40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
88 lines
4.3 KiB
Markdown
88 lines
4.3 KiB
Markdown
---
|
||
titel: Instellingsbesluit RZO
|
||
bwb_id: BWBR0037170
|
||
type: ministeriele-regeling
|
||
status: geldend
|
||
datum_inwerkingtreding: '2016-01-01'
|
||
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0037170
|
||
citeertitel: Instellingsbesluit RZO
|
||
---
|
||
|
||
# Instellingsbesluit RZO
|
||
|
||
### Artikel 1
|
||
|
||
**1.** Er is een Raad van toezicht en advisering ten behoeve van het civiel-militaire zorgsysteem voor de hulpverlening aan veteranen en het wetenschappelijk onderzoek naar aandoeningen gerelateerd aan uitzendingen, hierna te noemen: de Raad (RZO).
|
||
|
||
**2.** De Raad is onafhankelijk adviseur van de Minister van Defensie.
|
||
|
||
### Artikel 2
|
||
|
||
**1.** De Raad bestaat uit een voorzitter en maximaal 8 leden.
|
||
|
||
**2.** De Raad wordt ondersteund door een ambtelijk secretaris die, in overleg met de Raad, wordt aangewezen door de Hoofddirecteur Personeel van het Ministerie van Defensie.
|
||
|
||
**3.** De voorzitter en leden van de Raad worden op voordracht van de Raad benoemd door de Minister voor een periode van vijf jaar. Zij zijn één maal herbenoembaar.
|
||
|
||
### Artikel 3
|
||
|
||
**1.**
|
||
|
||
De Raad heeft de volgende taken:
|
||
|
||
a. a.
|
||
Het bevorderen van de samenwerking tussen alle in het civiel-militaire zorgsysteem betrokken partijen.
|
||
b. b.
|
||
Het bevorderen van de gewenste specialisatie van de betrokken partijen in het civiel-militaire zorgsysteem, opdat het gehele zorgsysteem alle benodigde expertise bevat en de partijen goed ten opzichte van elkaar functioneren.
|
||
c. c.
|
||
Het houden van toezicht op het functioneren van het civiel-militaire zorgsysteem voor de hulpverlening aan veteranen.
|
||
d. d.
|
||
Het naar aanleiding van bevindingen voortkomend uit de toezichthoudende taak geven van advies aan de Minister en aan de betrokken partijen.
|
||
e. e.
|
||
Het monitoren van recente ontwikkelingen met relevantie voor het civiel-militaire zorgsysteem voor de hulpverlening aan veteranen.
|
||
f. f.
|
||
Het bevorderen van wetenschappelijk onderzoek op het gebied van aandoeningen gerelateerd aan uitzendingen.
|
||
|
||
**2.** De Raad legt schriftelijk vast op welke wijze hij aan de in het eerste lid genoemde taken en bevoegdheden uitvoering geeft.
|
||
|
||
### Artikel 4
|
||
|
||
**1.** De Raad geeft in het kader van artikel 3 de Minister en het bestuur van het Landelijk Zorgsysteem Veteranen (LZV) gevraagd en ongevraagd advies.
|
||
|
||
**2.** De Raad kan ten behoeve van de uitvoering van artikel 3 extern advies inwinnen.
|
||
|
||
**3.** De Raad stelt in het kader van artikel 3, eerste lid onderdeel f in overleg met het Ministerie van Defensie een programma-adviescommissie voor onderzoek in.
|
||
|
||
**4.** De Raad adviseert de minister over de benoeming van de voorzitter van het dagelijks bestuur van het LZV.
|
||
|
||
**5.** De Minister treedt in overleg met de Raad indien hij voornemens is af te wijken van een advies van de Raad.
|
||
|
||
### Artikel 5
|
||
|
||
**1.** De minister respectievelijk het bestuur van het LZV verschaffen aan de Raad alle informatie die de Raad voor de uitvoering van zijn toezichthoudende taak nodig heeft.
|
||
|
||
**2.** De Raad stelt bij het constateren van tekortkomingen in het functioneren van het LZV allereerst het bestuur Landelijk Zorgsysteem Veteranen (LZV) hiervan in kennis.
|
||
|
||
**3.** De Raad geeft daarbij aan welke stappen de Raad noodzakelijk acht om deze tekortkomingen te herstellen.
|
||
|
||
**4.** Het bestuur van de LZV bericht de Raad binnen zes weken welke maatregelen zijn of worden genomen om de geconstateerde tekortkomingen te herstellen.
|
||
|
||
**5.** Indien de Raad de maatregelen als onvoldoende aanmerkt, informeert hij de Minister hierover.
|
||
|
||
### Artikel 6
|
||
|
||
De Raad brengt tweejaarlijks een schriftelijke rapportage uit over de activiteiten van de Raad over deze periode. Deze rapportage is openbaar.
|
||
|
||
### Artikel 7
|
||
|
||
**1.** De voorzitter en leden van de Raad en de leden van de programma- en adviescommissie voor onderzoek worden bezoldigd op basis van de regeling Vergoedingen voor leden van commissies en adviescolleges Ministerie van Defensie (Aanwijzing SG A/975 van 5 april 2012).
|
||
|
||
**2.** De leden hebben daarnaast recht op een vergoeding wegens reiskosten- en verblijfkosten op de voet van de Wet vergoeding adviescolleges en commissies.
|
||
|
||
### Artikel 8
|
||
|
||
**1.** Het Besluit van de Staatssecretaris van Defensie van 5 juli 2007, P/2007012915, tot instelling van de Raad voor civiel-militaire Zorg en Onderzoek wordt ingetrokken.
|
||
|
||
**2.** Deze regeling treedt in werking op 1 januari 2016.
|
||
|
||
**3.** Deze regeling wordt aangehaald als: Instellingsbesluit RZO
|