40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
4 KiB
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Besluit buitegewoon opsporingsambtenaar openbaar vervoersbedrijven 2010 | BWBR0028993 | ministeriele-regeling | geldend | 2010-12-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0028993 | Besluit buitegewoon opsporingsambtenaar openbaar vervoersbedrijven 2010 |
Besluit buitegewoon opsporingsambtenaar openbaar vervoersbedrijven 2010
Artikel 1
In dit besluit wordt verstaan onder:
a. a.
*buitengewoon opsporingsambtenaar:* de persoon, bedoeld in artikel 2 van dit besluit;
b. b.
*openbaar vervoersbedrijf:* de vervoerder, bedoeld in artikel 1, onder k, van de Wet personenvervoer 2000, die openbaar vervoer verricht.
Artikel 2
De personen, werkzaam in het domein IV Openbaar Vervoer bij het openbaar vervoersbedrijf, zijn aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar.
Artikel 3
1. De buitengewoon opsporingsambtenaar is bevoegd tot het opsporen van de strafbare feiten behorend tot het domein IV Openbaar Vervoer, van bijlage A-I van de Circulaire Buitengewoon opsporingsambtenaar.
2. De opsporingsbevoegdheid, bedoeld in het eerste lid, geldt voor het grondgebied van Nederland, voor zover noodzakelijk voor een goede vervulling van de aan de functie gerelateerde taken.
3. De buitengewoon opsporingsambtenaar vermeldt in zijn processen-verbaal en schriftelijke verslagleggingen het in het eerste lid genoemd domein.
Artikel 4
Maximaal het aantal personen in de bijlage bij dit besluit aangegeven medewerkers, in dienstbetrekking werkzaam bij de in de bijlage bij dit besluit genoemde openbaar vervoersbedrijven in het domein Openbaar Vervoer, is aangewezen als buitengewoon opsporingsambtenaar
Artikel 5
1. Als toezichthouder als bedoeld in artikel 36 van het Besluit buitengewoon osporingsambtenaar is aangewezen de hoofdofficier van justitie bij het Arrondissementsparket, waarin de vestigingsplaats is gelegen van het openbaar vervoersbedrijf waarbij de desbetreffende buitengewoon opsporingsambtenaar werkzaam is.
2. Als direct toezichthouder als bedoeld in artikel 36 van het Besluit buitengewoon opsporingsambtenaar is aangewezen de korpschef van het regionaal politiekorps waarin de vestigingsplaats is gelegen van het openbaar vervoersbedrijf waarbij de desbetreffende buitengewoon opsporingsambtenaar werkzaam is.
3. In afwijking van het bepaalde in het eerste en het tweede lid kan, indien door openbaar vervoersbedrijven een samenwerkingsovereenkomst als bedoeld in artikel 3, tweede lid, onder b, is gesloten, in de bijlage bij dit besluit één hoofdofficier van justitie als toezichthouder en één korpschef als direct toezichthouder worden aangewezen.
Artikel 6
De buitengewoon opsporingsambtenaar kan de in artikel 8, eerste en derde lid, van de Politiewet 1993 omschreven bevoegdheden uitoefenen en daarbij gebruikmaken van handboeien.
Artikel 7
1.
De directeur van een openbaar vervoersbedrijf brengt jaarlijks, voor 1 april verslag uit over:
a. a. het aantal buitengewoon opsporingsambtenaren werkzaam in de artikel 2 genoemd domein; b. b. de door die buitengewoon opsporingsambtenaren verrichte activiteiten; c. c. de stand van zaken met betrekking tot de opleiding van die buitengewoon opsporingsambtenaren, waarbij in ieder geval wordt aangegeven hoeveel personen in het verslagjaar zijn aangemeld voor het door de Staatssecretaris van Veiligheid en Justitie goedgekeurde examen en hoeveel personen in dat jaar voor het examen zijn geslaagd;
Artikel 8
De op naam gestelde akten van opsporingsbevoegdheid en beëdiging en de overige benoemingsbescheiden, afgegeven mede op basis van het besluit van 1 november 2005, nr. 5383512/505/CBK, worden geacht mede te zijn afgegeven op basis van het onderhavige besluit.
Artikel 9
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 december 2010 en vervalt met ingang van 1 februari 2011.
Artikel 10
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit buitegewoon opsporingsambtenaar openbaar vervoersbedrijven 2010.