rijk/ministeriele-regeling/subsidieregeling-leraren-in-opleiding-2000-2001-voor-de-sector-po/BWBR0011504/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

6.9 KiB

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Subsidieregeling leraren in opleiding 2000 - 2001 voor de sector po BWBR0011504 ministeriele-regeling geldend 2000-07-29 https://wetten.overheid.nl/BWBR0011504 Subsidieregeling leraren in opleiding 2000 - 2001 voor de sector po

Subsidieregeling leraren in opleiding 2000 - 2001 voor de sector po

Hoofdstuk 1. Algemeen

Artikel 1

In deze regeling wordt verstaan onder:

  • de minister: De minister van onderwijs, cultuur en wetenschappen;
  • Bevoegd gezag: het bevoegd gezag van een basisschool of een speciale school voor basisonderwijs vallende onder de Wet op het primair onderwijs; het bevoegd gezag van een school voor speciaal onderwijs, een school voor voortgezet speciaal onderwijs of een school/instelling voor speciaal en voortgezet speciaal onderwijs vallende onder de Wet op de expertisecentra; het bevoegd gezag van een school voor voortgezet speciaal onderwijs als bedoeld in artikel 125 van de WVO; het bevoegd gezag van een afdeling voor speciaal voortgezet onderwijs verbonden aan speciale scholen voor basisonderwijs als bedoeld in artikel XXXVII van de wet van 2 april 1998 Stb. 228);
  • Leraar in opleiding: de student van een lerarenopleiding bedoeld in artikel 3, zesde lid, van de Wet op het primair onderwijs, die wordt benoemd op een leer-arbeidsplaats bij een basisschool of een speciale school voor basisonderwijs. De student van een lerarenopleiding bedoeld in artikel 3, achtste lid, van de Wet op de expertisecentra, die wordt benoemd op een leer-arbeidsplaats bij een school voor speciaal of voortgezet speciaal onderwijs dan wel een school/instelling voor speciaal en voortgezet onderwijs. De student van de lerarenopleiding bedoeld artikel 126, achtste lid, van de Wet voortgezet onderwijs, die wordt benoemd op een leer-arbeidsplaats bij een school voor voortgezet speciaal onderwijs;
  • Leer-arbeidsplaats: een functie waarin uitsluitend een leraar in opleiding kan worden benoemd;
  • Leer-arbeidsovereenkomst: Een overeenkomst die bestaat uit een benoeming en een leer-overeenkomst die gesloten wordt tussen drie partijen: de leraar in opleiding, het bevoegd gezag van de school/instelling waar de leraar in opleiding is benoemd en de lerarenopleiding waar de leraar in opleiding is ingeschreven.

Artikel 2

De minister verstrekt de subsidie als tegemoetkoming in de kosten voor het begeleiden van een leraar in opleiding met leer-arbeidsovereenkomst.

Artikel 3

Subsidie wordt slechts verleend aan het bevoegd gezag dat in het schooljaar 2000 - 2001 een of meer leraren in opleiding benoemt.

Artikel 4

1. Voor subsidieverlening op grond van deze regeling is maximaal een bedrag van ƒ 15,1 miljoen beschikbaar, verminderd met de aanvullende vergoedingen van de regeling "Aanvullende vergoeding leraren in opleiding 2000 - 2001 voor de sectoren vo en de bve".

2. De regeling geldt voor één schooljaar: 2000 - 2001.

Artikel 5

De subsidie bedraagt ƒ 1.500,- per leraar in opleiding.

Hoofdstuk 2. Subsidieaanvraag

Artikel 6

De subsidie wordt op aanvraag verstrekt.

Artikel 7

1. Om voor subsidie, als bedoeld in artikel 5 in aanmerking te komen dient het bevoegd gezag een aanvraag in, met inachtneming van het hierna volgende, voor zover dat van toepassing is.

2.

De aanvraag omvat:

  • het administratienummer van het bevoegd gezag van de school/instelling;
  • het Brinnummer;
  • de naam en het adres van de school/instelling;
  • het aantal leraren in opleiding dat in het schooljaar 2000-2001 is benoemd of zal worden benoemd; de contactpersoon onder vermelding van diens functie en het telefoonnummer waaronder deze contactpersoon bereikbaar is.

De aanvraag dient te worden ingediend bij:

  • De Centrale Financiën Instellingen, Postbus 606, 2700 ML Zoetermeer, ter attentie van CFI/FTO/TBD onder vermelding van aanvraag leraar in opleiding 2000 - 2001.

Artikel 8

De subsidieaanvraag wordt ingediend voor 1 januari 2001.

Hoofdstuk 3. Subsidieverstrekking

Artikel 9

De minister verdeelt het beschikbare bedrag in de volgorde van ontvangst van de aanvragen op grond van deze regeling en de Regeling aanvullende vergoeding leraren in opleiding 2000 - 2001 voor de sectoren vo en bve.

Artikel 10

Het bevoegd gezag ontvangt binnen drie maanden na de aanvraag de subsidie als bedoeld in artikel 5 in de vorm van een bestemmingsbedrag.

Artikel 11

Subsidie ten laste van de begroting van het Ministerie van Onderwijs, Cultuur en Wetenschappen die nog niet is vastgesteld of goedgekeurd, wordt verleend onder de voorwaarde dat voldoende gelden ter beschikking worden gesteld.

Hoofdstuk 4. Verplichtingen Subsidieontvanger

Artikel 12

De subsidie kan worden verleend indien is voldaan aan de volgende voorwaarden:

  • de leer-arbeidsovereenkomst wordt gesloten voor een periode van vijf maanden, eindigend vóór de aanvang van de zomervakantie van de school/instelling bij een volledige werkweek dan wel voor een periode van 10 maanden eindigend voor de aanvang van de zomervakantie van de school/instelling bij een halve werkweek;

  • het bevoegd gezag van de school/instelling verplicht zich tot een goede begeleiding van de leraar in opleiding op de werkplek. De begeleiding bestaat in elk geval uit:

        goede introductie van de leraar in opleiding in de school/instelling;
    
    
        begeleiding bij het reflecteren op diens ervaringen in de school/instelling
    
    
        bereidheid de leraar in opleiding te laten oefenen in een diversiteit aan leer- en werksituaties
    
  • goede introductie van de leraar in opleiding in de school/instelling;

  • begeleiding bij het reflecteren op diens ervaringen in de school/instelling

  • bereidheid de leraar in opleiding te laten oefenen in een diversiteit aan leer- en werksituaties

Hoofdstuk 5. Subsidievaststelling

Artikel 13

De subsidie wordt verleend onder de voorwaarde dat het bevoegd gezag in de aanvraag vaststelling rijksvergoeding (AVR) 2000 en/of 2001 aangeeft dat deze subsidie rechtmatig is besteed.

Artikel 14

De subsidie wordt naar evenredigheid teruggevorderd indien het aantal leraren in opleiding met een leer-arbeidsovereenkomst dat is benoemd lager is dan het aantal ten behoeve waarvan de subsidie is toegekend. Bij voortijdige beëindiging van de leer-arbeidsovereenkomst vindt eveneens naar evenredigheid terugvordering van de toegekende subsidie plaats.

Hoofdstuk 6. Slotbepalingen

Artikel 15

Deze regeling zal met toelichting in Uitleg OCenW-Regelingen worden geplaatst. Van deze plaatsing zal mededeling worden gedaan in de Staatscourant.

Artikel 16

Deze regeling treedt in werking met ingang van de derde dag na de datum van uitgifte van Uitleg OCenW-Regelingen waarin deze regeling wordt geplaatst.

Artikel 17

Deze regeling wordt aangehaald als: Subsidieregeling leraren in opleiding 2000 - 2001 voor de sector po.