40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
5.6 KiB
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Regeling beheer wapens en munitie politie 2015 | BWBR0036730 | ministeriele-regeling | geldend | 2015-08-01 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0036730 | Regeling beheer wapens en munitie politie 2015 |
Regeling beheer wapens en munitie politie 2015
Artikel 1
1.
In deze regeling wordt verstaan onder:
a. a.
*ambtenaar:* de ambtenaar van politie, bedoeld in artikel 2 van de Politiewet 2012, aan wie een of meer wapens rechtens zijn toegekend;
b. b.
*wapen:* het krachtens artikel 15, eerste lid, artikel 17, tweede lid, artikel 18 of artikel 19 van het Besluit bewapening en uitrusting politie goedgekeurde wapen;
c. c.
*vuurwapen:* het krachtens artikel 15, eerste lid, artikel 17, tweede lid, artikel 18 of artikel 19 van het Besluit bewapening en uitrusting politie goedgekeurde vuurwapen;
d. d.
*munitie:* de krachtens artikel 15, eerste lid, artikel 17, tweede lid, artikel 18 of artikel 19 van het Besluit bewapening en uitrusting politie goedgekeurde munitie;
e. e.
*vervoer van een wapen:* het op de openbare weg of andere voor het publiek toegankelijke plaatsen bij zich hebben van een wapen dat zodanig is verpakt, dat het niet voor onmiddellijk gebruik kan worden aangewend;
f. f.
*dragen van een wapen:* het bij zich hebben van een wapen anders dan voor vervoer in de onder e bedoelde zin;
g. g.
*het pistool:* het pistool als bedoeld in artikel 1, onder b, van het van het Besluit bewapening en uitrusting politie;
h. h.
*wapenkamer:* de voor de opslag van wapens ingerichte en beveiligde ruimte;
i. i.
*wapenkamerbeheerder:* de ambtenaar die is belast met het feitelijk beheer, de inname, de uitgifte en het onderhoud van de wapens;
j. j.
*operationele dienst:* de uitvoering van de politietaak waarbij publiekscontacten kunnen plaatsvinden;
2. In deze regeling wordt onder wapen mede verstaan de krachtens de artikelen 15, eerste lid, en 19 van het Besluit bewapening en uitrusting politie goedgekeurde munitie.
3. In deze regeling wordt onder pistool mede verstaan de krachtens artikel 15, eerste lid, of artikel 19 van het Besluit bewapening en uitrusting politie goedgekeurde patroonhouder en munitie voor het pistool.
Artikel 2
1. Tijdens de uitoefening van de operationele dienst is de ambtenaar verplicht tot het dragen van de aan hem verstrekte wapens.
2. Het vuurwapen wordt tijdens de uitoefening van de operationele dienst in geladen toestand gedragen.
3. Het pistool mag uitsluitend worden gedragen in een krachtens artikel 15, tweede lid, van het Besluit bewapening en uitrusting politie goedgekeurd draagmiddel.
4. De ambtenaar die optreedt in burgerkleding is uitgezonderd van de verplichting tot het dragen van de wapenstok.
5. In afwijking van het eerste lid kan de korpschef de ambtenaar toestemming verlenen om van de verplichting, bedoeld in het eerste lid, geheel of gedeeltelijk af te wijken.
Artikel 3
Het dragen of vervoeren van de aan de ambtenaar verstrekte wapens is buiten de uitoefening van de dienst slechts toegestaan ten behoeve van:
a. a. het verrichten van piketdienst of operationele dienst; b. b. het volgen van een training of toetsing; c. c. het deelnemen aan een competitie, na voorafgaande schriftelijke toestemming van de korpschef; d. d. de veiligheid van de ambtenaar of van burgers, na voorafgaande schriftelijke toestemming van de korpschef.
Artikel 4
1. De ambtenaar is verantwoordelijk voor het opbergen en in een inbraakwerende ruimte bewaren van de aan hem verstrekte wapens.
2. Het is niet toegestaan om wapens onbeheerd in een voertuig achter te laten tenzij de wapens zijn opgeborgen in een hiervoor bestemd en beveiligd compartiment van een dienstvoertuig.
3. Buiten diensttijd dient het vuurwapen te worden opgeborgen in de wapenkamer, een wapenkluis of op een andere door de korpschef voorgeschreven wijze.
4.
Het bewaren van wapens in de woning van de ambtenaar is slechts toegestaan ten behoeve van:
a. a. het verrichten van piketdienst of operationele dienst; b. b. het volgen van een training of toetsing; c. c. het deelnemen aan een competitie, na voorafgaande schriftelijke toestemming van de korpschef; d. d. de veiligheid van de ambtenaar of van burgers, na voorafgaande schriftelijke toestemming van de korpschef.
Artikel 5
1. De ambtenaar die is uitgerust met een vuurwapen is verantwoordelijk voor het regulier onderhoud van het vuurwapen zoals voorgeschreven in de bij het vuurwapen verstrekte instructie van de korpschef.
2. Na de schiettraining of -toetsing dient de ambtenaar het vuurwapen zo spoedig mogelijk te reinigen en oliën conform de instructies, bedoeld in het eerste lid.
3. Indien het vuurwapen aan bijzondere vervuiling is blootgesteld, dient de ambtenaar het ter inspectie aan de wapenkamerbeheerder aan te bieden.
4. Het is de ambtenaar niet toegestaan om wijzigingen aan het vuurwapen aan te brengen.
5. Bij een gebleken defect dient de ambtenaar het vuurwapen zo spoedig mogelijk voor inspectie aan de wapenkamerbeheerder aan te bieden.
6. De ambtenaar dient het vuurwapen minimaal eenmaal per jaar ter inspectie aan te bieden aan de wapenkamerbeheerder.
Artikel 6
De Regeling beheer wapens en munitie politie wordt ingetrokken.
Artikel 7
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 augustus 2015.
Artikel 8
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling beheer wapens en munitie politie 2015.