rijk/pbo/verordening-productie-van-en-handel-in-broedeieren-en-levend-pluimvee-2003/BWBR0014954/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

6.4 KiB

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Verordening productie van en handel in broedeieren en levend pluimvee 2003 BWBR0014954 pbo geldend 2003-11-23 https://wetten.overheid.nl/BWBR0014954 Verordening productie van en handel in broedeieren en levend pluimvee 2003

Verordening productie van en handel in broedeieren en levend pluimvee 2003

Hoofdstuk I. Terminologie

Artikel 1

Deze verordening verstaat onder:

Hoofdstuk II. Bepalingen

Artikel 2

Ondernemers die een pluimveebedrijf uitoefenen dat een inrichting omvat zijn verplicht zich te houden aan de voorschriften, gesteld in de bijlage van deze verordening.

Artikel 3

De ondernemers als bedoeld in artikel 2, lid 2, zijn verplicht:

ervoor zorg te dragen dat de broedeieren:

a. a. voorzien zijn van het broedeierenstempel; b. b. door middel van een stempeling in Latijnse letters van tenminste 2 mm hoogte en 1 mm breedte in onuitwisbare zwarte inkt duidelijk leesbaar van de navolgende vermeldingen zijn voorzien:

      de aanduiding "broedei" of de vertaling in één der talen van de Gemeenschap, zoals genoemd in de Verordening (EEG) 2782/75;
    
    
      de naam van het land van oorsprong, dan wel de daarvoor geldende aanduiding, zoals opgenomen in Verordening (EEG) 1868/77.
  • de aanduiding "broedei" of de vertaling in één der talen van de Gemeenschap, zoals genoemd in de Verordening (EEG) 2782/75;
  • de naam van het land van oorsprong, dan wel de daarvoor geldende aanduiding, zoals opgenomen in Verordening (EEG) 1868/77.

Artikel 4

De ondernemer die één of meerdere broedmachines voorhanden of in voorraad heeft, is verplicht deze te laten registreren bij het productschap en daarbij naar waarheid opgave te verstrekken van alle door het productschap ten aanzien van de betreffende broedmachine(s) verlangde gegevens.

Hoofdstuk III. Uitvoeringsbepalingen

Artikel 5

Het bestuur is bevoegd tot het stellen van nadere regels ter bevordering van de gezondheidstoestand van het Nederlandse pluimvee, waarop deze verordening betrekking heeft.

Artikel 6

1. Binnen de grenzen gesteld door enige wettelijke regeling, is het dagelijks bestuur bevoegd voor bepaalde gevallen of groepen van gevallen van het bij of krachtens deze verordening bepaalde, geheel of gedeeltelijk ontheffing te verlenen, zo mede om aan een dergelijke ontheffing voorschriften te verbinden.

2. Het bestuur is bevoegd ter nadere uitvoering van deze verordening bij uitvoeringsbesluit, bekend te maken in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie, nadere regelen te stellen.

Artikel 7

1. Het toezicht op de naleving van de bij of krachtens deze verordening gestelde voorschriften wordt namens het productschap uitgeoefend door een door het bestuur aangewezen dienst of door het bestuur aangewezen personen.

2.

Ondernemers zijn verplicht:

a. a. aan de door het Bestuur aangewezen dienst of aan de door het Bestuur aangewezen personen al die gegevens te verstrekken of te doen verstrekken, die naar diens/hun oordeel nodig is/zijn voor de vervulling van diens/hun taak; b. b. aan de door het bestuur aangewezen dienst of aan de door het Bestuur aangewezen personen inzage te geven of te doen geven van die boeken en bescheiden, die naar diens/hun oordeel nodig is voor de vervulling van diens/hun taak; c. c. aan de door het bestuur aangewezen dienst of aan de door het Bestuur aangewezen personen te allen tijde toegang te geven of te doen geven tot hun bedrijfsruimten en tot die plaatsen of vervoermiddelen, waar c.q. waarin voorraden, tot het bedrijf van de ondernemer behorende, zijn opgeslagen c.q. worden vervoerd; d. d. te gedogen dat controleurs van de door het bestuur aangewezen dienst of de door het Bestuur aangewezen personen monsters nemen uit de voorraden (waaronder begrepen verpakkingsmateriaal) van het bedrijf van de ondernemer, ongeacht de plaats waar of waarin zich die voorraden bevinden en de ondernemer zal alsdan de van hem gevorderde medewerking verlenen overeenkomstig de aanwijzingen en toezicht van die controleurs of aangewezen personen.

3. De in het eerste lid bedoelde personen zijn bevoegd berechtingsrapporten ten behoeve van tuchtrechtelijke afhandeling op te maken.

Artikel 8

1. De door het productschap uit hoofde van deze verordening verkregen gegevens omtrent ondernemingen worden in handen gesteld van de voorzitter van het productschap; zij worden, behoudens aan personeelsleden van het secretariaat van het productschap, alsmede ten behoeve van de handhaving van het bepaalde in deze verordening, niet verder bekendgemaakt.

2. De door de voorzitter aangewezen dienst of personen dien(t)(en), ter bescherming van de privacy van de ondernemer, vertrouwelijk en op verantwoorde wijze om te gaan met de uit hoofde van het toezicht verkregen gegevens.

Hoofdstuk IV. Straf bepalingen

Artikel 9

1. Op overtreding van het bepaalde bij of krachtens deze verordening worden tuchtrechtelijke maatregelen gesteld.

2.

De tuchtrechtelijke maatregelen zijn

a. a. een berisping, welke bestaat uit een schriftelijk of mondeling vermaan tot de ondernemer, in verband met het begane feit, b. b. een geldboete van ten hoogste € 4.500,--, welke geheel of gedeeltelijk voorwaardelijk kan worden opgelegd; c. c. openbaarmaking van de tuchtbeschikking op kosten van de veroordeelde.

Hoofdstuk V. Slotbepalingen

Artikel 10

Het bepaalde in of krachtens deze verordening geldt zowel voor de in het eerste als in het tweede lid van artikel 102 van de Wet op de Bedrijfsorganisatie bedoelde personen.

Artikel 11

1. Deze verordening kan worden aangehaald als Verordening productie van en handel in broedeieren en levend pluimvee 2003.

2. Deze verordening treedt in werking met ingang van 1 juli 2003. Indien het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie waarin deze verordening wordt geplaatst, wordt uitgegeven na 1 juli 2003, treedt zij in werking op de tweede dag na publicatie in het Verordeningenblad Bedrijfsorganisatie en werkt zij, met uitzondering van artikel 13, terug tot en met 1 juli 2003.

Artikel 12

1. De Verordening produktie van en handel in broedeieren en levend pluimvee 1992 wordt ingetrokken.

2. Verwijzingen naar de krachtens het eerste lid ingetrokken verordening moeten worden gelezen als verwijzingen naar de onderhavige verordening.

Bijlage . Voorschriften voor de inrichtingen