien deze werkzaamheden ook daadwerkelijk zijn uitgevoerd. Indien voorafgaand aan de verrichting hulpvragen los van de verrichting worden beantwoord, kunnen deze als consult naast de verrichting in rekening worden gebracht.
|
||
|
||
#### 5.2.6. Prestaties huisartsenzorg bij eerstelijnsverblijf en intensieve zorg
|
||
|
||
De prestaties huisartsenzorg bij eerstelijnsverblijf (elv) en intensieve zorg zijn bedoeld voor huisartsenzorg geleverd aan patiënten die een hogere zorgzwaarte met zich meebrengen. De patiëntgroepen die hieronder vallen zijn palliatief terminale patiënten, patiënten waarvan het CIZ een zorgprofiel heeft geïndiceerd in de reeks VV Beschermd wonen met intensieve dementiezorg t/m VV beschermd verblijf intensieve palliatief-terminale zorg, en patiënten opgenomen in een setting voor eerstelijnsverblijf.
|
||
|
||
Huisartsenzorg elv betreft het verlenen van huisartsgeneeskundige zorg aan patiënten die verblijven in een setting voor eerstelijnsverblijf. Het betreft een prestatie per visite. De prestatie wordt uitgesplitst in tijdsduur en tijdstip.
|
||
|
||
| Prestaties |
|
||
| --- |
|
||
| Huisartsenzorg overdag bij eerstelijnsverblijf, korter dan 20 minuten |
|
||
| Huisartsenzorg overdag bij eerstelijnsverblijf, 20 minuten en langer |
|
||
| Huisartsenzorg in de avond, nacht of het weekend bij eerstelijnsverblijf, korter dan 20 minuten |
|
||
| Huisartsenzorg in de avond, nacht of het weekend bij eerstelijnsverblijf, 20 minuten en langer |
|
||
|
||
Intensieve zorg betreft het verlenen van intensieve zorg aan
|
||
|
||
– –
|
||
terminale patiënten of
|
||
– –
|
||
patiënten waarvoor het CIZ een zorgprofiel heeft toegewezen uit onderstaande reeks verpleging en verzorging. Deze patiënten ontvangen geen verblijf én behandeling van een instelling ingevolge artikel 3.1.1, eerste lid, onderdeel a en artikel 3.1.1, eerste lid, onderdeel c van de Wet langdurige zorg.
|
||
|
||
|
||
–
|
||
VV Beschermd wonen met intensieve dementiezorg;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
VV Beschermd wonen met intensieve verzorging en verpleging;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
VV Beschermd wonen met zeer intensieve zorg, vanwege specifieke aandoeningen, met de nadruk op begeleiding;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
VV Beschermd wonen met zeer intensieve zorg, vanwege specifieke aandoeningen, met de nadruk op verzorging/verpleging;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
VV Herstelgerichte behandeling met verpleging en verzorging;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
VV Beschermd verblijf met intensieve palliatief-terminale zorg.
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Prestaties
|
||
|
||
|
||
Oude M&I-code
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Intensieve zorg overdag
|
||
|
||
|
||
13034, 13035
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Intensieve zorg in de avond, nacht of het weekend
|
||
|
||
|
||
13036, 13037
|
||
– –
|
||
VV Beschermd wonen met intensieve dementiezorg;
|
||
– –
|
||
VV Beschermd wonen met intensieve verzorging en verpleging;
|
||
– –
|
||
VV Beschermd wonen met zeer intensieve zorg, vanwege specifieke aandoeningen, met de nadruk op begeleiding;
|
||
– –
|
||
VV Beschermd wonen met zeer intensieve zorg, vanwege specifieke aandoeningen, met de nadruk op verzorging/verpleging;
|
||
– –
|
||
VV Herstelgerichte behandeling met verpleging en verzorging;
|
||
– –
|
||
VV Beschermd verblijf met intensieve palliatief-terminale zorg.
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Prestaties
|
||
|
||
|
||
Oude M&I-code
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Intensieve zorg overdag
|
||
|
||
|
||
13034, 13035
|
||
|
||
|
||
|
||
|
||
Intensieve zorg in de avond, nacht of het weekend
|
||
|
||
|
||
13036, 13037
|
||
|
||
Voorwaarden, voorschriften en beperkingen:
|
||
|
||
1. 1.
|
||
Het totaal aan medisch noodzakelijke handelingen zoals beschreven in de voor het uitvoeren van de specifieke prestaties relevante richtlijnen is onderdeel van de beschreven prestatie.
|
||
2. 2.
|
||
De prestaties huisartsenzorg bij eerstelijnsverblijf en intensieve zorg betreffen prestaties per visite.
|
||
3. 3.
|
||
Voor de prestaties huisartsenzorg bij eerstelijnsverblijf en intensieve zorg geldt dat indien de visite aanvangt tijdens anw-uren, dan het anw-tarief in rekening mag worden gebracht.
|
||
4. 4.
|
||
Het anw-tarief kan niet worden gedeclareerd indien de visite is geleverd tijdens een dienstuur hds.
|
||
5. 5.
|
||
Indien intensieve zorg conform de prestatiebeschrijving wordt geleverd aan een patiënt die opgenomen is in een setting voor elv, kunnen de prestaties intensieve zorg in rekening worden gebracht.
|
||
6. 6.
|
||
De prestaties huisartsenzorg bij eerstelijnsverblijf 20 minuten en langer mogen alleen in rekening worden gebracht indien de patiëntgebonden tijd daadwerkelijk 20 minuten of langer in beslag heeft genomen.
|
||
7. 7.
|
||
Declaratie van een prestatie huisartsenzorg bij eerstelijnsverblijf of intensieve zorg kan niet gelijktijdig met declaratie van een regulier consult of visites zoals beschreven in paragaaf 5.2.2 van deze beleidsregel. Een huisarts kan naast de prestaties huisartsenzorg bij eerstelijnsverblijf wel overige prestaties in rekening brengen indien deze zorg geleverd is.
|
||
8. 8.
|
||
De prestaties huisartsenzorg bij eerstelijnsverblijf en intensieve zorg kunnen niet in rekening worden gebracht indien de patiënt verblijf én behandeling geniet van een instelling ingevolge artikel 3.1.1, eerste lid, onderdeel a en artikel 3.1.1, eerste lid, onderdeel c van de Wet langdurige zorg.
|
||
|
||
#### 5.2.7. Deelname programma OPEN (vergoeding kosten mogelijkheid tot online patiëntinzage), per ingeschreven verzekerde
|
||
|
||
OPEN is een meerjarig programma voor het ontsluiten van patiëntgegevens. Inzicht in de eigen medische gegevens kan patiënten helpen in hun omgang met de eigen gezondheid.
|
||
|
||
Het doel van OPEN is het mogelijk maken dat huisartsen en andere zorgverleners uit de gecontracteerde programmatische ketenzorg, vertegenwoordigd in een regionale coalitie onder regie van een huisartsenorganisatie, iedere inwoner die dat wil veilig, betrouwbaar en zonder kosten, digitaal en gestandaardiseerd kunnen laten beschikken over de eigen gezondheidsgegevens. Deze gegevens kunnen zodra mogelijk door patiënten worden toegevoegd aan hun persoonlijke gegevensomgeving (PGO), conform het afsprakenstelsel en de informatiestandaarden van MedMij.
|
||
|
||
OPEN is gericht op aanpassingen van ICT, het bieden van praktische ondersteuning en deskundigheidsbevordering aan zorgverleners in de eerstelijnszorg over digitale informatie-uitwisseling, maar vooral op het ondersteunen van het gesprek daarover tussen huisarts en patiënt.
|
||
|
||
Regionale coalities ondersteunen huisartsen bij het implementeren van het OPEN-programma, onder andere door:
|
||
|
||
– –
|
||
het ondersteunen van huisartsen voor het op landelijke uniforme wijze bereiken van gegevensdeling tussen huisarts en patiënten in de huisartsenzorg;
|
||
– –
|
||
het organiseren van deskundigheidsbevordering;
|
||
– –
|
||
het verzorgen van voorlichting en scholing aan huisartsen;
|
||
– –
|
||
het ondersteunen van huisartsen bij het verzorgen van voorlichting aan en stimuleren van gebruik door patiënten.
|
||
– –
|
||
het verzorgen van de regionale communicatie.
|
||
|
||
De prestatie geeft huisartsen een eenmalige vergoeding voor de extra tijd en inspanning om zorg te dragen voor een online patiëntinzage in de medische gegevens die de huisarts voor hem/haar bijhoudt. De prestatie kan, afhankelijk van het soort patiënt, als volgt in rekening worden gebracht:
|
||
|
||
1. 1.
|
||
Per ingeschreven verzekerde patiënt kan eenmalig een bedrag van € 2,92 (definitief niveau 2021) als op opslag op het inschrijftarief per op naam van de huisarts ingeschreven verzekerde in rekening worden gebracht.
|
||
|
||
*Voorwaarden, voorschriften en beperkingen:*
|
||
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Het tarief mag in de periode 2020–2022 voor alle op het moment van declareren ingeschreven verzekerde patiënten eenmalig in rekening worden gebracht indien is voldaan aan de voorwaarden:
|
||
|
||
|
||
a.
|
||
deelname aan een regionale coalitie;
|
||
|
||
|
||
b.
|
||
deelname aan de door de regionale coalitie in het kader van OPEN georganiseerde scholing voor de basismodule ‘Implementeren online inzage conform de ‘Richtlijn Online inzage in het H-EPD door patiënt’;
|
||
|
||
|
||
c.
|
||
patiënten zijn geïnformeerd op welke wijze de eigen gezondheidsgegevens elektronisch kunnen worden ingezien;
|
||
|
||
|
||
d.
|
||
het huisartsinformatiesysteem functioneert conform de richtlijn ‘Richtlijn Online inzage in het H-EPD door patiënt’.
|
||
|
||
|
||
Aangezien hier een landelijk vastgesteld bedrag verdeeld wordt over een periode van drie jaar, moeten een aantal aanvullende voorwaarden worden gesteld aan de wijze van declareren. De zorgverlener kiest na het voldoen aan bovenstaande voorwaarden in de periode 2020–2022 één moment van declareren, gelijktijdig met de declaratie van de kwartaalbedragen voor inschrijving op naam. Hierbij wordt eenmalig voor alle op dat moment ingeschreven verzekerden de prestatie “deelname programma OPEN” voor de ingeschreven verzekerden in rekening gebracht. Nadat de huisartsenpraktijk het opslagtarief in rekening heeft gebracht voor de op dat moment ingeschreven verzekerde patiënten kan voor nieuw instromende/ overstappende patiënten het tarief niet meer in rekening worden gebracht.
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Het tarief mag in rekening worden gebracht voor die verzekerden die op genoemde declaratiedatum uit eigen beweging bij de zorgaanbieder ingeschreven staan.
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Het tarief kan in rekening worden gebracht in aanvulling op de overige prestaties zoals in deze beleidsregel beschreven, tenzij expliciet anders wordt vermeld.
|
||
– –
|
||
Het tarief mag in de periode 2020–2022 voor alle op het moment van declareren ingeschreven verzekerde patiënten eenmalig in rekening worden gebracht indien is voldaan aan de voorwaarden:
|
||
|
||
|
||
a.
|
||
deelname aan een regionale coalitie;
|
||
|
||
|
||
b.
|
||
deelname aan de door de regionale coalitie in het kader van OPEN georganiseerde scholing voor de basismodule ‘Implementeren online inzage conform de ‘Richtlijn Online inzage in het H-EPD door patiënt’;
|
||
|
||
|
||
c.
|
||
patiënten zijn geïnformeerd op welke wijze de eigen gezondheidsgegevens elektronisch kunnen worden ingezien;
|
||
|
||
|
||
d.
|
||
het huisartsinformatiesysteem functioneert conform de richtlijn ‘Richtlijn Online inzage in het H-EPD door patiënt’.
|
||
|
||
|
||
Aangezien hier een landelijk vastgesteld bedrag verdeeld wordt over een periode van drie jaar, moeten een aantal aanvullende voorwaarden worden gesteld aan de wijze van declareren. De zorgverlener kiest na het voldoen aan bovenstaande voorwaarden in de periode 2020–2022 één moment van declareren, gelijktijdig met de declaratie van de kwartaalbedragen voor inschrijving op naam. Hierbij wordt eenmalig voor alle op dat moment ingeschreven verzekerden de prestatie “deelname programma OPEN” voor de ingeschreven verzekerden in rekening gebracht. Nadat de huisartsenpraktijk het opslagtarief in rekening heeft gebracht voor de op dat moment ingeschreven verzekerde patiënten kan voor nieuw instromende/ overstappende patiënten het tarief niet meer in rekening worden gebracht.
|
||
a. a.
|
||
deelname aan een regionale coalitie;
|
||
b. b.
|
||
deelname aan de door de regionale coalitie in het kader van OPEN georganiseerde scholing voor de basismodule ‘Implementeren online inzage conform de ‘Richtlijn Online inzage in het H-EPD door patiënt’;
|
||
c. c.
|
||
patiënten zijn geïnformeerd op welke wijze de eigen gezondheidsgegevens elektronisch kunnen worden ingezien;
|
||
d. d.
|
||
het huisartsinformatiesysteem functioneert conform de richtlijn ‘Richtlijn Online inzage in het H-EPD door patiënt’.
|
||
– –
|
||
Het tarief mag in rekening worden gebracht voor die verzekerden die op genoemde declaratiedatum uit eigen beweging bij de zorgaanbieder ingeschreven staan.
|
||
– –
|
||
Het tarief kan in rekening worden gebracht in aanvulling op de overige prestaties zoals in deze beleidsregel beschreven, tenzij expliciet anders wordt vermeld.
|
||
2. 2.
|
||
Per ingeschreven gemoedsbezwaarde kan eenmalig een bedrag van € 2,92 (definitief niveau 2021) als opslag op het consulttarief gemoedsbezwaarden in rekening worden gebracht. De opslag wordt verdisconteerd in het consulttarief per patiëntcontact.
|
||
|
||
*Voorwaarden, voorschriften en beperkingen:*
|
||
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Voorwaarden, voorschriften en beperkingen van de reguliere consulten gemoedsbezwaarden (zie artikel 5.2.3) zijn mutatis mutandis van toepassing;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Het tarief mag in de periode 2020–2022 voor alle ingeschreven gemoedsbezwaarden eenmalig in rekening worden gebracht als is voldaan aan de voorwaarden van:
|
||
|
||
|
||
a.
|
||
deelname aan een regionale coalitie;
|
||
|
||
|
||
b.
|
||
deelname aan de door de regionale coalitie in het kader van OPEN georganiseerde scholing voor de basismodule ‘Implementeren online inzage conform de ‘Richtlijn Online inzage in het H-EPD door patiënt’;
|
||
|
||
|
||
c.
|
||
patiënten zijn geïnformeerd op welke wijze de eigen gezondheidsgegevens elektronisch kunnen worden ingezien;
|
||
|
||
|
||
d.
|
||
het huisartsinformatiesysteem functioneert conform de richtlijn ‘Richtlijn Online inzage in het H-EPD door patiënt’.
|
||
– –
|
||
Voorwaarden, voorschriften en beperkingen van de reguliere consulten gemoedsbezwaarden (zie artikel 5.2.3) zijn mutatis mutandis van toepassing;
|
||
– –
|
||
Het tarief mag in de periode 2020–2022 voor alle ingeschreven gemoedsbezwaarden eenmalig in rekening worden gebracht als is voldaan aan de voorwaarden van:
|
||
|
||
|
||
a.
|
||
deelname aan een regionale coalitie;
|
||
|
||
|
||
b.
|
||
deelname aan de door de regionale coalitie in het kader van OPEN georganiseerde scholing voor de basismodule ‘Implementeren online inzage conform de ‘Richtlijn Online inzage in het H-EPD door patiënt’;
|
||
|
||
|
||
c.
|
||
patiënten zijn geïnformeerd op welke wijze de eigen gezondheidsgegevens elektronisch kunnen worden ingezien;
|
||
|
||
|
||
d.
|
||
het huisartsinformatiesysteem functioneert conform de richtlijn ‘Richtlijn Online inzage in het H-EPD door patiënt’.
|
||
a. a.
|
||
deelname aan een regionale coalitie;
|
||
b. b.
|
||
deelname aan de door de regionale coalitie in het kader van OPEN georganiseerde scholing voor de basismodule ‘Implementeren online inzage conform de ‘Richtlijn Online inzage in het H-EPD door patiënt’;
|
||
c. c.
|
||
patiënten zijn geïnformeerd op welke wijze de eigen gezondheidsgegevens elektronisch kunnen worden ingezien;
|
||
d. d.
|
||
het huisartsinformatiesysteem functioneert conform de richtlijn ‘Richtlijn Online inzage in het H-EPD door patiënt’.
|
||
|
||
De prestatie kent een maximumtarief per ingeschreven patiënt. Het tarief wordt in beginsel jaarlijks ambtshalve geïndexeerd. De op het tarief toe te passen loonkostenindex wordt vastgesteld door het Ministerie van VWS. Deze index houdt verband met de cao-afspraken. Het tarief wordt vastgesteld op basis van een voorcalculatie voor het jaar t en de definitieve index van jaar t-1.
|
||
|
||
### 5.3. Tariefsoort
|
||
|
||
Voor alle prestaties zoals beschreven in artikel 5.2 van deze beleidsregel geldt dat de NZa maximumtarieven vaststelt. Uitzondering hierop vormen de twee prestaties onderlinge dienstverlening ten behoeve van praktijkondersteuner ggz (zie artikel 5.2.4): hiervoor geldt een vrij tarief. De onderbouwing van de rekenmethode die gehanteerd wordt door de NZa om tot de maximumtarieven te komen wordt uiteengezet in het verantwoordingsdocument, dat als bijlage 3 bij deze beleidsregel is opgenomen.
|
||
|
||
## 6. Segment 2
|
||
|
||
### 6.1. Beschrijving segment
|
||
|
||
Het tweede segment richt zich op multidisciplinaire eerstelijnszorg, waarbij naast de huisartsenzorg ook andere disciplines betrokken zijn om een integrale behandeling te leveren. Dit segment heeft betrekking op zorgvragen en aandoeningen die voortkomen uit specifieke kenmerken van een (in omvang) substantieel deel van de populatie. Een ondersteuningsstructuur is wenselijk om deze programmatisch vormgegeven zorg te leveren.
|
||
|
||
Dit segment bestaat uit drie categorieën van prestaties: Organisatie en infrastructuur (O&I), segment 2A (S2A) en segment 2B (S2B).
|
||
|
||
– –
|
||
|
||
*Organisatie en infrastructuur:*
|
||
|
||
Op verzoek van de Landelijke Huisartsenvereniging, InEen en Zorgverzekeraars Nederland introduceert de NZa met ingang van 1 januari 2018 binnen het tweede segment een aantal prestaties onder de noemer organisatie en infrastructuur. Deze prestaties bieden de mogelijkheid om aanvullende vergoedingen per ingeschreven verzekerde overeen te komen op basis van afspraken tussen zorgaanbieders en zorgverzekeraars. Deze aanvullende vergoedingen hebben als doel om (multidisciplinaire) samenwerking tussen zorgverleners te stimuleren, waarbij de patiënt de voordelen ervaart van het continue verbeteren van de kwaliteit en/of kosten van zorg.3Voor een verdere toelichting op de achtergronden van de introductie van deze prestaties verwijzen wij naar de rapporten “Een sterke eerste lijn voor betere zorg en beheersbare kosten” en “Impactanalyse O&I”. Beide documenten: https://ineen.nl/programmas/bekostiging-en-bedrijfsvoering/organisatie-en-infrastructuur/ Zie verder artikelen 6.2.1 en 6.3.1.
|
||
– –
|
||
|
||
*Segment 2A:*
|
||
|
||
Segment 2A beschrijft ketenprestaties voor multidisciplinaire samenwerking bij chronische zorg in het kader van Diabetes Mellitus type 2 (DM2), Chronic Obstructive Pulmonary Disease (COPD), Vasculair Risicomanagement (VRM) en Astma.
|
||
|
||
|
||
○
|
||
Met ingang van 2015 zijn er twee prestaties vastgesteld binnen S2A voor gecontracteerde zorg; één prestatie voor de ketenzorg DM2 en VRM en één prestatie voor ketenzorg COPD en Astma. Als gevolg van de introductie van de prestaties voor organisatie en infrastructuur is het uitgangspunt dat de O&I-componenten geen onderdeel meer zijn van de tarieven die binnen de ketenprestaties worden afgesproken. Zie verder artikelen 6.2.2 en 6.3.2.
|
||
|
||
|
||
○
|
||
Met ingang van 2018 kent S2A naast de prestaties met contractvereiste ook drie prestaties die het voor niet gecontracteerde zorgaanbieders mogelijk maken ketenzorg voor DM2, COPD en CVRM-HVZ in rekening te brengen. De O&I-componenten zijn hier wel onderdeel van de prestatie. Zie verder artikelen 6.2.3 en 6.3.3.
|
||
○ ○
|
||
Met ingang van 2015 zijn er twee prestaties vastgesteld binnen S2A voor gecontracteerde zorg; één prestatie voor de ketenzorg DM2 en VRM en één prestatie voor ketenzorg COPD en Astma. Als gevolg van de introductie van de prestaties voor organisatie en infrastructuur is het uitgangspunt dat de O&I-componenten geen onderdeel meer zijn van de tarieven die binnen de ketenprestaties worden afgesproken. Zie verder artikelen 6.2.2 en 6.3.2.
|
||
○ ○
|
||
Met ingang van 2018 kent S2A naast de prestaties met contractvereiste ook drie prestaties die het voor niet gecontracteerde zorgaanbieders mogelijk maken ketenzorg voor DM2, COPD en CVRM-HVZ in rekening te brengen. De O&I-componenten zijn hier wel onderdeel van de prestatie. Zie verder artikelen 6.2.3 en 6.3.3.
|
||
– –
|
||
|
||
*Segment 2B:*
|
||
|
||
Segment 2B biedt ruimte voor partijen om programmatische zorg vorm te geven voor elementen van zorg die nog geen onderdeel uitmaken van de reguliere integrale bekostiging in S2A. Het gaat hierbij om nieuwe ketens (bijvoorbeeld depressie of programmatische zorg voor kwetsbare ouderen) of nieuwe elementen van zorg binnen de bestaande ketens (bijvoorbeeld farmaceutische zorg) waarbij landelijk overeenstemming is over de aanpak en onderliggende zorgstandaarden. Veldpartijen kunnen de NZa een specifiek verzoek doen om dit segment te vullen met prestaties die aan bovenstaande voorwaarden voldoen. Segment S2B is op dit moment nog niet gevuld met prestaties.
|
||
|
||
### 6.2. Prestatiebeschrijvingen
|
||
|
||
#### 6.2.1. Organisatie en infrastructuur
|
||
|
||
De prestaties binnen organisatie en infrastructuur bieden de mogelijkheid om aanvullende vergoedingen per ingeschreven verzekerde overeen te komen op basis van afspraken tussen zorgaanbieders en zorgverzekeraars. Deze vergoedingen hebben als doel om (multidisciplinaire) samenwerking tussen zorgverleners te stimuleren en te organiseren, waarbij de patiënt de voordelen ervaart van het continue verbeteren van de kwaliteit en/of kosten van zorg. Hiervoor is op verschillende populatieniveaus een ondersteuningsstructuur nodig waarbij partijen zich gezamenlijk organiseren en gemandateerd zijn om namens de aangesloten zorgverleners afspraken te maken met stakeholders (zoals bijvoorbeeld gemeenten, ziekenhuizen, VVT-instellingen, GGZ-instellingen, overige eerstelijns zorgaanbieders etc.)
|
||
|
||
Onder organisatie en infrastructuur onderscheiden we vier prestaties:
|
||
|
||
a. a.
|
||
|
||
*Organisatie en infrastructuur wijkmanagement (samenwerking tussen verschillende zorg- en hulpverleners in de wijk), per ingeschreven verzekerde*
|
||
b. b.
|
||
|
||
*Organisatie en infrastructuur ketenzorg, per ingeschreven verzekerde*
|
||
c. c.
|
||
|
||
*Organisatie en infrastructuur regiomanagement (samenwerking tussen verschillende zorg- en hulpverleners in de regio), per ingeschreven verzekerde*
|
||
d. d.
|
||
|
||
*Organisatie en infrastructuur geïntegreerde eerstelijnszorg overig, per ingeschreven verzekerde*
|
||
|
||
In alle gevallen betreft het een vergoeding per ingeschreven verzekerde van de bij het multidisciplinair samenwerkingsverband aangesloten huisartsen. De vergoeding wordt vervolgens overeengekomen met het relevante samenwerkingsverband.
|
||
|
||
Alle prestaties kennen een vrij tarief en mogen enkel in rekening worden gebracht indien hier een overeenkomst met de zorgverzekeraar van de desbetreffende verzekerde aan ten grondslag ligt. De zorgverzekeraar heeft hierbij zorg te dragen dat de afspraken over vergoedingen via deze prestatietitels geen overlappende kostencomponenten bevatten die tot dubbele bekostiging leiden. De afspraken binnen deze prestaties organisatie en infrastructuur zijn altijd gekoppeld aan afspraken over de vergoeding, inhoud en resultaat
|
||
|
||
Het is partijen voor al deze prestaties toegestaan meerjarige contracten te sluiten, en daarin voor elk jaar van de looptijd van het contract een jaartarief en eventueel aanvullende afspraken overeen te komen.
|
||
|
||
Deze prestatie biedt de mogelijkheid om afspraken te maken over de investeringen in multidisciplinaire samenwerkingsverbanden met bijbehorende ondersteuningsstructuur met als doel optimalisatie van samenwerking tussen eerstelijns zorgaanbieders op wijkniveau (een populatie van 10.000/20.000 ingeschreven verzekerden is hierbij een uitgangspunt, maar de specifieke invulling van dit wijkniveau is aan zorgaanbieders en zorgverzekeraars). De verwachting hierbij is dat deze verbeterde samenwerking bijdraagt aan behoud of verbetering van kwaliteit van zorg en/of beheersing van zorgkosten.
|
||
|
||
| Prestatie |
|
||
| --- |
|
||
| Organisatie en infrastructuur wijkmanagement (samenwerking tussen verschillende zorg- en hulpverleners in de wijk), per ingeschreven verzekerde |
|
||
|
||
Het samenwerkingsverband ontwikkelt en onderhoudt een actieve plan-do-check-act-cyclus gericht op de kwaliteit en kosten van zorg, gebaseerd op de zorgbehoefte van de populatie op wijkniveau. Naast het opzetten van de gewenste structuur en overlegvormen, betekent dit ook het periodiek analyseren van de ontwikkelingen in de zorgvraag, het zorgaanbod en de zorgkosten, het definiëren van speerpunten, het maken en uitvoeren van plannen op deze speerpunten en het inzichtelijk maken van de resultaten van deze plannen.
|
||
|
||
Het multidisciplinair samenwerkingsverband maakt hierbij adequate samenwerkingsafspraken tussen de deelnemende zorgprofessionals en het sociale domein. Het samenwerkingsverband is hierbij een gemandateerd aanspreekpunt voor en namens de aangesloten zorgaanbieders met andere stakeholders, zoals bijvoorbeeld gemeenten, ziekenhuizen, VVT-instellingen, GGZ-instellingen etc.
|
||
|
||
Bij het tot stand komen van tariefafspraken voor deze prestatie maken zorgverzekeraars en zorgaanbieders specifieke afspraken over de vergoedingen voor bijvoorbeeld personele inzet, management, werkgeverschap, ICT, huisvesting en innovatie op wijkniveau.
|
||
|
||
Deze prestatie biedt de mogelijkheid om afspraken te maken over de financiering van de organisatie en infrastructuur behorende bij de opzet en uitvoering van de landelijke ketenzorgprogramma’s zoals beschreven in artikel 6.2.2, Het betreft een vergoeding voor het organiseren en onderhouden van de kwaliteitscyclus (plan-do-check-act) rondom de kosten en kwaliteit van ketenzorg. Hierbij wordt voldaan aan de criteria zoals gesteld in het huidige zorgstandaardmodel van het Coördinatieplatform Zorgstandaarden.
|
||
|
||
| Prestatie |
|
||
| --- |
|
||
| Organisatie en infrastructuur ketenzorg, per ingeschreven verzekerde |
|
||
|
||
Naast het opzetten van de gewenste structuur en overlegvormen, betekent dit ook het periodiek analyseren van de ontwikkelingen in de zorgvraag, het zorgaanbod en de zorgkosten, het definiëren van speerpunten, het maken en uitvoeren van plannen op deze speerpunten en het inzichtelijk maken van de resultaten van deze plannen voor deze specifieke ketens.
|
||
|
||
Het multidisciplinair samenwerkingsverband is hierbij voor deze ketenzorgafspraken een gemandateerd aanspreekpunt voor en namens de aangesloten zorgaanbieders met andere stakeholders, zoals bijvoorbeeld gemeenten, ziekenhuizen, VVT-instellingen, GGZ-instellingen etc.
|
||
|
||
De afspraken binnen deze prestatie over organisatie en infrastructuur zijn altijd gekoppeld aan afspraken over de vergoeding, inhoud en resultaat van de zorglevering binnen de bijbehorende ketenzorg, en aan afspraken over de samenstelling en inclusiecriteria van de populatie die de daadwerkelijke zorg gaat ontvangen.
|
||
|
||
Bij het tot stand komen van tariefafspraken voor deze prestatie maken zorgverzekeraars en zorgaanbieders specifieke afspraken over de vergoedingen voor bijvoorbeeld personele inzet, management, ICT, huisvesting en overige kosten behorende bij het organiseren en onderhouden van de kwaliteitscyclus.
|
||
|
||
Indien de financiering van de organisatie en infrastructuur van ketenzorg via deze prestatie wordt overeengekomen, kan het tarief dat daarnaast in rekening wordt gebracht voor de betaaltitel ketenzorg per geïncludeerde patiënt vervolgens niet dezelfde O&I-componenten bevatten.
|
||
|
||
Afspraken over de organisatie en infrastructuur behorende bij de opzet en uitvoering van meer innovatieve ketenzorgprogramma’s zoals deze binnen Segment 3 zorgvernieuwing worden overeengekomen, vallen in de basis onder de prestatietitels wijkmanagement of regiomanagement, afhankelijk van de grootte van de populatie.
|
||
|
||
Deze prestatie biedt de mogelijkheid om afspraken te maken over aanvullende investeringen in multidisciplinaire samenwerkingsverbanden met bijbehorende ondersteuningsstructuur met als doel de optimalisatie van samenwerking van tussen eerstelijns zorgaanbieders op regioniveau (een populatie van 100.000 ingeschreven verzekerden of meer is hierbij een uitgangspunt, maar de specifieke invulling van dit regioniveau is aan zorgaanbieders en zorgverzekeraars,) De verwachting hierbij is dat deze verbeterde samenwerking bijdraagt aan behoud of verbetering van kwaliteit van zorg en/of beheersing van zorgkosten.
|
||
|
||
| Prestatie |
|
||
| --- |
|
||
| Organisatie en infrastructuur regiomanagement (samenwerking tussen verschillende zorg- en hulpverleners in de regio), per ingeschreven verzekerde |
|
||
|
||
Het samenwerkingsverband ontwikkelt en onderhoudt een actieve plan-do-check-act-cyclus gericht op de kwaliteit en kosten van zorg, gebaseerd op de zorgbehoefte van de populatie op regioniveau. Naast het opzetten van de gewenste structuur en overlegvormen, betekent dit ook het periodiek analyseren van de ontwikkelingen in de zorgvraag van de specifieke populatie, het zorgaanbod en de zorgkosten, het definiëren van speerpunten, het maken en uitvoeren van plannen op deze speerpunten en het inzichtelijk maken van de resultaten van deze plannen.
|
||
|
||
Het samenwerkingsverband maakt hierbij adequate samenwerkingsafspraken tussen de deelnemende zorgprofessionals en het sociale domein. Het samenwerkingsverband is hierbij een gemandateerd aanspreekpunt voor en namens de aangesloten zorgaanbieders met andere stakeholders, zoals bijvoorbeeld gemeenten, ziekenhuizen, VVT-instellingen, GGZ-instellingen etc.
|
||
|
||
Bij het tot stand komen van een tariefafspraken voor deze prestatie maken zorgverzekeraars en zorgaanbieders specifieke afspraken over de vergoedingen voor bijvoorbeeld personele inzet, management, ICT, huisvesting, en innovatie op regioniveau.
|
||
|
||
Indien zorgverzekeraars en zorgaanbieders continuering van bestaande afspraken wensen rondom de vergoedingen voor/investeringen in multidisciplinaire samenwerking tussen zorgverleners, en daarbij nog geen gebruik kunnen of willen maken van de O&I-prestaties zoals beschreven onder a, b of c, kunnen deze vooralsnog binnen deze prestatie worden overeengekomen. Het overeengekomen tarief is dan een vergoeding voor de kosten van personele inzet, organisatie en infrastructuur die nodig is voor deze vormen van samenwerking tussen zorgverleners voor wat betreft het leveren van geïntegreerde eerstelijnszorgproducten.
|
||
|
||
| Prestatie |
|
||
| --- |
|
||
| Organisatie en infrastructuur geïntegreerde eerstelijnszorg overig, per ingeschreven verzekerde |
|
||
|
||
Tot en met 2017 konden multidisciplinaire samenwerkingsverbanden afspraken maken binnen de GEZ-module. De verwachting is dat de afspraken die binnen deze GEZ-module vielen, nu binnen de drie nieuwe O&I-prestaties a, b of c kunnen vallen. De GEZ-module zou daarmee kunnen vervallen. De traditionele ruimte die de GEZ-module bood blijft echter vooralsnog behouden totdat duidelijk is dat alle bestaande en gewenste afspraken ook daadwerkelijk te vatten zijn in de drie nieuwe O&I-prestaties. Deze prestatie biedt ook de ruimte om bestaande meerjarencontracten binnen de voormalige GEZ-module in 2019 door te laten lopen.
|
||
|
||
#### 6.2.2. Multidisciplinaire zorg – gecontracteerd
|
||
|
||
Binnen segment 2A Multidisciplinaire zorg – gecontracteerd worden twee prestaties onderscheiden: Multidisciplinaire zorg Diabetes Mellitus type 2 en/of Vasculair Risicomanagement en Multidisciplinaire zorg COPD en/of Astma. Deze prestaties zijn te declareren indien zorgverzekeraar en zorgaanbieder dit contractueel overeenkomen en kennen een vrij tarief, zie ook artikel 6.3.2.
|
||
|
||
Deze prestatie betreft zorg aan een patiënt met Diabetes Mellitus type 2 (vanaf 18 jaar) en/of met verhoogd risico op overlijden aan hart- of vaatziekten, waarbij zorgaanbieders van diverse disciplines de zorgonderdelen in samenhang en in samenwerking met de betreffende patiënt aan de patiënt leveren. De zorgonderdelen die deel uitmaken van deze prestatie worden beschreven binnen de kaders van de standaard voor zorgstandaarden welke ingevuld wordt met behulp van de zorgstandaard voor Diabetes Mellitus en de zorgstandaard Vasculair Risicomanagement die geldt op het moment van sluiten van de overeenkomst en is aangepast aan de lokale situatie.
|
||
|
||
| Prestatie |
|
||
| --- |
|
||
| Multidisciplinaire zorg Diabetes Mellitus type 2 en/of Vasculair Risicomanagement |
|
||
|
||
De prestatie betreft de ingevulde standaard voor zorgstandaarden, waarbij de prestatie geldt voor het deel van de zorgstandaard dat inhoud en levering beschrijft nadat de diagnose is vastgesteld (in het geval van VRM een risico van minimaal 5% om binnen 10 jaar te overlijden aan hart- of vaatziekte). De zorg bestaat tenminste uit (een) ziekte specifieke en (een) generieke component(en) waarbij de organisatiestructuur en de kwaliteitscyclus waarbinnen de zorgonderdelen geleverd worden, tenminste dienen te voldoen aan de criteria zoals gesteld in het huidige zorgstandaardmodel van het Coördinatieplatform Zorgstandaarden.
|
||
|
||
Het overeengekomen tarief is een tarief per geïncludeerde patiënt en kan vergoeding bieden voor de kosten van organisatie en infrastructuur (overhead) van de ketenzorg en alle zorgverlening waarop de patiënt aanspraak heeft op grond van de Zorgverzekeringswet. Uitgezonderd van het voorgaande zijn de anw-zorg, eerstelijnsdiagnostiek, geneesmiddelenzorg en hulpmiddelenzorg. Geneesmiddelen verstrekt binnen een programmatische aanpak van zorg bij het Stoppen met Roken mogen weer wel binnen het tarief vergoed worden.
|
||
|
||
Met de introductie van de opslag *Organisatie en infrastructuur ketenzorg, per ingeschreven verzekerde* (zie artikel 6.2.1 b) wordt expliciet de mogelijkheid benadrukt om de kosten van de organisatie en infrastructuur separaat te vergoeden via een vergoeding per ingeschreven verzekerde. Als deze vorm van vergoeding overeen wordt gekomen voor organisatie van ketenzorg, kan het tarief dat voor de prestaties binnen S2A overeen wordt gekomen per geïncludeerde patiënt enkel nog gebaseerd zijn op de resterende component van de ketenzorg, te weten de concrete zorglevering. Het blijft ook mogelijk om een tarief overeen te komen voor de ketenzorgprestaties binnen S2A inclusief de kosten voor organisatie en infrastructuur (dus per geïncludeerde patiënt), zolang hier geen vergoeding via de O&I-module tegenover staat.
|
||
|
||
De prestatie start op het moment dat de diagnose DM type 2 is gesteld of het verhoogde risico (VRM) is vastgesteld en aan eventuele aanvullende inclusiecriteria uit de zorgstandaard is voldaan, en duren zolang de cliënt ‘in zorg’ is.
|
||
|
||
Deze prestatie betreft zorg aan een patiënt met Chronic Obstructive Pulmonary Disease (COPD) en/of Astma, waarbij zorgaanbieders van diverse disciplines de zorgonderdelen in samenhang en in samenwerking met de betreffende patiënt aan de patiënt leveren. De zorgonderdelen die deel uitmaken van deze prestatie worden beschreven binnen de kaders van de standaard voor zorgstandaarden die ingevuld wordt met behulp van de zorgstandaard voor COPD en de zorgstandaard voor Astma die geldt op het moment van sluiten van de overeenkomst en is aangepast op de lokale situatie.
|
||
|
||
| Prestatie |
|
||
| --- |
|
||
| Multidisciplinaire zorg COPD en/of Astma |
|
||
|
||
De prestatie betreft de ingevulde standaard voor zorgstandaarden, waarbij de prestatie geldt voor het deel van de zorgstandaard dat inhoud en levering beschrijft nadat de diagnose is vastgesteld. Het bestaat tenminste uit (een) ziekte specifieke en (een) generieke component(en) waarbij de organisatiestructuur en de kwaliteitscyclus waarbinnen de zorgonderdelen geleverd worden, tenminste dienen te voldoen aan de criteria zoals gesteld in het vigerende zorgstandaard model van het Coördinatieplatform Zorgstandaarden.
|
||
|
||
Het overeengekomen tarief is een tarief per geïncludeerde patiënt en kan vergoeding bieden voor de kosten van organisatie/overhead van de ketenzorg en alle zorgverlening waarop de patiënt aanspraak heeft op grond van de Zorgverzekeringswet. Uitgezonderd van het voorgaande zijn de anw-zorg, eerstelijnsdiagnostiek, geneesmiddelenzorg en hulpmiddelenzorg. Geneesmiddelen verstrekt binnen een programmatische aanpak van zorg bij het Stoppen met Roken mogen weer wel binnen het tarief vergoed worden.
|
||
|
||
Met de introductie van de opslag *Organisatie en infrastructuur ketenzorg, per ingeschreven verzekerde* (zie artikel 6.2.1 b) wordt expliciet de mogelijkheid benadrukt om de kosten van de organisatie en infrastructuur separaat te vergoeden via een vergoeding per ingeschreven verzekerde. Als deze vorm van vergoeding overeen wordt gekomen voor organisatie van ketenzorg, kan het tarief dat voor de prestaties binnen S2A overeen wordt gekomen per geïncludeerde patiënt enkel nog gebaseerd zijn op de resterende component van de ketenzorg, te weten de concrete zorglevering. Het blijft ook mogelijk om een tarief overeen te komen voor de ketenzorgprestaties binnen S2A inclusief de kosten voor organisatie en infrastructuur (dus per geïncludeerde patiënt), zolang hier geen vergoeding via de O&I-module tegenover staat.
|
||
|
||
De prestatie start op het moment dat de diagnose COPD of Astma is gesteld en aan eventuele aanvullende inclusiecriteria uit de zorgstandaard is voldaan, en duren zolang de cliënt ‘in zorg’ is.
|
||
|
||
#### 6.2.3. Multidisciplinaire zorg – niet gecontracteerd
|
||
|
||
Met ingang van 1 januari 2018 worden binnen segment S2A drie prestaties geïntroduceerd die te declareren zijn door aanbieders van multidisciplinaire zorg zonder contract met een zorgverzekeraar. Deze prestaties zijn voorzien van een maximumtarief (zie ook artikel 6.3.3) en kennen aanvullende voorwaarden, voorschriften en beperkingen die afgeleid zijn van hetgeen aanbieders van multidisciplinaire zorg en zorgverzekeraars gebruikelijk contractueel overeenkomen bij de prestaties binnen segment S2A.
|
||
|
||
Binnen segment S2A Multidisciplinaire zorg – niet gecontracteerd worden de volgende prestaties onderscheiden:
|
||
|
||
Deze prestatie betreft zorg aan een patiënt van 18 jaar of ouder met Diabetes Mellitus type 2 (DM2), waarbij zorgaanbieders van diverse disciplines de zorgonderdelen in samenhang en in samenwerking met de betreffende patiënt aan de patiënt leveren. De zorgonderdelen die deel uitmaken van deze prestatie worden beschreven binnen de kaders van de standaard voor zorgstandaarden welke ingevuld wordt met behulp van de zorgstandaard voor Diabetes Mellitus die geldt op 1 januari van het jaar waarin de zorg wordt geleverd en is aangepast aan de lokale situatie.
|
||
|
||
| Prestatie |
|
||
| --- |
|
||
| Multidisciplinaire zorg Diabetes mellitus type 2 bij een zorgverlener zonder contract |
|
||
|
||
De prestatie betreft de ingevulde standaard voor zorgstandaarden, waarbij de prestatie geldt voor het deel van de zorgstandaard dat inhoud en levering beschrijft nadat de diagnose is vastgesteld. De zorg bestaat ten minste uit (een) ziekte specifieke en (een) generieke component(en) waarbij de organisatiestructuur en de kwaliteitscyclus waarbinnen de zorgonderdelen geleverd worden, tenminste dienen te voldoen aan de criteria zoals gesteld in het vigerende zorgstandaard model van het Coördinatieplatform Zorgstandaarden.
|
||
|
||
Het tarief is een maximumtarief per geïncludeerde patiënt per kwartaal en biedt vergoeding voor de kosten van het geheel aan noodzakelijke organisatie en infrastructuur van de ketenzorg conform zorgstandaard. Het tarief dekt daarmee alle kosten voor voor personele inzet, management, ICT, huisvesting en overige kosten behorende bij de noodzakelijke organisatiestructuur en het onderhouden van de kwaliteitscyclus die samenhangen met het leveren van multidisciplinaire ketenzorg voor patiënten met DM2. Het tarief dekt verder de kosten van huisartsenzorg, diëtetiek en de eventuele inzet van een diabetesverpleegkundige. Zie verder artikel 6.3.3 en bijlage 3.
|
||
|
||
Deze prestatie betreft zorg aan een patiënt met Chronic Obstructive Pulmonary Disease (COPD), waarbij zorgaanbieders van diverse disciplines de zorgonderdelen in samenhang en in samenwerking met de betreffende patiënt aan de patiënt leveren. De zorgonderdelen die deel uitmaken van deze prestatie worden beschreven binnen de kaders van de standaard voor zorgstandaarden die ingevuld wordt met behulp van de zorgstandaard voor COPD die geldt op 1 januari van het jaar waarin de zorg wordt geleverd en is aangepast op de lokale situatie.
|
||
|
||
| Prestatie |
|
||
| --- |
|
||
| Multidisciplinaire zorg COPD bij een zorgverlener zonder contract |
|
||
|
||
De prestatie betreft de ingevulde standaard voor zorgstandaarden, waarbij de prestatie geldt voor het deel van de zorgstandaard dat inhoud en levering beschrijft nadat de diagnose is vastgesteld. Het bestaat tenminste uit (een) ziekte specifieke en (een) generieke component(en) waarbij de organisatiestructuur en de kwaliteitscyclus waarbinnen de zorgonderdelen geleverd worden, ten minste dienen te voldoen aan de criteria zoals gesteld in het vigerende zorgstandaard model van het Coördinatieplatform Zorgstandaarden.
|
||
|
||
Het tarief is een maximumtarief per geïncludeerde patiënt per kwartaal en biedt vergoeding voor de kosten van het geheel aan noodzakelijke organisatie en infrastructuur van de ketenzorg conform zorgstandaard. Het tarief dekt daarmee alle kosten voor personele inzet, management, ICT, huisvesting en overige kosten behorende bij de noodzakelijke organisatiestructuur en het onderhouden van de kwaliteitscyclus die samenhangen met het leveren van multidisciplinaire ketenzorg voor patiënten met COPD. Het tarief dekt verder de kosten van huisartsenzorg, diëtetiek en de eventuele inzet van een COPD-verpleegkundige. Zie verder artikel 6.3.3 en bijlage 3.
|
||
|
||
Deze prestatie betreft secundair preventieve zorg aan een patiënt met hart- of vaatziekten (HVZ), waarbij zorgaanbieders van diverse disciplines de zorgonderdelen in samenhang en in samenwerking met de betreffende patiënt aan de patiënt leveren. De zorgonderdelen die deel uitmaken van deze prestatie worden beschreven binnen de kaders van de standaard voor zorgstandaarden welke ingevuld wordt met behulp van de zorgstandaard Vasculair Risicomanagement die geldt op 1 januari van het jaar waarin de zorg wordt geleverd en is aangepast aan de lokale situatie.
|
||
|
||
| Prestatie |
|
||
| --- |
|
||
| Multidisciplinaire zorg hart- of vaatziekten bij een zorgverlener zonder contract |
|
||
|
||
De prestatie betreft de ingevulde standaard voor zorgstandaarden, waarbij de prestatie geldt voor het deel van de zorgstandaard dat inhoud en levering beschrijft nadat de diagnose is vastgesteld en een risico van minimaal 5% om binnen 10 jaar te overlijden aan hart- of vaatziekte. De zorg bestaat ten minste uit (een) ziekte specifieke en (een) generieke component(en) waarbij de organisatiestructuur en de kwaliteitscyclus waarbinnen de zorgonderdelen geleverd worden, tenminste dienen te voldoen aan de criteria zoals gesteld in het vigerende zorgstandaard model van het Coördinatieplatform Zorgstandaarden.
|
||
|
||
Het tarief is een maximumtarief per geïncludeerde patiënt per kwartaal en biedt vergoeding voor de kosten van het geheel aan noodzakelijke organisatie en infrastructuur van de ketenzorg conform zorgstandaard. Het tarief dekt daarmee alle kosten voor personele inzet, management, ICT, huisvesting en overige kosten behorende bij de noodzakelijke organisatiestructuur en het onderhouden van de kwaliteitscyclus die samenhangen met het leveren van multidisciplinaire ketenzorg voor patiënten met hart- of vaatziekten. Het tarief dekt verder de kosten van huisartsenzorg en diëtetiek. Zie verder artikel 6.3.3 en bijlage 3.
|
||
|
||
Voorwaarden, voorschriften en beperkingen:
|
||
|
||
Voor de drie prestaties beschreven in artikel 6.2.3 gelden onderstaande voorwaarden, voorschriften en beperkingen. Deze voorwaarden, voorschriften en beperkingen zijn afgeleid van hetgeen aanbieders van multidisciplinaire zorg en zorgverzekeraars gebruikelijk contractueel overeenkomen bij de afspraken over de prestaties binnen segment S2A. Binnen deze contracten worden specifieke afspraken gemaakt over
|
||
|
||
– –
|
||
de inrichting van de organisatie en infrastructuur van het multidisciplinair samenwerkingsverband,
|
||
– –
|
||
in- en exclusiecriteria,
|
||
– –
|
||
de wijze waarop omgegaan wordt met de samenloop van declaratietitels.
|
||
|
||
Deze afspraken geven nadere invulling aan de wijze waarop multidisciplinaire ketenzorg in de praktijk wordt vormgegeven, in aanvulling of in het verlengde van hetgeen in zorgstandaarden/richtlijnen en daaruit volgende NZa-regelgeving is vastgelegd.
|
||
|
||
De prestaties en bijbehorende tarieven voor multidisciplinaire ketenzorg die per 2018 worden geïntroduceerd zijn gebaseerd op de invulling van deze zorg zoals deze nu gangbaar is. Dat is daarmee conform de afspraken die zorgaanbieders en zorgverzekeraars overeenkomen. Nu een contractuele relatie tussen zorgverlener en zorgverzekeraar ontbreekt bij declaratie van deze prestaties neemt de NZa specifiek voor deze prestaties een deel van deze afspraken als nadere voorwaarde, voorschrift of beperking op, om te borgen dat ook zonder contract de zorg geleverd wordt conform hetgeen landelijk gangbaar is. De voorwaarden, voorschriften en beperkingen zal de NZa deels opnemen in de tariefbeschikking, deels in de nadere regels van de Regeling Multidisciplinaire zorg.
|
||
|
||
Ten algemene geldt dat de aanbieder van multidisciplinaire zorg bij declaratie van de betreffende prestaties op verzoek van de patiënt of diens zorgverzekeraar dan wel de NZa moet aantonen dat aan alle voorwaarden, voorschriften en beperkingen is voldaan.
|
||
|
||
Een aanbieder van multidisciplinaire zorg mag de prestaties alleen in rekening brengen als zij in staat is om het geheel aan multidisciplinaire ketenzorg conform zorgstandaarden en overige vigerende richtlijnen te leveren en de kwaliteit hiervan te borgen. Hiervoor dient de aanbieder van multidisciplinaire ketenzorg:
|
||
|
||
1. 1.
|
||
een zorgprogramma te ontwikkelen aangepast op de lokale situatie gebaseerd op de vigerende zorgstandaard en de onderliggende standaarden en richtlijnen en dit schriftelijk vast te leggen;
|
||
2. 2.
|
||
voldoende onderaannemers te contracteren dan wel schriftelijke samenwerkingsafspraken te maken om alle zorgonderdelen binnen de zorgstandaarden tijdig te leveren aan zijn patiënten en in hun nabijheid. Onderdeel van al deze samenwerkingsafspraken zijn schriftelijk vastgelegde verwijs- en terugverwijsafspraken en kwaliteitsafspraken. Deze afspraken voldoen aan de voorwaarden zoals beschreven in de zorgstandaarden. Deze afspraken worden periodiek geëvalueerd en ook dit wordt schriftelijk vastgelegd;
|
||
3. 3.
|
||
alle noodzakelijke organisatie en infrastructuur in te richten om de zorgverlening door de onderaannemers dan wel samenwerkingspartners te organiseren en coördineren. Onderdeel hiervan is een ICT-systeem dat multidisciplinaire gegevensuitwisseling ondersteunt. Het systeem geeft, met inachtneming van de privacyregels, alle betrokken zorgaanbieders binnen de keten inzage in de voor hen relevante parameters van de patiënten die zij in zorg hebben en stelt zorgaanbieders in staat zelf relevante gegevens in het systeem te registreren voor alle zorgketens;
|
||
4. 4.
|
||
een kwaliteitsbeleid inclusief kwaliteitscyclus (PDCA-cyclus) op te zetten en te onderhouden voor de aanbieders binnen het multidisciplinaire samenwerkingsverband. Het kwaliteitsbeleid wordt jaarlijks onderhouden en is schriftelijk vastgelegd;
|
||
5. 5.
|
||
alle gecontracteerde zorg en de organisatie ervan te voorzien van een klachtenregeling die voldoet aan de vigerende eisen en voorwaarden.
|
||
|
||
Voor het in rekening brengen van deze prestaties gelden harde inclusie- en exclusiecriteria. Hiervoor sluit de NZa onverkort aan bij de ‘Handleiding voor inclusie en exclusie van patiënten in ketenzorgprogramma’s’ van InEen en ZN. Deze is opgenomen als bijlage 4 van deze beleidsregel. De prestaties mogen alleen in rekening worden gebracht voor patiënten die op de eerste dag van het te declareren kwartaal (1 januari, 1 april, 1 juli, 1 oktober) voldoen aan alle inclusiecriteria en aan geen van de exclusiecriteria voor de specifieke ketenzorgprogramma’s. Hieruit volgt onder andere:
|
||
|
||
1. 1.
|
||
dat voor patiënten die worden geïncludeerd in de keten Diabtetes Mellitus type 2 niet aanvullend de keten hart- of vaatziekten in rekening mag worden gebracht;
|
||
2. 2.
|
||
dat de prestaties enkel in rekening mogen worden gebracht als de patiënt ook daadwerkelijk wordt behandeld door (de onderaannemers van) de aanbieder van multidisciplinaire zorg;
|
||
3. 3.
|
||
dat de aanbieder van multidisciplinaire zorg de prestaties alleen in rekening mag brengen aan patiënten (c.q. hun zorgverzekeraars) die staan ingeschreven op naam bij een huisarts die onderaannemer is van de zorgaanbieder of bij de zorgaanbieder zelf.
|
||
|
||
De aanbieder van multidisciplinaire zorg borgt via het contract met zijn onderaannemers dat zij de huisartsenzorg en diëtetiek die zij als onderdeel van deze prestaties verlenen niet buiten de zorgaanbieder om bij de patiënt of diens zorgverzekeraar in rekening brengen. Dit geldt voor alle elementen die onderdeel zijn van de tariefonderbouwing van deze prestaties. Deze worden hieronder per keten toegelicht.
|
||
|
||
Als de prestatie multidisciplinaire ketenzorg Diabetes Mellitus type 2 bij een zorgverlener zonder contract in rekening wordt gebracht, mogen de volgende prestaties voor dezelfde patiënt in het betreffende kwartaal niet in rekening worden gebracht.
|
||
|
||
1. 1.
|
||
Prestaties beschreven binnen de Beleidsregel huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg:
|
||
|
||
|
||
–
|
||
|
||
*Materiaalkosten teststrips bloedsuikerbepaling diabetespatiënten (waaronder eyetone-teststrips)*, in het geheel uitgesloten;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
|
||
*Diabetes Mellitus – begeleiding per jaar bij suikerziek*te, in het geheel uitgesloten;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
|
||
*Diabetes Mellitus – instellen van medicijn (insuline) voor suikerziekte*, in het geheel uitgesloten;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
|
||
*Spleetlamponderzoek*, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening Diabetes Mellitus type 2 plaatsvindt;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
|
||
*Consulten/visites* en daarvan afgeleide prestaties binnen Segment 1 voor huisartsenzorg, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening Diabetes Mellitus type 2 plaatsvindt.
|
||
– –
|
||
|
||
*Materiaalkosten teststrips bloedsuikerbepaling diabetespatiënten (waaronder eyetone-teststrips)*, in het geheel uitgesloten;
|
||
– –
|
||
|
||
*Diabetes Mellitus – begeleiding per jaar bij suikerziek*te, in het geheel uitgesloten;
|
||
– –
|
||
|
||
*Diabetes Mellitus – instellen van medicijn (insuline) voor suikerziekte*, in het geheel uitgesloten;
|
||
– –
|
||
|
||
*Spleetlamponderzoek*, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening Diabetes Mellitus type 2 plaatsvindt;
|
||
– –
|
||
|
||
*Consulten/visites* en daarvan afgeleide prestaties binnen Segment 1 voor huisartsenzorg, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening Diabetes Mellitus type 2 plaatsvindt.
|
||
2. 2.
|
||
Prestaties beschreven binnen de Beleidsregel prestatiebeschrijvingen voor extramurale diëtetiek:
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Alle prestaties zoals beschreven binnen deze beleidsregel, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening Diabetes Mellitus type 2 of hart- of vaatziekten plaatsvindt.
|
||
– –
|
||
Alle prestaties zoals beschreven binnen deze beleidsregel, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening Diabetes Mellitus type 2 of hart- of vaatziekten plaatsvindt.
|
||
3. 3.
|
||
Prestaties beschreven binnen de Beleidsregel stoppen-met-rokenprogramma:
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Alle prestaties zoals beschreven binnen deze beleidsregel, in het geheel uitgesloten.
|
||
– –
|
||
Alle prestaties zoals beschreven binnen deze beleidsregel, in het geheel uitgesloten.
|
||
|
||
Een patiënt kan binnen de prestatie multidisciplinaire ketenzorg Diabetes Mellitus type 2 bij een zorgverlener zonder contract ook programmatische zorg in het kader van hart- of vaatziekten ontvangen. Op basis van de in- en exclusiecriteria kan een zorgaanbieder in dat geval alleen de prestatie multidisciplinaire ketenzorg Diabetes Mellitus type 2 bij een zorgverlener zonder contract in rekening brengen. Prestaties die onderdeel zijn van de programmatische zorg in het kader van hart- of vaatziekten mogen daarmee ook niet separaat in rekening worden gebracht naast de prestatie multidisciplinaire ketenzorg Diabetes Mellitus type 2 bij een zorgverlener zonder contract. Het betreft dan de prestaties:
|
||
|
||
– –
|
||
|
||
*Diagnostiek met behulp van Doppler*, in het geheel uitgesloten;
|
||
– –
|
||
|
||
*Bloeddrukmeting gedurende 24-uur, hypertensiemeting*, in het geheel uitgesloten;
|
||
– –
|
||
|
||
*Kosten voor het maken van een ECG (hartfilmpje)*, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening hart- of vaatziekten plaatsvindt;
|
||
– –
|
||
|
||
*ECG-diagnostiek: maken, interpreteren en bespreken van hartfilmpje met de patiënt*, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening hart- of vaatziekten plaatsvindt;
|
||
– –
|
||
|
||
*Consulten/visites* en daarvan afgeleide prestaties binnen segment 1 voor huisartsenzorg, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening hart- of vaatziekten plaatsvindt.
|
||
|
||
Als de prestatie Multidisciplinaire zorg COPD bij een zorgverlener zonder contract in rekening wordt gebracht, mogen de volgende prestaties voor dezelfde patiënt in het betreffende kwartaal niet in rekening worden gebracht.
|
||
|
||
1. 1.
|
||
Prestaties beschreven binnen de Beleidsregel huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg:
|
||
|
||
|
||
–
|
||
|
||
*Longfunctiemeting (= spirometrie)*, in het geheel uitgesloten;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
|
||
*COPD – gestructureerde zorg per jaar bij ademhalings- en longproblemen*, in het geheel uitgesloten;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
|
||
*Kosten voor het maken van een ECG (hartfilmpje)*, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening COPD plaatsvindt;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
|
||
*ECG-diagnostiek: maken, interpreteren en bespreken van hartfilmpje met de patiënt*, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening COPD plaatsvindt;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
|
||
*Consulten/visites* en daarvan afgeleide prestaties binnen segment 1 voor huisartsenzorg, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening COPD plaatsvindt.
|
||
– –
|
||
|
||
*Longfunctiemeting (= spirometrie)*, in het geheel uitgesloten;
|
||
– –
|
||
|
||
*COPD – gestructureerde zorg per jaar bij ademhalings- en longproblemen*, in het geheel uitgesloten;
|
||
– –
|
||
|
||
*Kosten voor het maken van een ECG (hartfilmpje)*, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening COPD plaatsvindt;
|
||
– –
|
||
|
||
*ECG-diagnostiek: maken, interpreteren en bespreken van hartfilmpje met de patiënt*, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening COPD plaatsvindt;
|
||
– –
|
||
|
||
*Consulten/visites* en daarvan afgeleide prestaties binnen segment 1 voor huisartsenzorg, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening COPD plaatsvindt.
|
||
2. 2.
|
||
Prestaties beschreven binnen de Beleidsregel prestatiebeschrijvingen voor extramurale diëtetiek:
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Alle prestaties zoals beschreven binnen deze beleidsregel, voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening COPD plaatsvindt.
|
||
– –
|
||
Alle prestaties zoals beschreven binnen deze beleidsregel, voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening COPD plaatsvindt.
|
||
3. 3.
|
||
Prestaties beschreven binnen de Beleidsregel stoppen-met-rokenprogramma:
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Alle prestaties zoals beschreven binnen deze beleidsregel, in het geheel uitgesloten.
|
||
– –
|
||
Alle prestaties zoals beschreven binnen deze beleidsregel, in het geheel uitgesloten.
|
||
|
||
Als de prestatie multidisciplinaire zorg hart- of vaatziekten bij een zorgverlener zonder contract in rekening wordt gebracht, mogen de volgende prestaties voor dezelfde patiënt in het betreffende kwartaal niet in rekening worden gebracht.
|
||
|
||
1. 1.
|
||
Prestaties beschreven binnen de Beleidsregel huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg:
|
||
|
||
|
||
–
|
||
|
||
*Diagnostiek met behulp van Doppler*, in het geheel uitgesloten;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
|
||
*Bloeddrukmeting gedurende 24-uur, hypertensiemeting*, in het geheel uitgesloten;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
|
||
*Kosten voor het maken van een ECG (hartfilmpje)*, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening hart- of vaatziekten plaatsvindt;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
|
||
*ECG-diagnostiek: maken, interpreteren en bespreken van hartfilmpje met de patiënt*, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening hart- of vaatziekten plaatsvindt;
|
||
|
||
|
||
–
|
||
|
||
*Consulten/visites* en daarvan afgeleide prestaties binnen Segment 1 voor huisartsenzorg, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de behandeling en begeleiding van de aandoening hart- of vaatziekten plaatsvindt.
|
||
– –
|
||
|
||
*Diagnostiek met behulp van Doppler*, in het geheel uitgesloten;
|
||
– –
|
||
|
||
*Bloeddrukmeting gedurende 24-uur, hypertensiemeting*, in het geheel uitgesloten;
|
||
– –
|
||
|
||
*Kosten voor het maken van een ECG (hartfilmpje)*, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening hart- of vaatziekten plaatsvindt;
|
||
– –
|
||
|
||
*ECG-diagnostiek: maken, interpreteren en bespreken van hartfilmpje met de patiënt*, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening hart- of vaatziekten plaatsvindt;
|
||
– –
|
||
|
||
*Consulten/visites* en daarvan afgeleide prestaties binnen Segment 1 voor huisartsenzorg, uitgesloten voor zover de zorglevering in het kader van de behandeling en begeleiding van de aandoening hart- of vaatziekten plaatsvindt.
|
||
2. 2.
|
||
Prestaties beschreven binnen de Beleidsregel prestatiebeschrijvingen voor extramurale diëtetiek:
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Alle prestaties zoals beschreven binnen deze beleidsregel, voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening hart- of vaatziekten plaatsvindt.
|
||
– –
|
||
Alle prestaties zoals beschreven binnen deze beleidsregel, voor zover de zorglevering in het kader van de programmatische behandeling en begeleiding van de aandoening hart- of vaatziekten plaatsvindt.
|
||
3. 3.
|
||
Prestaties beschreven binnen de Beleidsregel stoppen-met-rokenprogramma:
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Alle prestaties zoals beschreven in deze beleidsregel.
|
||
– –
|
||
Alle prestaties zoals beschreven in deze beleidsregel.
|
||
|
||
### 6.3. Tariefsoort
|
||
|
||
#### 6.3.1. Organisatie en infrastructuur
|
||
|
||
Voor alle prestaties Organisatie en infrastructuur (O&I) zorg zoals beschreven in artikel 6.2.1 van deze beleidsregel geldt een tarief per ingeschreven verzekerde per kwartaal. Deze prestaties kennen een vrij tarief.
|
||
|
||
De prestaties mogen enkel in rekening worden gebracht indien hier een overeenkomst met de zorgverzekeraar van de desbetreffende verzekerde aan ten grondslag ligt.
|
||
|
||
Het overeengekomen tarief per kwartaal heeft een looptijd van 1 januari tot en met 31 december van enig jaar. Het is partijen toegestaan meerjarige contracten te sluiten, en daarin voor elk jaar van de looptijd van het contract een jaartarief en eventueel aanvullende afspraken overeen te komen.
|
||
|
||
De tarieven voor onderlinge dienstverlening in het kader van de prestaties Organisatie en infrastructuur zijn vrij.
|
||
|
||
#### 6.3.2. Multidisciplinaire zorg – gecontracteerd
|
||
|
||
Voor alle gecontracteerde prestaties multidisciplinaire zorg zoals beschreven in artikel 6.2.2 van deze beleidsregel geldt een tarief per geïncludeerde patiënt per kwartaal. Deze prestaties kennen een vrij tarief.
|
||
|
||
De prestaties mogen enkel in rekening worden gebracht indien hier een overeenkomst met de zorgverzekeraar van de desbetreffende verzekerde aan ten grondslag ligt. De prestaties met een vrij tarief mogen ook in rekening worden gebracht indien de zorgverzekeraar van de desbetreffende verzekerde uitsluitend restitutiepolissen aanbiedt (en daarbij niet zelf contracteert) onder de voorwaarde dat er een overeenkomst is met minimaal 1 andere zorgverzekeraar.
|
||
|
||
Het overeengekomen tarief per kwartaal heeft een looptijd van 1 januari tot en met 31 december van enig jaar. Het is partijen toegestaan meerjarige contracten te sluiten, en daarin voor elk jaar van de looptijd van het contract een jaartarief en eventueel aanvullende afspraken overeen te komen.
|
||
|
||
De tarieven voor onderlinge dienstverlening in het kader van de prestaties multidisciplinaire zorg (gecontracteerd) zijn vrij.
|
||
|
||
#### 6.3.3. Multidisciplinaire zorg – niet gecontracteerd
|
||
|
||
Voor alle niet gecontracteerde prestaties multidisciplinaire zorg zoals beschreven in artikel 6.2.3 van deze beleidsregel geldt een tarief per geïncludeerde patiënt per kwartaal. Deze prestaties kennen een maximumtarief.
|
||
|
||
Het kwartaaltarief kan in rekening worden gebracht voor iedere patiënt die op de eerste dag van het kwartaal (1 januari, 1 april, 1 juli, 1 oktober) geïncludeerd is in de betreffende keten en ook ‘in zorg’ zijn. Hiervan is sprake bij het eerste contact/consult in het kader van het ketenzorgprogramma.
|
||
|
||
De onderbouwing van de methode die gehanteerd wordt door de NZa om tot de maximumtarieven te komen, wordt uiteengezet in het verantwoordingsdocument, dat als bijlage 3 bij deze beleidsregel is opgenomen.
|
||
|
||
De tarieven voor onderlinge dienstverlening in het kader van de prestaties multidisciplinaire zorg (niet gecontracteerd) zijn vrij.
|
||
|
||
## 7. Segment 3
|
||
|
||
### 7.1. Beschrijving segment
|
||
|
||
Segment 3 biedt de ruimte aan verzekeraars en aanbieders om onderling afspraken te maken over het belonen van uitkomsten van zorg en zorgvernieuwing op lokaal niveau. De afspraken binnen segment 3 kunnen betrekking hebben op uitkomsten van zorg geleverd in segment 1 (huisartsenzorg) en segment 2 (multidisciplinaire zorg). Ook de zorgvernieuwing kan op beide domeinen betrekking hebben.
|
||
|
||
Om richting te geven aan de invulling van uitkomstbekostiging worden separate deelprestaties ingevoerd voor een aantal specifieke domeinen (adequaat verwijzen & diagnostiek, doelmatig voorschrijven van geneesmiddelen, service & bereikbaarheid, multidisciplinaire zorg en stimulering huisartsenzorg in krimpregio’s).
|
||
|
||
Ruimte voor zorgvernieuwing in segment 3 wordt geboden middels drie separate prestaties: e-health, het meekijkconsult en de prestatie overige zorgvernieuwing.
|
||
|
||
### 7.2. Prestatiebeschrijvingen
|
||
|
||
#### 7.2.1. Resultaatbeloning
|
||
|
||
Binnen het domein resultaatbeloning worden onderstaande deelprestaties onderscheiden. Deelprestaties mogen niet zelfstandig in rekening worden gebracht. Deze deelprestaties mogen enkel in rekening worden gebracht met minimaal een van de volgende prestaties:
|
||
|
||
– –
|
||
Inschrijving;
|
||
– –
|
||
Multidisciplinaire zorg Diabetes Mellitus type 2 en/of Vasculair Risicomanagement – gecontracteerd;
|
||
– –
|
||
Multidisciplinaire zorg COPD en/of Astma – gecontracteerd.
|
||
|
||
a) a)
|
||
|
||
*Resultaatbeloning adequaat verwijzen en diagnostiek*
|
||
|
||
Deze deelprestatie biedt ruimte om afspraken te maken over beloning op uitkomsten van zorgkwaliteit en/of kosten als gevolg van het adequaat doorverwijzen naar andere zorgaanbieders, het aanvragen van diagnostiek, of een combinatie van beide.
|
||
b) b)
|
||
|
||
*Resultaatbeloning doelmatig voorschrijven van geneesmiddelen*
|
||
|
||
Deze deelprestatie biedt ruimte om afspraken te maken over beloning op uitkomsten van zorgkwaliteit en/of kosten als gevolg van het doelmatig voorschrijven van geneesmiddelen. Hierbij kunnen partijen aansluiten bij uniforme indicatoren zoals die van het Instituut voor Verantwoord Medicijngebruik (IVM)4De IVM-indicatoren worden door Vektis beheerd onder de naam Monitor Voorschrijfgedrag Huisartsen. en algemene indicatoren over het voorschrijven van multisource geneesmiddelen.
|
||
c) c)
|
||
|
||
*Resultaatbeloning service en bereikbaarheid*
|
||
|
||
Deze deelprestatie biedt ruimte om afspraken te maken over beloning op uitkomsten van zorgkwaliteit en/of kosten als gevolg van een verbetering in service en bereikbaarheid. Hieronder vallen afspraken rondom zaken als:
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Het hebben en gebruiken van mogelijkheden voor patiënten om digitaal afspraken te maken met de huisartspraktijk.
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Het hebben en gebruiken van mogelijkheden voor patiënten tot het aanvragen van herhaalrecepten via mail of website.
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Het ingericht hebben van een ochtend en/of avondspreekuur en/of weekendspreekuur.
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Deelname aan een klanttevredenheidsonderzoek.
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Volledige telefonische bereikbaarheid.
|
||
– –
|
||
Het hebben en gebruiken van mogelijkheden voor patiënten om digitaal afspraken te maken met de huisartspraktijk.
|
||
– –
|
||
Het hebben en gebruiken van mogelijkheden voor patiënten tot het aanvragen van herhaalrecepten via mail of website.
|
||
– –
|
||
Het ingericht hebben van een ochtend en/of avondspreekuur en/of weekendspreekuur.
|
||
– –
|
||
Deelname aan een klanttevredenheidsonderzoek.
|
||
– –
|
||
Volledige telefonische bereikbaarheid.
|
||
d) d)
|
||
|
||
*Resultaatbeloning multidisciplinaire zorg*
|
||
|
||
Deze deelprestatie biedt ruimte om afspraken te maken over beloning op uitkomsten van zorgkwaliteit en/of kosten rondom multidisciplinaire zorg(programma’s). Hierbij kunnen partijen aansluiten bij de uniforme indicatoren en normen overeengekomen door branchepartijen InEen en Zorgverzekeraars Nederland5Te raadplegen via www.ineen.nl en www.zn.nl..
|
||
e) e)
|
||
|
||
*Resultaatbeloning stimulering huisartsenzorg in krimpregio’s*
|
||
|
||
Deze deelprestatie biedt ruimte om afspraken te maken over aanvullende vergoeding van activiteiten die de toegankelijkheid en kwaliteit van huisartsenzorg in krimpregio’s borgen en verbeteren.
|
||
f) f)
|
||
|
||
*Resultaatbeloning overig*
|
||
|
||
Deze deelprestatie biedt ruimte om afspraken te maken over beloning op uitkomsten van zorgkwaliteit en/of kosten bij domeinen anders dan de vijf hierboven genoemde.
|
||
|
||
#### 7.2.2. Zorgvernieuwing
|
||
|
||
Binnen het domein zorgvernieuwing worden de volgende prestaties onderscheiden.
|
||
|
||
g) g)
|
||
|
||
*Zorgvernieuwing e-health*
|
||
|
||
Deze prestatie biedt ruimte om afspraken te maken over de vergoeding van of beloning voor inzet van e-health binnen de geboden zorgverlening, voor zover de e-health een van de twee volgende vormen betreft:
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Digitale instrumenten voor zelfmanagement door de patiënt
|
||
|
||
|
||
–
|
||
Digitale behandelvormen.
|
||
|
||
|
||
Beperking: e-health die samenhangt met enkel de functie poh-ggz moet in eerste instantie onder die prestatie in rekening worden gebracht (zie artikel 5.2.4); alleen als partijen afspraken maken die de ruimte van die prestatie te boven gaat, kan de S3-prestatie zorgvernieuwing e-health voor dat deel worden gebruikt.
|
||
– –
|
||
Digitale instrumenten voor zelfmanagement door de patiënt
|
||
– –
|
||
Digitale behandelvormen.
|
||
h) h)
|
||
|
||
*Zorgvernieuwing meekijkconsult*
|
||
|
||
De prestatie zorgvernieuwing meekijkconsult biedt de mogelijkheid om afspraken te maken over de inzet van aanvullende middelen, van waaruit de zorgaanbieder de expertise in kan roepen van gespecialiseerde zorgaanbieders zonder hierbij tot verwijzing te hoeven overgaan. Dit kan de inzet zijn van medisch specialistische consultatie of de inzet van andere expertises in het zorgveld. Doel van de inzet moet zijn om verwijzing te voorkomen of, indien verwijzing toch nodig is, om doelgericht te kunnen verwijzen. De huisarts blijft tijdens het meekijkconsult de hoofdbehandelaar.
|
||
Indien de zorgaanbieder een afspraak maakt over aanvullende financiering door middel van deze module, kan de inzet van de ingeroepen expertise via onderlinge dienstverlening tegen vrij tarief worden bekostigd.
|
||
Beperking: Een meekijkconsult dat samenhangt met enkel de functie poh-ggz moet in eerste instantie onder die prestatie in rekening worden gebracht (consultatieve raadpleging poh-ggz, zie artikel 5.2.4); alleen als partijen afspraken maken die de ruimte van die prestatie te boven gaat, kan de S3-prestatie zorgvernieuwing meekijkconsult voor dat deel worden gebruikt.
|
||
i) i)
|
||
|
||
*Overige zorgvernieuwing*
|
||
|
||
Deze prestatie biedt ruimte om lokale afspraken te maken over de vergoeding van overige vormen van zorgvernieuwing, die niet in één van de prestaties g of h zijn onder te brengen. Afspraken over inzet van poh-ggz boven 1/3 fte per 2.350 patienten kunnen ook onderdeel zijn van de afspraken binnen deze prestatie. Deze prestatie biedt ook de ruimte om een vergoeding overeen te komen voor de inzet van praktijkmanagement. Het betreft dan de vergoeding van kosten voor inzet van een praktijkmanager, die ondersteuning biedt aan (bij voorkeur) een groep van huisartsen in een netwerk of een groepspraktijk.
|
||
|
||
### 7.3. Tariefsoort
|
||
|
||
Alle prestaties binnen segment 3 kennen een vrij tarief en kunnen enkel in rekening worden gebracht indien hier een overeenkomst met de zorgverzekeraar van de desbetreffende verzekerde aan ten grondslag ligt.
|
||
|
||
Voor deelprestaties a tot en met d binnen het domein resultaatbeloning geldt dat de afgesproken tarieven betrekking hebben op een bedrag per verzekerde, dan wel een bedrag per geïncludeerde patiënt. Voor de deelprestaties e tot en met i geldt de voorgaande beperking niet.
|
||
|
||
## 8. Prestaties buiten segmenten
|
||
|
||
### 8.1. Beschrijving
|
||
|
||
Niet alle prestaties zoals deze in de bekostigingssystematiek tot en met 2014 golden, konden in 2015 in het drie-segmentenmodel worden ingepast. Het bekostigingsmodel kent daarom een restcategorie prestaties buiten segmenten.
|
||
|
||
Op termijn zullen deze prestaties waar mogelijk worden ingevoegd in één of meer van de geïntroduceerde segmenten. In de toelichting bij deze beleidsregel wordt nader ingegaan op de doorontwikkeling van het bekostigingsmodel.6Op basis van het eerstelijnsakkoord dat ten grondslag ligt aan de vormgeving van deze beleidsregel, kunnen de prestaties zoals beschreven in artikel 5.2.3 voor passanten, gemoedsbezwaarden, militairen en tijdelijk in Nederland verblijvende buitenlandse patiënten die niet bij of krachtens de Zorgverzekeringswet verplicht zijn verzekerd ook geïnterpreteerd worden als “prestatie buiten segment”. Omdat de prestaties zowel inhoudelijk als in tariefonderbouwing een direct verband hebben met de “reguliere” consult en inschrijftarieven zoals beschreven in Segment 1, zijn deze specifieke prestaties in deze beleidsregel opgenomen onder S1.
|
||
|
||
### 8.2. Prestatiebeschrijvingen
|
||
|
||
De volgende prestaties buiten de segmenten worden onderscheiden.
|
||
|
||
#### 8.2.1. Anw-verrichtingen in hds
|
||
|
||
Voor incidentele en acute huisartsenhulp in anw-uren (avond-, nacht- en weekenduren, zie de begripsbepaling in bijlage 1) is een maximum uurtarief van kracht voor huisartsen die participeren in een huisartsendienstenstructuur (hds). Het uurtarief brengen huisartsen in rekening bij de hds waarin zij participeren.
|
||
|
||
Ten behoeve van de overheveling van de patiëntenstroom van de tweede naar de eerste lijn kan door de huisarts een toeslag in rekening worden gebracht. De huisarts kan deze toeslag enkel in rekening brengen indien:
|
||
|
||
1. 1.
|
||
De huisarts hiertoe een overeenkomst heeft met de betreffende hds;
|
||
2. 2.
|
||
De betreffende hds hiertoe een overeenkomst heeft met de representatieve zorgverzekeraars betreffende het volume en het tarief. De voorwaarden die verbonden zijn aan deze overeenkomst zijn beschreven in de Beleidsregel huisartsendienstenstructuren.
|
||
|
||
| Prestaties |
|
||
| --- |
|
||
| Dienstuur huisartsendienstenstructuur |
|
||
| Opslag dienstuur huisartsendienstenstructuur |
|
||
|
||
#### 8.2.2. Anw-verrichtingen buiten hds
|
||
|
||
Voor huisartsen die niet participeren in een huisartsendienstenstructuur is een separaat consulttarief van kracht voor incidentele en acute huisartsenhulp gedurende de anw-uren.
|
||
|
||
Het anw-consult wordt gedifferentieerd in 6 separate prestaties, die in onderstaande tabel worden weergeven.
|
||
|
||
| Prestaties |
|
||
| --- |
|
||
| Consult in de avond, nacht of het weekend, korter dan 5 minuten |
|
||
| Consult in de avond, nacht of het weekend, vanaf 5 minuten tot 20 minuten |
|
||
| Consult in de avond, nacht of het weekend, 20 minuten en langer |
|
||
| Visite in de avond, nacht of het weekend, korter dan 20 minuten |
|
||
| Visite in de avond, nacht of het weekend, 20 minuten en langer |
|
||
| Vaccinatie in de avond, nacht of het weekend |
|
||
|
||
Voorwaarden, voorschriften en beperkingen:
|
||
|
||
1. 1.
|
||
Voorwaarden, voorschriften en beperkingen 1 t/m 7 en 10 van de reguliere consulten (zie artikel 5.2.2) zijn mutatis mutandis van toepassing.
|
||
2. 2.
|
||
Consulten/visites voor anw-zorg mogen alleen in rekening worden gebracht indien de zorgaanbieder niet participeert in een huisartsendienstenstructuur.
|
||
3. 3.
|
||
Het declareren van het tarief is alleen toegestaan indien de zorg is verleend tijdens anw-uren en indien vaststaat dat het tijdstip waarop de hulp is verleend, de patiënt is aan te rekenen.
|
||
|
||
#### 8.2.3. Informatieverzoek
|
||
|
||
Voor informatieverstrekking wordt één prestatie onderscheiden met een tarief per 5 minuten door de zorgverlener bestede tijd.
|
||
|
||
| Prestatie |
|
||
| --- |
|
||
| Informatieverstrekking per 5 minuten |
|
||
|
||
De tijdsduur voor iedere door of namens de huisarts bestede 5 minuten aan het verstrekken van informatie, inclusief de bestede tijd aan bijbehorende rapportage, is leidend voor de declaratie. De in rekening te brengen bestede tijd dient te worden afgerond naar het dichtstbijzijnde veelvoud van vijf minuten.
|
||
|
||
Het betreft hier werkzaamheden die niet in het kader van de Zvw worden uitgevoerd maar door de aanvrager zelf worden vergoed.
|
||
|
||
Naast de declaratie van de prestatie informatieverstrekking kan niet separaat een consult in rekening worden gebracht voor dezelfde werkzaamheden.
|
||
|
||
Voorwaarden, voorschriften en beperkingen:
|
||
|
||
1. 1.
|
||
Deze prestatie kan in rekening worden gebracht indien de huisarts wordt benaderd met informatieverzoeken door derden (al dan niet via de patiënt) die niet volgen uit zorg- of dienstverlening in het kader van de Zvw, Wlz of Wmo. Denk hierbij aan verzoeken vanuit bedrijfs- of verzekeringsartsen, advocaten, politie ed.
|
||
2. 2.
|
||
Het tarief mag daarmee niet in rekening worden gebracht:
|
||
|
||
|
||
a.
|
||
Indien het een informatieverzoek betreft waarvoor bij enig wettelijk voorschrift is bepaald dat zorgaanbieders die informatie kosteloos ter beschikking moeten stellen.
|
||
|
||
|
||
b.
|
||
Bij zorgverzekeraars in het kader van de Zorgverzekeringswet.
|
||
|
||
|
||
c.
|
||
In het kader van zorgverlening waarvoor de huisarts de patiënt heeft verwezen, zoals bij een aanvraag/machtiging voor geneesmiddelen, hulpmiddelen etc.
|
||
a. a.
|
||
Indien het een informatieverzoek betreft waarvoor bij enig wettelijk voorschrift is bepaald dat zorgaanbieders die informatie kosteloos ter beschikking moeten stellen.
|
||
b. b.
|
||
Bij zorgverzekeraars in het kader van de Zorgverzekeringswet.
|
||
c. c.
|
||
In het kader van zorgverlening waarvoor de huisarts de patiënt heeft verwezen, zoals bij een aanvraag/machtiging voor geneesmiddelen, hulpmiddelen etc.
|
||
3. 3.
|
||
Het tarief voor informatieverstrekking mag alleen in rekening worden gebracht indien het verzoek om informatie schriftelijk is gesteld. Voor een gevraagde toelichting of verduidelijking op de verstrekte informatie mag het tarief niet in rekening worden gebracht.
|
||
|
||
#### 8.2.4. Uitstrijkjes
|
||
|
||
Voor een zogenaamd uitstrijkje in het kader van het preventieve bevolkingsonderzoek naar baarmoederhalskanker bestaat de volgende prestatie met een tarief per verrichting:
|
||
|
||
| Prestatie |
|
||
| --- |
|
||
| Uitstrijkje |
|
||
|
||
#### 8.2.5. Keuringen en onderzoek
|
||
|
||
Voor keuringen en onderzoek wordt één prestatie onderscheiden met een tarief per 5 minuten door de zorgverlener bestede tijd.
|
||
|
||
| Prestatie |
|
||
| --- |
|
||
| Keuringen en onderzoek per 5 minuten |
|
||
|
||
De tijdsduur voor iedere door of namens de huisarts bestede 5 minuten aan keuringen enonderzoek, inclusief de bestede tijd aan bijbehorende rapportage, is leidend voor de declaratie. De in rekening te brengen bestede tijd dient te worden afgerond naar het dichtstbijzijnde veelvoud van vijf minuten.
|
||
|
||
Het betreft hier werkzaamheden die niet in het kader van de Zvw worden uitgevoerd maar door de aanvrager zelf worden vergoed. Denk hierbij aan rijbewijskeuringen, invaliditeitskeuringen, bedrijfsgeneeskundig onderzoek en dergelijke.
|
||
|
||
Naast de declaratie van keuringen enonderzoek kan niet separaat een consult in rekening worden gebracht voor dezelfde werkzaamheden.
|
||
|
||
Voor de reiskosten die de zorgaanbieder eventueel maakt in het kader van keuringen en onderzoek geldt een kilometervergoeding per retourkilometer (is 2 gewone kilometers) vanaf 5 retourkilometers:
|
||
|
||
| Prestatie |
|
||
| --- |
|
||
| Kilometervergoeding (vanaf 5 retourkilometers) per retourkilometer |
|
||
|
||
#### 8.2.6. Verbruiksmaterialen
|
||
|
||
De navolgende limitatieve lijst verbruiksmaterialen mogen additioneel op basis van de werkelijk gemaakte kosten (dus na aftrek van eventuele bonussen of kortingen) in rekening worden gebracht:
|
||
|
||
| Prestaties |
|
||
| --- |
|
||
| Materiaalkosten atraumatisch hechtmateriaal, waaronder lijmen |
|
||
| Materiaalkosten voor tape bij enkelverstuiking |
|
||
| Materiaalkosten zwangerschapsreactie (planotest en dergelijke) |
|
||
| Materiaalkosten dipslides (urineweginfecties) |
|
||
| Materiaalkosten teststrips bloedsuikerbepaling diabetespatiënten (waaronder eyetone- teststrips) |
|
||
| Materiaalkosten vloeibaar stikstof of histofreezer |
|
||
| Materiaalkosten blaaskatheter |
|
||
| Materiaalkosten CRP-sneltest cassette(s) |
|
||
|
||
#### 8.2.7. Kostenvergoedingen
|
||
|
||
De navolgende kostenvergoedingen mogen additioneel op basis van de werkelijk gemaakte kosten (dus na aftrek van eventuele bonussen of kortingen) in rekening worden gebracht. Uitzondering hierop vormen de kosten voor het maken van een ECG (hartfilpmje); hiervoor geldt een normbedrag.
|
||
|
||
| Prestaties |
|
||
| --- |
|
||
| Kosten voor het maken van een ECG (hartfilmpje) |
|
||
| Kosten entstoffen |
|
||
| Laboratoriumkosten |
|
||
|
||
#### 8.2.8. SCEN
|
||
|
||
Voor de steun en consultatie bij euthanasie in Nederland (SCEN) worden twee prestaties onderscheiden met een tarief per verrichting:
|
||
|
||
| Prestaties |
|
||
| --- |
|
||
| SCEN: Steun en Consultatie bij Euthanasie in Nederland |
|
||
| SCEN: Steun en Consultatie bij Euthanasie in Nederland, op de Waddeneilanden |
|
||
|
||
De prestatie betreft steun en consultatie bij euthanasie aan de patiënt en diens behandelend arts. De prestatie mag gedeclareerd worden als het gaat om een niet bij de huisarts ingeschreven patiënt en om een verzoek van diens behandelend arts. Voor een SCEN op de Waddeneilanden kan de prestatie SCEN: Steun en Consutatie bij Euthanasie in Nederland, op de Waddeneilanden in rekening worden gebracht. Beperkende voorwaarde is dat de SCEN-arts niet op hetzelfde Waddeneiland woont als de behandelend (huis)arts van de patiënt. Het tarief voor de prestatie SCEN: Steun en Consultatie bij Euthanasie in Nederland, op de Waddeneilanden bedraagt een factor 2 maal het reguliere SCEN-tarief. Dit ter compensatie voor extra reis- en verblijftijd van een SCEN-arts die vanaf het vaste land moet komen.
|
||
|
||
Onder de prestatie wordt het totaal aan activiteiten van de SCEN-arts begrepen naar aanleiding van een steun/consultatieverzoek, waaronder:
|
||
|
||
– –
|
||
het overleggen met de behandelaar plus het bestuderen van het medisch dossier ten behoeve van de SCEN;
|
||
– –
|
||
het afleggen van de visites bij de patiënt en diens omgeving;
|
||
– –
|
||
de verslaglegging ten behoeve van de behandelaar;
|
||
– –
|
||
het afsluitend overleg met de behandelaar voor onder meer bespreking van het verslag. Met de bespreking van het verslag wordt de SCEN afgesloten.
|
||
|
||
#### 8.2.9. Huisartsenzorg voor asielzoekers in de centrale opvang
|
||
|
||
Voor huisartsenzorg aan asielzoekers in de centrale opvang bestaat een abonnementstarief. Het maximumtarief voor huisartsenhulp voor asielzoekers in de centrale opvang, bijvoorbeeld in een asielzoekerscentrum (AZC), in een opvangcentrum (OC) of in de aanvullende opvang (AVO) is een abonnementstarief per plaats.
|
||
|
||
#### 8.2.10. Module achterstandsfonds
|
||
|
||
Via het achterstandsfonds kunnen op een indirecte wijze specifieke zorgactiviteiten in het kader van de achterstandswijkproblematiek worden gefinancierd. Hierbij wordt de mogelijkheid geboden om een bedrag voor de betreffende prestatie in rekening te brengen per kwartaal en per bij de huisarts ingeschreven verzekerde in een opslagwijk (voorheen “achterstandswijk”). Het betreft een vergoeding ter afdracht aan het achterstandsfonds.
|
||
|
||
#### 8.2.11. Vaccinatie op eigen verzoek (niet medische indicatie)
|
||
|
||
Voor het vaccineren op eigen verzoek (niet medische indicatie) wordt één prestatie onderscheiden met een tarief per 5 minuten door de zorgverlener bestede tijd:
|
||
|
||
| Prestatie |
|
||
| --- |
|
||
| Vaccinatie op eigen verzoek (niet medische indicatie) per 5 minuten |
|
||
|
||
De tijdsduur voor iedere door of namens de huisarts bestede 5 minuten aan het vaccineren, is leidend voor de declaratie. De in rekening te brengen bestede tijd dient te worden afgerond naar het dichtstbijzijnde veelvoud van vijf minuten.
|
||
|
||
Het betreft hier werkzaamheden die niet in het kader van de Zvw worden uitgevoerd maar door de aanvrager zelf worden vergoed. De prestatie kan niet in rekening worden gebracht voor de griepvaccinatie op eigen verzoek, voor de reizigersadvisering en -vaccinatie en de vaccinatie regulier (op medische indicatie).
|
||
|
||
Naast de declaratie van de vaccinatie op eigen verzoek kan niet separaat een consult in rekening worden gebracht voor dezelfde werkzaamheden.
|
||
|
||
#### 8.2.12. M&I-verrichtingen
|
||
|
||
Voor 26 M&I-verrichtingen bestaan nog separate prestaties. Voor een overzicht van de M&I-verrichtingen en bijbehorende voorwaarden, voorschriften en beperkingen wordt verwezen naar bijlage 2a en 2b.
|
||
|
||
De verrichtingen M&I geleverd aan verzekerden zoals vermeld in bijlage 2a mogen in rekening worden gebracht tegen een tarief dat per overeenkomst met de zorgverzekeraar van de desbetreffende verzekerde overeen wordt gekomen en kunnen ook in rekening worden gebracht indien de zorgverzekeraar van de desbetreffende verzekerde uitsluitend restitutiepolissen aanbiedt (en daarbij niet zelf contracteert) onder de voorwaarde dat er een overeenkomst is met minimaal 1 andere zorgverzekeraar.
|
||
|
||
De verrichtingen M&I in bijlage 2a geleverd aan gemoedsbezwaarden als omschreven in artikel 2.2b van de Zorgverzekeringswet mogen enkel in rekening worden gebracht indien hierover een overeenkomst met de desbetreffende gemoedsbezwaarde is gesloten.
|
||
|
||
Indien deze overeenkomst met zorgverzekeraar dan wel gemoedsbezwaarde niet tot stand komt, kan de limitatieve lijst van verrichtingen zoals vermeld in bijlage 2b in rekening worden gebracht tegen een door de NZa vastgesteld maximumtarief.
|
||
|
||
Uitzondering op bovenstaande voorwaarden vormen de vijf M&I-verrichtingen die niet gedekt worden door de basisverzekering. Het betreft de prestaties:
|
||
|
||
• •
|
||
Chirurgie in verband met cosmetiek
|
||
• •
|
||
Varices sclerosering in geval van cosmetiek
|
||
• •
|
||
Reizigersadvisering en -vaccinatie
|
||
• •
|
||
Sterilisatie van de man
|
||
• •
|
||
Besnijdenis
|
||
|
||
Voor deze M&I-verrichtingen geldt dat deze ook tegen vrij tarief in rekening mogen worden gebracht zonder contract met de zorgverzekeraar.
|
||
|
||
Het tarief voor de M&I-verrichting is een tarief inclusief de vergoeding voor de tijd, die wordt besteedt aan het uitvoeren van de M&I-verrichting. De handelingen, die vooraf gaan aan het uitvoeren van de M&I-verrichting, zoals uitgebreide uitvraag van klachten en hulpvraag, vraagverheldering, lichamelijk onderzoek, diagnostiek en het advies, zijn geen onderdeel van het tarief van de M&I-verrichting en kunnen separaat in rekening gebracht worden op basis van de bestede tijd als regulier consult of een van de varianten hiervan. Uiteraard alleen indien deze werkzaamheden ook daadwerkelijk zijn uitgevoerd. Indien voorafgaand aan de M&I-verrichting hulpvragen los van de M&I-verrichting worden beantwoord, kunnen deze als consult naast de M&I-verrichting in rekening worden gebracht.
|
||
|
||
Het totaal aan medisch noodzakelijke handelingen zoals beschreven in de per prestatie relevante NHG-richtlijnen (dan wel overige voor het uitvoeren van de specifieke prestatie relevante richtlijnen) is onderdeel van de beschreven prestatie. Bij meerdere prestaties zijn verwijzingen opgenomen naar specifieke NHG-richtlijnen die de handelingen beschrijven.
|
||
|
||
### 8.3. Tariefsoort
|
||
|
||
Alle prestatiesbeschreven in artikel 8.2 van deze beleidsregel kennen een maximumtarief, behoudens de M&I-verrichtingen zoals beschreven in artikel 8.2.12 en bijlage 2a. Voor de M&I-verrichtingen geldt een vrij tarief, onder voorwaarde dat hier een overeenkomst met de zorgverzekeraar van de desbetreffende verzekerde, dan wel gemoedsbezwaarde, aan ten grondslag ligt. Indien deze overeenkomst ontbreekt, gelden maximumtarieven voor de prestaties zoals vermeld in bijlage 2b.
|
||
|
||
De onderbouwing van de rekenmethode die gehanteerd wordt door de NZa om tot de maximumtarieven te komen, wordt uiteengezet in het verantwoordingsdocument, dat is opgenomen als bijlage 3 bij deze beleidsregel.
|
||
|
||
## 9. Aanvullende regelgeving als gevolg van het SARS-CoV-2 virus
|
||
|
||
Aanbieders en verzekeraars zijn tot een akkoord gekomen over een pakket aan tijdelijke maatregelen in het kader van de bestrijding van het SARS-CoV-2 virus. Dit pakket aan maatregelen moet financiële rust brengen aan huisartsenpraktijken, huisartsenposten en samenwerkingsverbanden zodat zij zich de komende periode kunnen concentreren op de noodzakelijke zorg. De aanvullende tijdelijke maatregelen betreffen:
|
||
|
||
• •
|
||
Prestatie ‘intensieve zorg’ beschikbaar maken voor visite aan patiënten met (vermoedelijke) besmetting met het SARS-CoV-2 virus -, met terugwerkende kracht tot en met 1 maart 2020 (artikel 9.1);
|
||
• •
|
||
De introductie van een incidenteel moduletarief waarmee huisartsen via een opslag op het inschrijftarief een eenmalige vergoeding krijgen voor de extra kosten en omzetderving als gevolg van de noodzakelijk te treffen voorzieningen in verband met het SARS-CoV-2 virus (artikel 9.2);
|
||
• •
|
||
Het declarabel maken van de opslag van € 15,00 bovenop het reguliere maximum ANW-uurtarief als gevolg van de aanvullende uren-inzet van huisartsen die participeren in een huisartsendienstenstructuur in verband met het SARS-CoV-2 virus (artikel 9.3).
|
||
– –
|
||
Het declarabel maken van de meerkosten voor de oprichting van aanvullende daglocaties als gevolg van de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus (artikel 9.4).
|
||
|
||
SARS-CoV-2 virus: het severe acute respiratory syndrome coronavirus 2. De World Health Organization heeft deze naam gegeven aan het novel coronavirus 2019-nCov7https://www.who.int/emergencies/diseases/novel-coronavirus-2019/technical-guidance/naming-the-coronavirus-disease-(covid-2019)-and-the-virus-that-causes-it. Dit novel coronavirus (2019-nCov) is aangemerkt als behorende tot groep A, bedoeld in artikel 1, onderdeel e, van de Wet publieke gezondheid8https://www.rijksoverheid.nl/documenten/regelingen/2020/01/28/regeling-coronavirus.
|
||
|
||
Covid-19 is een infectieziekte veroorzaakt door SARS-CoV-2.
|
||
|
||
Extra daglocatie: aparte locaties ingericht voor huisartsenzorg ovcerdag voor patiënten met (verdenking van) een besmetting van het SARS-CoV-2 virus
|
||
|
||
### 9.1. Prestaties huisartsenzorg intensieve zorg
|
||
|
||
Thuisvisites aan patiënten met (verdenking op) een besmetting van het SARS-CoV-2 virus kunnen met ingang van 1 maart 2020 in rekening worden gebracht door middel van de prestatie “intensieve zorg”(zie artikel 5.2.6).
|
||
|
||
### 9.2. Moduletarief “Incidentele compensatie meerkosten en omzetderving als gevolg van de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus”
|
||
|
||
De uitbraak van het SARS-CoV-2 virus heeft gevolgen voor zowel de organisatie van de dagpraktijk (bijv. het scheiden van patiëntenstromen, het opzetten van extra triage en visite, de aanpassingen aan ICT, het inrichten van noodlocaties) als de benodigde extra inzet van personeel (huisartsen, doktersassistenten, praktijkondersteuners, triagisten en waarnemers) en materieel (bijv. extra beschermingsmaterialen). Naast de extra kosten hebben veel praktijken en gezondheidscentra ook te maken met omzetderving.
|
||
|
||
De prestatie dient ter dekking van de extra (out of pocket) kosten als gevolg van de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus, alsook als continuiteitsbijdrage ten behoeve van het instandhouden van de huisartsenzorg.
|
||
|
||
De prestatie is vormgegeven als opslag op het inschrijftarief en is daarmee onderdeel van segment 1 (zie artikel 5). Op basis hiervan is de prestatie voorzien van een maximumtarief.
|
||
|
||
De prestatie kan als volgt in rekening worden gebracht:
|
||
|
||
• •
|
||
Per ingeschreven verzekerde patiënt kan eenmalig in het tweede kwartaal 2020 een bedrag van maximaal € 10,00 (definitief niveau 2020) als opslag op het inschrijftarief per op naam van de huisarts ingeschreven verzekerde in rekening worden gebracht. Deze vergoeding dient dus ter dekking van de extra (out of pocket) kosten als gevolg van de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus, alsook als continuiteitsbijdrage ten behoeve van het instandhouden van de huisartsenzorg.
|
||
• •
|
||
De hoogte van het tarief is gebaseerd op een eerste inschatting door LHV, InEen en VPH en is in onderbouwing een combinatie van omzetderving (€ 7,75) en meerkosten (€ 2,25) als gevolg van de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus.
|
||
• •
|
||
Op basis van de Vektis-data over het tweede kwartaal, de nadere onderbouwing van de extra kosten door LHV/InEen/VPH en de dan bestaande verwachtingen voor het verdere verloop van de gevolgen van de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus, bespreken partijen of voor het derde kwartaal 2020 opnieuw een moduletarief “Incidentele compensatie meerkosten en omzetderving als gevolg van de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus” nodig is Het eventuele tarief voor het derde kwartaal wordt opnieuw berekend op basis van de aanvullende informatie zoals hierboven beschreven.
|
||
|
||
*Voorwaarden, voorschriften en beperkingen:*
|
||
|
||
– –
|
||
Het tarief mag in rekening worden gebracht voor die verzekerden die op de eerste dag van het tweede kwartaal bij de zorgaanbieder ingeschreven staan en waarvoor het inschrijftarief in rekening kan worden gebracht.
|
||
– –
|
||
Het tarief kan in rekening worden gebracht in aanvulling op de overige prestaties zoals in deze beleidsregel beschreven.
|
||
– –
|
||
Daar waar zorgverzekeraars, in afwijking van de standaard inkoop, overwegend op basis van vaste (inschrijf)vergoeding inkopen (o.a. DSW), dient dit moduletarief dan wel de reguliere contractuele afspraak daarop neerwaarts te worden aangepast, ter voorkoming van dubbele bekostiging.
|
||
|
||
### 9.3. Anw-verrichtingen in hds
|
||
|
||
Ten behoeve van de aanvullende inzet in de ANW-uren bovenop het basisrooster als gevolg van de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus kan de huisarts die participeert in een huisartsendienstenstructuur (hds) met ingang van 1 maart 2020 een toeslag van maximaal € 15,00 per uur in rekening brengen. De huisarts kan deze toeslag enkel in rekening brengen indien:
|
||
|
||
– –
|
||
De huisarts hiertoe een overeenkomst heeft met de betreffende hds;
|
||
– –
|
||
De betreffende hds hiertoe een overeenkomst heeft met de representerende zorgverzekeraars betreffende het volume en het tarief. De voorwaarden die verbonden zijn aan deze overeenkomst zijn beschreven in de Beleidsregel huisartsendienstenstructuren.
|
||
|
||
### 9.4. Kosten extra daglocaties huisartsenzorg als gevolg van de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus
|
||
|
||
Als gevolg van de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus worden aparte locaties ingericht voor huisartsenzorg voor patiënten met (verdenking van) een besmetting van het SARS-CoV-2 virus overdag. Dit betreft in principe locaties zonder klinische capaciteit.
|
||
|
||
Hiervoor worden voor drie componenten kosten gemaakt.
|
||
|
||
A. A.
|
||
Inzet huisarts
|
||
B. B.
|
||
Inzet overig personeel
|
||
C. C.
|
||
Overige kosten (locatie, persoonlijke beschermingsmaatregelen, ict, schoonmaak etc)
|
||
|
||
#### 1. Indien extra daglocatie wordt opgezet vanuit de huisartsenpost (HAP):
|
||
|
||
De declaratie van het patiëntcontact door de huisartsenpost is mogelijk door middel van de declaratie van de passantentarieven zoals beschreven in artikel 5.2.3. De huisartsenpost is hierbij dezelfde entiteit waarvoor ook de ANW-zorg wordt gecontracteerd. Het passantentarief wordt in deze situatie dus gedeclareerd door de huisartsenpost.
|
||
|
||
Indien de kosten van de extra daglocatie niet worden gedekt door declaratie van de passantentarieven, kunnen de huisartsenposten aanvullende afspraken maken met de zorgverzekeraar over vergoeding van de aanvullende kosten. Hierbij zijn de zorgverzekeraars en aanbieders de volgende uitgangspunten overeengekomen:
|
||
|
||
– –
|
||
Het is de verantwoordelijkheid van de regio om de bezetting van de extra daglocaties te regelen.
|
||
– –
|
||
De inrichting van de daglocatie volgt uit de afspraken/ verzoeken vanuit Regionaal Overleg Acute Zorgketen (ROAZ)-verband.
|
||
– –
|
||
De totale extra benodigde kosten van de HAP voor het openstellen van extra daglocatie buiten ANW-uren worden apart in beeld gebracht en zo spoedig mogelijk voorgelegd aan de preferente verzekeraars, zodat hierop een akkoord verkregen kan worden en de declaratieafhandeling kan worden ingericht. Een afspraak tussen aanbieder en verzekeraar(s) is noodzakelijk.
|
||
– –
|
||
Dit leidt tot een afgebakend extra budget HAP ‘dagopenstelling als gevolg van de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus’.
|
||
– –
|
||
De inkomsten uit de declaratie van het passantentarief door de HAP is ter dekking van dit budget.
|
||
– –
|
||
Over de resterende kosten (indien van toepassing) maakt de zorgverzekeraar met de HAP een afspraak. Dit te verrekenen bedrag wordt (volgtijdelijk) afgewikkeld via:
|
||
|
||
|
||
○
|
||
Uitbreiding van afspraken in het kader van “organisatie en infrastructuur” (O&I, zie artikel 6.2) indien technisch mogelijk (indien gewenst kunnen zorgaanbieders om tussentijdse ophoging van het budget vragen).
|
||
|
||
|
||
○
|
||
Is afwikkeling via de prestaties O&I niet mogelijk dan via segment 3 (S3, zie artikel 7) afspraak indien technisch mogelijk.
|
||
|
||
|
||
○
|
||
Is afwikkeling via segment 3 ook niet mogelijk of niet uitvoerbaar (veel administratieve belasting) dan via een nacalculatie omgeslagen over de ANW-tarieven (indien gewenst kunnen zorgaanbieders vragen om tussentijdse ophoging van het budget).
|
||
○ ○
|
||
Uitbreiding van afspraken in het kader van “organisatie en infrastructuur” (O&I, zie artikel 6.2) indien technisch mogelijk (indien gewenst kunnen zorgaanbieders om tussentijdse ophoging van het budget vragen).
|
||
○ ○
|
||
Is afwikkeling via de prestaties O&I niet mogelijk dan via segment 3 (S3, zie artikel 7) afspraak indien technisch mogelijk.
|
||
○ ○
|
||
Is afwikkeling via segment 3 ook niet mogelijk of niet uitvoerbaar (veel administratieve belasting) dan via een nacalculatie omgeslagen over de ANW-tarieven (indien gewenst kunnen zorgaanbieders vragen om tussentijdse ophoging van het budget).
|
||
– –
|
||
De vergoeding van huisartsen wordt (vanwege het moduletarief als opslag op inschrijftarief) niet meegenomen in de verrekening van het restant. Uitgangspunt is dat huisartsen, gebaseerd op een normpraktijk, gemiddeld 1 dag per 2 weken worden ingeroosterd op de extra daglocatie in verband met de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus. Hiervoor vindt geen vergoeding door de huisartsenpost plaats. Huisartsen kunnen op eigen kosten zelf een waarnemer inzetten.
|
||
– –
|
||
Als de noodzakelijke bezetting van huisartsencapaciteit op de extra daglocatie bijvoorbeeld vanwege de hoge toestroom van patiënten niet meer te borgen is met bovengenoemde inroostering van gemiddeld 1 dag per 2 weken, kan door de HAP aanvullende waarneming worden ingezet. Onderbouwing voor het benodigd zijn van aanvullende waarneming wordt zo spoedig mogelijk overlegd en achteraf verantwoord aan de zorgverzekeraar. De kosten van deze aanvullende inzet van waarneming worden door zorgverzekeraars vervolgens meegenomen in de vergoeding van de extra daglocatie. Het maximum van de vergoeding aan waarnemend huisartsen is € 78,00 per uur.
|
||
– –
|
||
De kosten (A, B en C) die vóór inwerkingtreding van deze overeenkomst zijn gemaakt kunnen wel geheel als meerkosten worden meegenomen in de begroting/afrekening. Er zal, indien nodig, enige coulance (zie ‘Overgangsperiode’) worden betracht voor het inregelen en organiseren van de nieuwe situatie door organisaties.
|
||
|
||
#### 2. Indien extra daglocatie wordt opgezet vanuit organisatie met eigen O&I-budget (regio-organisatie/zorggroep/ gezondheidscentrum)
|
||
|
||
De declaratie van het patientcontact door het samenwerkingsverband is mogelijk door middel van de declaratie van de passantentarieven zoals beschreven in artikel 5.2.3. Het samenwerkingsverband is hierbij dezelfde entiteit waarmee ook contractuele afspraken in het kader van O&I (zie artikel 6.2) worden gemaakt. Het passantentarief wordt in deze situatie dus gedeclareerd door het samenwerkingsverband.
|
||
|
||
Indien de kosten van de extra daglocatie niet worden gedekt door de declaratie van de passantentarieven, kunnen de zorgaanbieders met eigen O&I-budget aanvullende afspraken maken met de zorgverzekeraar over vergoeding van de aanvullende kosten. Hierbij zijn de zorgverzekeraars en zorgaanbieders de volgende uitgangspunten overeengekomen:
|
||
|
||
– –
|
||
Het is de verantwoordelijkheid van de regio om de bezetting van de extra daglocaties te regelen.
|
||
– –
|
||
De inrichting van de daglocatie samenwerkingsverband volgt uit de afspraken/verzoeken vanuit ROAZ-verband.
|
||
– –
|
||
De totale extra benodigde kosten van de zorgorganisatie voor het openstellen van extra daglocatie worden apart in beeld gebracht en zo spoedig mogelijk voorgelegd aan de preferente verzekeraars, zodat hierop een akkoord verkregen kan worden en de declaratie kan worden ingericht. Een afspraak tussen aanbieder en verzekeraar(s) is noodzakelijk.
|
||
– –
|
||
Dit leidt tot een afgebakend extra budget samenwerkingsverband ‘dagopenstelling als gevolg van de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus’.
|
||
– –
|
||
De inkomsten uit de declaratie door het samenwerkingsverband van het passantentarief is ter dekking van dit budget.
|
||
– –
|
||
Over de resterende kosten (indien van toepassing) maakt de zorgverzekeraar met het samenwerkingsverband een afspraak. Het restant van de kosten wordt dan via een nacalculatie omgeslagen over een O&I-afspraak. Indien gewenst kan om een tussentijdse ophoging van het O&I-budget worden gevraagd.
|
||
– –
|
||
De vergoeding van huisartsen wordt (vanwege het moduletarief als op het inschrijftarief) niet meegenomen in de verrekening van het restant. Uitgangspunt is dat huisartsen, gebaseerd op een normpraktijk, gemiddeld 1 dag per 2 weken worden ingeroosterd op de extra daglocatie als gevolg van de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus. Hiervoor vindt geen vergoeding door het samenwerkingsverband plaats. Huisartsen kunnen op eigen kosten zelf een waarnemer inzetten.
|
||
– –
|
||
Als de noodzakelijke bezetting van huisartsencapaciteit bijvoorbeeld vanwege hoge toestroom van patiënten op de extra locatie niet meer te borgen is met bovengenoemde inroostering van gemiddeld 1 dag per 2 weken, kan door de organiserende partij aanvullende waarneming worden ingezet. Onderbouwing voor het benodigd zijn van aanvullende waarneming wordt zo spoedig mogelijk overlegd en achteraf verantwoord aan de zorgverzekeraar. De kosten van deze aanvullende inzet van waarneming worden door zorgverzekeraars vervolgens meegenomen in de vergoeding van de extra daglocatie. Het maximum van de vergoeding aan waarnemend huisartsen is € 78,00 per uur.
|
||
– –
|
||
De kosten (A, B en C) die vóór inwerkingtreding van deze overeenkomst zijn gemaakt kunnen wel geheel als meerkosten worden meegenomen in de begroting/afrekening. Er zal, indien nodig, enige coulance (zie ‘Overgangsperiode’) worden betracht voor het inregelen en organiseren van de nieuwe situatie door organisaties.
|
||
|
||
#### 3. Indien extra daglocatie kleinschaliger wordt opgezet vanuit samenwerkingsafspraak tussen huisartsen (dus niet vanuit samenwerkingsverband waar een budgetafspraak boven ligt)
|
||
|
||
Op de extra daglocatie kan het passantentarief in rekening worden gebracht indien de huisarts zorg verleent aan niet-ingeschreven patiënten, mits het noch de patiënt noch de huisarts aan te rekenen is dat de zorg niet verleend wordt door de eigen huisarts van de patiënt. Hiervoor gelden dus gelijke voorwaarden als reeds voor declarate van het passantentarief gelden (zie artikel 5.2.3). Voor zorgverlening aan ingeschreven patiënten geldt declaratie van de reguliere consulten (zie artikel 5.2.2).
|
||
|
||
– –
|
||
De declaratie van het passantentarief in combinatie met het moduletarief ‘Incidentele compensatie meerkosten en omzetderving gevolg van de uitbraak van het SARS-CoV-2 virus ’ als opslag op het inschrijftarief wordt gezien ter dekking van kosten die gemaakt worden op de extra daglocatie.
|
||
– –
|
||
Als hier alsnog aanzienlijke meerkosten worden gemaakt, moet aansluiting worden gezocht bij de O&I-afrekening regionale organisatie (zie voor voorwaarden situatie 2).
|
||
– –
|
||
De ingebrachte meerkosten volgen uit afstemming/verzoek in ROAZ-verband en na akkoord van de preferente zorgverzekeraars.
|
||
– –
|
||
De vergoeding van eventuele extra kosten via samenwerkingsverband richting huisartspraktijken is mogelijk via ‘onderlinge dienstverlening’.
|
||
|
||
Zorgverzekeraars en zorgaanbieders zijn het volgende overeengekomen: Als er al huisartsen/waarnemers zijn betaald voor de inzet op de extra daglocaties, dan kunnen deze, in afwijking op de voorwaarden genoemd in dit artikel, door zorgverzekeraars worden vergoed, met in achtneming van redelijk- en billijkheid. Dit geldt ook voor de overige kosten (B en C). Vanaf het moment van akkoord kunnen de gemaakte afspraken ook gelden voor de al bestaande extra daglocaties. Als er rekeningen bij zorgverzekeraars binnenkomen na de bezegeling van de afspraken die betrekking hebben op de betaalde inzet van huisartsen/waarnemers vóór het moment van bezegeling, dan worden deze meegenomen in de begroting en afrekening voor de extra daglocatie.
|
||
|
||
## 10. Intrekking oude beleidsregel
|
||
|
||
Gelijktijdig met de inwerkingtreding van deze beleidsregel wordt de gepubliceerde, maar nog niet in werking getreden Beleidsregel huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg 2022, met kenmerk BR/REG-22147a, ingetrokken.
|
||
|
||
Gelijktijdig met de inwerkingtreding van deze beleidsregel wordt de gepubliceerde maar nog niet in werking getreden Beleidsregel huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg 2022, met kenmerk BR/REG-22147, ingetrokken.
|
||
|
||
Gelijktijdig met de inwerkingtreding van deze beleidsregel wordt Beleidsregel huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg 2021, met kenmerk BR/REG-21144, ingetrokken.
|
||
|
||
## 11. Toepasselijkheid voorafgaande beleidsregel
|
||
|
||
De Beleidsregel huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg 2021 met kenmerk BR/REG-21144, blijft van toepassing op besluiten en aangelegenheden die hun grondslag vinden in die beleidsregel en die betrekking hebben op de periode waarvoor die beleidsregel gold.
|
||
|
||
## 12. Inwerkingtreding en bekendmaking
|
||
|
||
Deze beleidsregel treedt in werking met ingang van 1 januari 2022 en vervalt met ingang van 1 april 2022.
|
||
|
||
Indien de Staatscourant waarin de beleidsregel ingevolge artikel 5, aanhef en onder e, van de Bekendmakingswet, wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 31 december 2021, treedt de beleidsregel in werking met ingang van de dag na de datum van uitgifte van de Staatscourant waarin de beleidsregel wordt geplaatst en werkt zij terug tot en met 1 januari 2022.
|
||
|
||
De beleidsregel ligt ter inzage bij de NZa en is te raadplegen op www.nza.nl.
|
||
|
||
## 13. Citeertitel
|
||
|
||
Deze beleidsregel wordt aangehaald als: Beleidsregel huisartsenzorg en multidisciplinaire zorg 2022.
|
||
|
||
## Bijlage 1. Begripsbepalingen
|
||
|
||
## Bijlage 2a. Prestatielijst M&I-verrichtingen
|
||
|
||
**De onderstaande prestaties komen, op basis van informatie van het Zorginstituut Nederland niet ten laste van de basisverzekering Zvw.**
|
||
|
||
## Bijlage 2b. Prestatielijst niet-gecontracteerde M&I-verrichtingen
|
||
|
||
De M&I-verrichtingen zoals beschreven in bijlage 2a kennen een vrij tarief, en mogen in rekening worden gebracht onder voorwaarde dat hier een overeenkomst met de zorgverzekeraar van de desbetreffende verzekerde aan ten grondslag ligt. Als deze overeenkomst niet tot stand komt, mag de zorgaanbieder de prestaties zoals vermeld in onderstaande limitiatieve lijst in rekening brengen tegen een door de NZa vastgesteld maximumtarief.
|
||
|
||
De prestatiebeschrijvingen en aanvullende voorwaarden (met uitzondering van het contractvereiste) zoals per prestatie vermeld in bijlage 2a, zijn ook van toepassing op de prestaties zoals in bijlage 2b vermeld.
|
||
|
||
De onderbouwing van de rekenmethode die gehanteerd wordt door de NZa om tot de maximumtarieven te komen, wordt uiteengezet in het verantwoordingsdocument, dat is opgenomen als bijlage 3 bij deze beleidsregel.
|
||
|
||
## Bijlage 3. Verantwoordingsdocument
|
||
|
||
## Bijlage 4. In- en exclusiecriteria multidisciplinaire zorg – niet gecontracteerd
|
||
|
||
*[afbeelding]*
|
||
|
||
*[afbeelding]*
|
||
|
||
*[afbeelding]*
|
||
|
||
*[afbeelding]*
|
||
|
||
*[afbeelding]*
|
||
|
||
*[afbeelding]*
|
||
|
||
*[afbeelding]*
|
||
|
||
*[afbeelding]*
|
||
|
||
*[afbeelding]*
|