40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
11 KiB
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Besluit GZP subsidieregeling stillegging MKB brood- en banketbakkerijen 2004 | BWBR0015735 | pbo | geldend | 2004-01-06 | https://wetten.overheid.nl/BWBR0015735 | Besluit GZP subsidieregeling stillegging MKB brood- en banketbakkerijen 2004 |
Besluit GZP subsidieregeling stillegging MKB brood- en banketbakkerijen 2004
Paragraaf 1. Begripsbepalingen
Artikel 1
Dit besluit neemt over de begripsbepalingen van de Verordening GZP subsidies structuurversterking brood en banket en verstaat onder:
Paragraaf 2. Algemene bepalingen
Artikel 2
1. Ter zake van de stillegging van bakkerijen behorend tot het midden- en kleinbedrijf kan op aanvraag van de ondernemer door de commissie namens het bestuur een stillegsubsidie worden verstrekt.
2. De samenstelling van het bedrag van de stillegsubsidie en de wijze waarop de daarin besloten capaciteitsvergoedingen voorzieningen worden berekend, zijn bepaald in bijlage I bij dit besluit.
Artikel 3
1.
Subsidieverstrekking vindt slechts plaats indien:
a. a. de ondernemer op het moment van indiening van de aanvraag 55 jaar of ouder is. In geval van een commanditaire vennootschap of een vennootschap onder firma, dient ten minste één van de beherende vennoten op het moment van indiening van de aanvraag 55 jaar of ouder te zijn, b. b. de onder a. bedoelde ondernemer in aanmerking komt voor een uitkering krachtens de Wet IOAZ of de WAZ. In het laatstbedoelde geval gelden als bijkomende voorwaarden dat een arbeidsongeschiktheidsverklaring voorligt met een indeling in de categorie 80-100% en dat wordt voldaan aan de normen voor vermogensbeoordeling volgens de Wet IOAZ, c. c. de ondernemer vrij over de productie-apparatuur kan beschikken en de productie-apparatuur gedurende de vijf jaar voorafgaande aan de aanvraag is benut voor de productie van bakkerijproducten en op moment van indiening van de aanvraag nog steeds wordt benut, en d. d. de commissie van oordeel is dat stillegging van de bakkerij strekt tot verbetering van de structuur van de branche.
2.
Verstrekking van de Inkomensvoorziening werknemer en de pensioenvoorziening werknemer vindt niet plaats indien:
a. a. de werknemer niet een ononderbroken dienstverband met de werkgever heeft, welke aanving vóór of op 1 januari 2002, b. b. het dienstverband van de werknemer niet binnen 6 maanden na stakingsdatum is beëindigd, of c. c. de werknemer op moment van indiening van de aanvraag gedurende een aaneengeslotenperiode van tenminste 3 jaar een uitkering krachtens de Ziektewet of de Wet op de arbeidsongeschiktheidsverzekering geniet, voor hem niet vóór 1 januari 2004 een reïntegratieplan is vastgesteld en die feitelijk geen werkzaamheden verricht in de bakkerij waarvoor stillegsubsidie B aangevraagd, d. d. de werknemer eerder een uitkering van de Stichting Herstructurering Broodbakkerij c.q. de Commissie Brood en Banket ontving.
3. In aanvulling op het tweede lid vindt verstrekking van de pensioenvoorzieningwerknemer alleen plaats indien de werknemer op de datum beëindiging dienstverband 50 jaar of ouder is en indien en voor zover de werknemer niet op eigen naam uit andere hoofde een pensioenvoorziening ontvangt.
4. De commissie kan in bijzondere gevallen, gehoord de Adviescommissie Structuuraangelegenheden, afwijking toestaan van de in het eerste lid, onder a tot en met c en de in het tweede lid, onder a en d genoemde voorwaarden.
Artikel 4
1. Voor het jaar 2004 geldt een subsidieplafond van € 900.000,- voor het verstrekken van stillegsubsidies.
2. Zodra door subsidieverleningen het subsidieplafond is bereikt, worden geen aanvragen meer in behandeling genomen.
Paragraaf 3. Subsidieverlening
Artikel 5
De aanvraag wordt ingediend door middel van de aangetekende verzending van een volledig, naar waarheid ingevuld, aanvraagformulier, met bijlagen, overeenkomstig het model en de daarbij gestelde vereisten, opgenomen in bijlage II bij dit besluit.
Artikel 6
1. De aanvragen worden behandeld in volgorde van binnenkomst.
2. Indiende aanvraag onvolledig is wordt de aanvrager hiervan in kennis gesteld en wordt hem daarbij een termijn gesteld van twee weken om de aanvraag aan te vullen. Voldoet de aanvrager hier niet aan, dan wordt de aanvraag verder niet in behandeling genomen.
Artikel 7
1. De beschikking tot subsidieverlening wordt uiterlijk binnen een maand na ontvangst van een volledige aanvraag aan de aanvrager medegedeeld.
2. De in het eerste lid genoemde termijn kan worden verlengd tot ten hoogste drie maanden, in geval de aanvraag aanleiding geeft tot het inwinnen van nadere informatie hetzij bij de aanvrager hetzij bij derden. De aanvrager wordt hiervan in kennis gesteld.
3. De in de beschikking genoemde bedragen zijn gebaseerd op de gegevens die door de aanvrager door middel van het aanvraagformulier, de eventuele aanvulling als bedoeld in artikel 6, tweede lid, en de nadere informatie, bedoeld in het tweede lid, zijn verstrekt.
4. In de beschikking worden de bedragen vermeld waarop de capaciteitsvergoeding, de inkomensvoorziening ondernemer, de inkomensvoorziening werknemer en de pensioenvoorzieningwerknemer ten hoogste kunnen worden vastgesteld.
Paragraaf 4. De aan subsidieverlening verbonden verplichtingen
Artikel 8
1. Na indiening van de aanvraag en tot het moment van ontvangst van de beschikking tot subsidieverlening dient de aanvrager de productieactiviteit voort te zetten.
2. De commissie kan op verzoek van de aanvrager ontheffing van de in het eerste lid bedoelde verplichting verlenen ingeval voortzetting van de productieactiviteit niet mogelijk is als gevolg van faillissement, surseance van betaling of een daarmee gelijk te stellen, van buiten de onderneming komende, oorzaak.
3.
Aan de verlening van de stillegsubsidie zijn voor de aanvrager de volgende verplichtingen verbonden:
a. a. alle productieactiviteiten en in voorkomend geval tevens de verkoopactiviteiten in de bakkerij(-onderdelen) waarop de aanvraag betrekking heeft moeten worden gestaakt binnen maximaal 30 weken vanaf de mededeling van de beschikking tot subsidieverlening, b. b. de productieapparatuur dient binnen twee weken na de stakingsdatum definitief buiten gebruik te worden gesteld door middel van vernietiging of op een andere door de commissie te bepalen wijze, c. c. de aanvrager mag gedurende vijf jaar na de stakingsdatum de productie en in voorkomend geval tevens de verkoop van brood of banket direct noch indirect hervatten, d. d. bij verkoop, verhuur, vestiging van een zakelijk genotsrecht of een andere wijze van terbeschikkingstelling van de grond en gebouwen is de aanvrager verplicht in het verkoop- of verhuurcontract op te nemen dat in het betreffende pand of op de betreffende locatie gedurende vijf jaar na de stakingsdatum geen bedrijf voor de productie of verkoop van brood of banket mag worden gevestigd, e. e. ingeval de aanvrager werknemers in dienst heeft dient de aanvrager binnen een termijn van uiterlijk een maand na stakingsdatum de voor de toekenning van de inkomensvoorzieningen de pensioenvoorziening werknemers vereiste gegevens, aangevuld en mede ondertekend door de werknemer, in te dienen.
4. In afwijking van het bepaalde in het derde lid, onder a, kan de commissie op verzoek van de aanvrager een andere termijn bepalen ingeval naleving van de termijn in redelijkheid niet van de aanvrager kan worden gevergd gelet op de aan de aanvrager gegeven beschikking krachtens de Wet IOAZ .
5. De commissie kan aan de verlening van de subsidie nadere of aanvullende verplichtingen verbinden.
Artikel 9
1. De aanvrager doet zo spoedig mogelijk onder overlegging van de relevante stukken de commissie schriftelijk mededeling van omstandigheden die van invloed kunnen zijn op de beslissing omtrent (de hoogte van) de subsidie.
2. De aanvrager brengt de commissie onmiddellijk op de hoogte indien surseance van betaling wordt aangevraagd of in het geval van dreiging of aangifte van faillissement.
Artikel 10
1. De aanvrager verleent de personen die in opdracht van de commissie handelen op verzoek toegang tot de bedrijfsruimten alsmede inzage in de administratie van zijn bakkerij en verstrekt alle inlichtingen die de commissie noodzakelijk acht om tot een zorgvuldige beoordeling van de aanvraag te komen.
2. De aanvrager verleent de nodige medewerking aan de controle die namens de commissie wordt uitgevoerd op de naleving van de in artikel 8, derde lid, bedoelde verplichtingen.
Paragraaf 5. Subsidievaststelling
Artikel 11
1. Nadat is vastgesteld dat aan de voorwaarden genoemd in artikel 3, eerste lid en de verplichtingen genoemd in artikel 8, eerste lid en derde lid, onder a en b, is voldaan, wordt de capaciteitsvergoedingen in voorkomend geval de inkomensvoorziening ondernemer vastgesteld en aan de aanvrager betaald.
2. Nadat is vastgesteld dat de werknemer voldoet aan de voorwaarden genoemd in artikel 3, tweede en derde lid, worden de bedragen inkomensvoorziening werknemer vastgesteld en rechtstreeks aan de werknemer betaald en wordt de pensioenvoorziening werknemer vastgesteld.
Paragraaf 6. Terugvordering
Artikel 12
In geval van terugvordering van onverschuldigd betaalde subsidiebedragen, wordt de aanvrager aansprakelijk gesteld voor de met de terugvordering verband houdende kosten. Tevens wordt in dat geval overgegaan tot het berekenen van de wettelijke rente.
Paragraaf 7. Slotbepalingen
Artikel 13
Het Besluit GZP subsidieregeling stillegging MKB brood- en banketbakkerijen 2003 wordt ingetrokken.
Artikel 14
Dit besluit treedt in werking met ingang van 6 januari 2004.
Artikel 15
Dit besluit wordt aangehaald als: Besluit GZP subsidieregelingstillegging MKB brood- en banketbakkerijen 2004.
Bijlage I. Samenstelling van het bedrag van de stillegsubsidie en berekeningswijze van de vergoeding en de voorzieningen uit hoofde van Besluit GZP subsidieregeling stillegging MKB brood- en banketbakkerijen 2004
Het bedrag van de stillegsubsidie bestaat uit de volgende vergoeding en voorzieningen:
De wijze van berekening van de vergoeding en de voorzieningen is onderstaand beschreven.
Bijlage II
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
[afbeelding]
Bijlage 1. Toelichting bij de opgave van het personeelsbestand 2004
Onder het jaarinkomen wordt verstaan het bruto loon dat de grondslag vormt voor de berekening van de loonheffing over het referentiejaar (zie onderstaande tabel). Dit loon staat vermeld op de jaaropgave die de werkgever verplicht is te verstrekken aan werknemers.