rijk/ministeriele-regeling/regeling-aanpassing-landelijke-bedragen-gemiddelde-personeelslast-gpl-bedragen-i/BWBR0012821/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

291 lines
8.7 KiB
Markdown

---
titel: Regeling aanpassing landelijke bedragen gemiddelde personeelslast (gpl-bedragen)
in verband met de CAO 2000 - 2002 en maatregelen in relatie tot de werkgroep Van
Rijn
bwb_id: BWBR0012821
type: ministeriele-regeling
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '2001-09-29'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0012821
citeertitel: Regeling aanpassing landelijke bedragen gemiddelde personeelslast (gpl-bedragen)
in verband met de CAO 2000 - 2002 en maatregelen in relatie tot de werkgroep Van
Rijn
---
# Regeling aanpassing landelijke bedragen gemiddelde personeelslast (gpl-bedragen) in verband met de CAO 2000 - 2002 en maatregelen in relatie tot de werkgroep Van Rijn
### Paragraaf I. Begripsbepalingen
### Artikel 1
Voor de toepassing in deze regeling wordt verstaan onder:
**1.**
schoolsoortgroep 1:
• •
scholen voor mavo, vbo en scholengemeenschappen mavo/vbo (inclusief afdelingen leerwegondersteunend onderwijs en praktijkonderwijs),
• •
scholen voor praktijkonderwijs voortkomend uit het svo waarop artikel 11 van de Regeling bekostiging, rechtspositie en samenvoeging leerwegondersteunend onderwijs en praktijkonderwijs van toepassing is,
• •
scholen voor leerwegondersteunend onderwijs en scholen voor praktijkonderwijs als bedoeld in artikel II, tweede en vijfde lid, van de Wet van 25 mei 1998 (Stb. 337);
**2.**
schoolsoortgroep 2:
• •
scholen voor vwo, havo en scholengemeenschappen vwo/havo;
**3.**
schoolsoortgroep 3:
• •
scholengemeenschappen (vwo/)havo/mavo;
**4.**
schoolsoortgroep 4:
• •
scholengemeenschappen (vwo/)havo/mavo/vbo (inclusief afdelingen leerwegondersteunend onderwijs en praktijkonderwijs).
### Paragraaf II. Vaststelling landelijke gemiddelde personeelslast per 1 januari 2001
### Artikel 2
**1.**
Voor de directie bedraagt de landelijke gemiddelde personeelslast per formatieplaats voor:
• •
schoolsoortgroep 1: ƒ 137.286,56
• •
schoolsoortgroep 2: ƒ 163.852,63
• •
schoolsoortgroep 3: ƒ 162.103,67
• •
schoolsoortgroep 4: ƒ 157.461,96
**2.**
De landelijke gemiddelde personeelslast voor de leraren wordt per school bepaald volgens de formule:
cf x ggl +c
Daarbij is:
cf: de voor de schoolsoortgroep waartoe de school behoort vastgestelde coëfficiënt.
Deze bedraagt voor:
• •
schoolsoortgroep 1: ƒ 1.991,43
• •
schoolsoortgroep 2: ƒ 2.935,97
• •
schoolsoortgroep 3: ƒ 2.512,16
• •
schoolsoortgroep 4: ƒ 2.165,02
ggl: de gewogen gemiddelde leeftijd van de leraren als bedoeld in de publicatie van 27 februari 1998, VO/FB/1998/7449 (OCenW-Regelingen 1998, 7) en van 10 augustus 1998, VO/FB/1998/30920 (OCenW-Regelingen 1998, 18), en
c: de voor de schoolsoortgroep waartoe de school behoort vastgestelde vaste voet.
Deze bedraagt voor:
• •
schoolsoortgroep 1: ƒ 19.937,25
• •
schoolsoortgroep 2: ƒ 3.364,39
• •
schoolsoortgroep 3: ƒ 15.096,33
• •
schoolsoortgroep 4: ƒ 19.161,07
**3.** Voor het onderwijsondersteunend personeel bedraagt de landelijke gemiddelde personeelslast per formatieplaats ƒ 71.978,57 ongeacht de schoolsoortgroep.
### Artikel 3
**1.** Indien een aanvullende bekostiging wordt verstrekt, zijn voor de vaststelling van de bekostiging de volgende leden van toepassing.
**2.** Voor de directieformatie geldt de voor de school in artikel 2, eerste lid, genoemde gemiddelde personeelslast.
**3.**
Voor de lerarenformatie bedraagt de gemiddelde personeelslast per formatieplaats voor:
• •
schoolsoortgroep 1: ƒ 106.624,23
• •
schoolsoortgroep 2: ƒ 129.082,83
• •
schoolsoortgroep 3: ƒ 122.591,80
• •
schoolsoortgroep 4: ƒ 113.253,01
**4.** Voor de formatie onderwijsondersteunend personeel geldt de in artikel 2, derde lid, genoemde gemiddelde personeelslast.
### Paragraaf III. Vaststelling landelijke gemiddelde personeelslast per 1 maart 2001
### Artikel 4
**1.**
Voor de directie bedraagt de landelijke gemiddelde personeelslast per formatieplaats voor:
• •
schoolsoortgroep 1: ƒ 140.469,27
• •
schoolsoortgroep 2: ƒ 167.651,22
• •
schoolsoortgroep 3: ƒ 165.861,72
• •
schoolsoortgroep 4: ƒ 161.112,40
**2.**
De landelijke gemiddelde personeelslast voor de leraren wordt per school bepaald volgens de formule:
cf x ggl +c
Daarbij is:
cf: de voor de schoolsoortgroep waartoe de school behoort vastgestelde coëfficiënt.
Deze bedraagt voor:
• •
schoolsoortgroep 1: ƒ 2.049,46
• •
schoolsoortgroep 2: ƒ 3.021,52
• •
schoolsoortgroep 3: ƒ 2.585,36
• •
schoolsoortgroep 4: ƒ 2.228,11
ggl: de gewogen gemiddelde leeftijd van de leraren als bedoeld in de publicatie van 27 februari 1998, VO/FB/1998/7449 (OCenW-Regelingen 1998, 7) en van 10 augustus 1998, VO/FB/1998/30920 (OCenW-Regelingen 1998, 18), en
c: de voor de schoolsoortgroep waartoe de school behoort vastgestelde vaste voet.
Deze bedraagt voor:
• •
schoolsoortgroep 1: ƒ 20.518,18
• •
schoolsoortgroep 2: ƒ 3.462,42
• •
schoolsoortgroep 3: ƒ 15.536,20
• •
schoolsoortgroep 4: ƒ 19.719,38
**3.** Voor het onderwijsondersteunend personeel bedraagt de landelijke gemiddelde personeelslast per formatieplaats ƒ 73.647,25, ongeacht de schoolsoortgroep.
### Artikel 5
**1.** Indien een aanvullende bekostiging wordt verstrekt, zijn voor de vaststelling van de bekostiging de volgende leden van toepassing.
**2.** Voor de directieformatie geldt de voor de school in artikel 4, eerste lid, genoemde gemiddelde personeelslast.
**3.**
Voor de lerarenformatie bedraagt de gemiddelde personeelslast per formatieplaats voor:
• •
schoolsoortgroep 1: ƒ 109.731,05
• •
schoolsoortgroep 2: ƒ 132.844,05
• •
schoolsoortgroep 3: ƒ 126.163,88
• •
schoolsoortgroep 4: ƒ 116.552,98
**4.** Voor de formatie onderwijsondersteunend personeel geldt de in artikel 4, derde lid, genoemde gemiddelde personeelslast.
### Paragraaf IV. Vaststelling landelijke gemiddelde personeelslast per 1 augustus 2001
### Artikel 6
**1.**
Voor de directie bedraagt de landelijke gemiddelde personeelslast per formatieplaats voor:
• •
schoolsoortgroep 1: € 63.965,47
• •
schoolsoortgroep 2: € 76.343,31
• •
schoolsoortgroep 3: € 75.528,42
• •
schoolsoortgroep 4: € 73.365,72
**2.**
De landelijke gemiddelde personeelslast voor de leraren wordt per school bepaald volgens de formule:
cf x ggl +c
Daarbij is:
cf: de voor de schoolsoortgroep waartoe de school behoort vastgestelde coëfficiënt.
Deze bedraagt voor:
• •
schoolsoortgroep 1: € 977,19
• •
schoolsoortgroep 2: € 1.383,66
• •
schoolsoortgroep 3: € 1.187,93
• •
schoolsoortgroep 4: € 1.034,63
ggl: de gewogen gemiddelde leeftijd van de leraren als bedoeld in de publicatie van 27 februari 1998, VO/FB/1998/7449 (OCenW-Regelingen 1998, 7) en van 10 augustus 1998, VO/FB/1998/30920 (OCenW-Regelingen 1998, 18), en
c: de voor de schoolsoortgroep waartoe de school behoort vastgestelde vaste voet.
Deze bedraagt voor:
• •
schoolsoortgroep 1: € 9.783,12
• •
schoolsoortgroep 2: € 1.585,57
• •
schoolsoortgroep 3: € 7.138,61
• •
schoolsoortgroep 4: € 9.156,79
**3.** Voor het onderwijsondersteunend personeel bedraagt de landelijke gemiddelde personeelslast per formatieplaats € 33.536,73, ongeacht de schoolsoortgroep.
### Artikel 7
**1.** Indien een aanvullende bekostiging wordt verstrekt, zijn voor de vaststelling van de bekostiging de volgende leden van toepassing.
**2.** Voor de directieformatie geldt de voor de school in artikel 6, eerste lid, genoemde gemiddelde personeelslast.
**3.**
Voor de lerarenformatie bedraagt de gemiddelde personeelslast per formatieplaats voor:
• •
schoolsoortgroep 1: € 52.310,27
• •
schoolsoortgroep 2: € 60.889,42
• •
schoolsoortgroep 3: € 57.827,55
• •
schoolsoortgroep 4: € 54.152,98
**4.** Voor de formatie onderwijsondersteunend personeel geldt de in artikel 6, derde lid, genoemde gemiddelde personeelslast.
### Paragraaf V. Slotbepalingen
### Artikel 8
Deze regeling zal met toelichting in Uitleg OCenW-Regelingen worden geplaatst. Van deze plaatsing zal mededeling worden gedaan in de Staatscourant.
### Artikel 9
Deze regeling treedt in werking met ingang van de derde dag na de datum van uitgifte van Uitleg OCenW-Regelingen waarin deze regeling is bekendgemaakt en werkt wat betreft de artikelen 2 en 3 terug tot en met 1 januari 2001, wat betreft de artikelen 4 en 5 tot en met 1 maart 2001 en wat betreft de artikelen 6 en 7 tot en met 1 augustus 2001.