rijk/ministeriele-regeling/regeling-eisen-praktijk-examen-a/BWBR0008046/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

158 lines
6.2 KiB
Markdown

---
titel: Regeling eisen praktijk-examen A
bwb_id: BWBR0008046
type: ministeriele-regeling
status: geldend
datum_inwerkingtreding: '1996-06-01'
bron: https://wetten.overheid.nl/BWBR0008046
citeertitel: Regeling eisen praktijk-examen A
---
# Regeling eisen praktijk-examen A
### Artikel 1
De aanvrager moet in staat zijn een selectie van de hierna genoemde handelingen uit te voeren:
a. a.
controle op juiste bevestiging van de helm;
b. b.
controle op de juiste afstelling van de spiegels;
c. c.
controle van de banden en bandenspanning;
d. d.
controle van de verlichting, reflectoren en richtingaanwijzers;
e. e.
controle van de stuurinrichting;
f. f.
controle van de positie en functie van de diverse bedieningsorganen, schakelaars, controlelampjes en meters;
g. g.
controle van de remmen en remvloeistof;
h. h.
controle van het oliepeil;
i. i.
controle van de claxon;
j. j.
controle van de achterwielvering.
### Artikel 2
Tijdens het praktijk-examen dient de aanvrager blijk te geven in staat te zijn om in verkeerssituaties op veilige wijze:
a. a.
de kant van de weg of de parkeerruimte te verlaten;
b. b.
op het juiste weggedeelte en met aanpassing van de snelheid aan de weg- en verkeersomstandigheden aan het verkeer deel te nemen;
c. c.
te rijden op rechte weggedeelten;
d. d.
bochten te rijden;
e. e.
afstand te houden ten opzichte van andere voertuigen;
f. f.
van rijstrook te veranderen en andere zijdelingse verplaatsingen uit te voeren;
g. g.
andere weggebruikers in te halen, alsook obstakels voorbij te rijden;
h. h.
juist te handelen ten opzichte van tegenliggers, ook bij wegversmallingen;
i. i.
door overige weggebruikers tegemoet gekomen en ingehaald worden;
j. j.
in diverse omstandigheden in te halen;
k. k.
een overweg te naderen en op te rijden;
l. l.
te rijden nabij en op bijzondere weggedeelten, zoals woonerven, voetgangersoversteekplaatsen, tram- en bushaltes;
m. m.
een kruispunt te naderen en op te rijden;
n. n.
rechts of links af te slaan bij kruispunten of om de weg te verlaten;
o. o.
de invoegstrook van de doorgaande rijbaan op te rijden (invoegen) en van de doorgaande rijbaan de uitvoegstrook (uitvoegen);
p. p.
een rotonde te berijden;
q. q.
het voertuig in voldoende mate te beheersen door het uitvoeren van een aantal vaardigheden met het voertuig.
### Artikel 3
De aanvrager dient tijdens het praktijk-examen blijk te geven inzicht te hebben ten aanzien van de in artikel 2 genoemde handelingen en manoeuvres door middel van:
a. a.
het letten op tekens en overige aanduidingen op de weg;
b. b.
het tijdig en op juiste wijze geven van signalen aan de overige weggebruikers en tijdig en op juiste wijze te reageren op signalen van de overige weggebruikers;
c. c.
het adequaat reageren in gevaarlijke situaties;
d. d.
het tijdig en op juiste wijze reageren op tekens en aanwijzingen van verkeersagenten e.d.;
e. e.
het naar behoren rekening te houden met andere weggebruikers, met name kwetsbare weggebruikers als voetgangers, fietsers e.d., en op te letten in situaties waarin ander verkeer kan worden verwacht (kijkgedrag);
f. f.
rekening te houden met weg- en weersomstandigheden;
g. g.
het op de juiste wijze verlenen van voorrang aan bestuurders en het voor laten gaan van weggebruikers die daar recht op hebben;
h. h.
het innemen van de juiste plaats op de weg voor het uitvoeren van voorgenomen handelingen zoals inhalen, afslaan en stoppen, en het daarvoor geschikte dan wel bestemde weggedeelte te kiezen;
i. i.
het houden van voldoende volgafstand ten opzichte van de overige bestuurders en weggebruikers;
j. j.
te rijden met een veilige, aan de verkeersomstandigheden aangepaste snelheid en daarbij de geldende maximumsnelheid niet te overschrijden.
### Artikel 4
De aanvrager dient bij het uitvoeren van de in de artikelen 2 en 3 genoemde examenonderdelen blijk te geven:
a. a.
het ontkoppelings- en schakelmechanisme van het voertuig op juiste en economische wijze te bedienen;
b. b.
op juiste wijze zowel versnellend als vertragend over te schakelen;
c. c.
de gastoevoer van het voertuig op juiste en economische wijze te bedienen;
d. d.
de remorganen van het voertuig op juiste wijze te bedienen;
e. e.
de verlichtings-, waarschuwings- en andere hulpapparatuur tijdig en op de juiste wijze te bedienen;
f. f.
het voertuig behoorlijk te beheersen door het tonen van voldoende stuurvastheid en het op juiste wijze doen afschuinen van het voertuig bij het nemen van bochten;
g. g.
onder alle omstandigheden rekening houden met de aard en omvang van het voertuig en de beperkingen van het gezichtsveld;
h. h.
tijdig en op doelmatige wijze de snelheid van het voertuig te vertragen, te remmen en te stoppen.
### Artikel 5
De in artikel 2, onder q, bedoelde vaardigheden bestaan uit:
a. a.
het voertuig op juiste wijze van de middenstandaard halen (afbokken), aan de hand meevoeren, zonder hulp van de motor, en vervolgens op juiste wijze op de middenstandaard plaatsen (opbokken);
b. b.
het op juiste wijze op- en afstappen;
c. c.
het op juiste wijze rijden met geringe snelheid;
d. d.
het op juiste wijze rijden van aangegeven opeenvolgende linker- en rechterbochten (slalom);
e. e.
het op juiste wijze maken van een halve draai in een vloeiende beweging binnen een beperkte ruimte (keren);
f. f.
het op juiste wijze rijden van een denkbeeldige acht;
g. g.
het op juiste wijze rijden van een cirkel;
h. h.
het op juiste wijze stoppen bij een aangegeven snelheid (stopproef);
i. i.
het voertuig op juiste wijze op een helling tot stilstand brengen en weer optrekken (hellingproef).
### Artikel 6
Het CBR verstrekt na afloop van het praktijk-examen aan de aanvrager een uitslagformulier waarop het resultaat van het examen is vermeld. Bij een onvoldoende examen zal
tevens worden aangegeven aan welke exameneisen niet werd voldaan.
### Artikel 7
Deze regeling treedt in werking met ingang van 1 juni 1996.
### Artikel 8
Deze regeling wordt aangehaald als: Regeling eisen praktijk-examen A.