rijk/pbo/zuivelverordening-1990-gebruik-caseïne-en-caseïnaten-in-kaas/BWBR0004884/README.md
Coornhert feee871c31 feat: volledige Nederlandse rijksregelgeving als Markdown
40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter.
Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice.

Verdeling per type:
- 21.167 ministeriële regelingen
-  4.605 ZBO-regelingen
-  3.678 verdragen
-  3.631 AMvB's
-  3.179 wetten
-  2.564 PBO-regelingen
-    883 KB's
-    591 circulaires
-    150 beleidsregels
-    118 rijkswetten

0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
2026-03-30 06:27:40 +02:00

2.8 KiB

titel bwb_id type status datum_inwerkingtreding bron citeertitel
Zuivelverordening 1990, Gebruik caseïne en caseïnaten in kaas BWBR0004884 pbo geldend 1991-01-04 https://wetten.overheid.nl/BWBR0004884 Zuivelverordening 1990, Gebruik caseïne en caseïnaten in kaas

Zuivelverordening 1990, Gebruik caseïne en caseïnaten in kaas

Paragraaf . Definities

Artikel 1

In deze verordening wordt gebezigd de terminologie van de Zuivelverordening 1958, Terminologie, met dien verstande dat in deze verordening wordt verstaan onder:

Paragraaf . Verbodsbepaling

Artikel 1a

1. Kaas mag niet worden bereid met caseïne en caseïnaten.

2. Het verbod in lid 1 is niet van toepassing indien een toestemming is verleend als bedoeld in artikel 2, lid 1.

Paragraaf . Toestemmingen

Artikel 2

1. Met inachtneming van het gestelde bij of krachtens Verordening (EEG) nr. 2204/90 van de Raad, tot vaststelling van aanvullende algemene voorschriften van de gemeenschappelijke ordening der markten in de sector melk en zuivelprodukten ten aanzien van kaas (Pb. EG. 31 juli 1990, nr. L 201) verleent de voorzitter op verzoek van belanghebbenden toestemming voor het gebruik van caseïne en caseïnaten bij de bereiding van kaas.

2. Een toestemming als bedoeld in lid 1 wordt slechts verleend voor een periode van twaalf maanden op voorwaarde dat de belanghebbende zich vooraf schriftelijk verbindt de in artikel 3, lid 1, punten a) en b) van Verordening (EEG) nr. 2204/90, bedoelde verplichtingen in acht te nemen en zich aan de in artikel 3, lid 1, punt c) van genoemde verordening bedoelde controles te onderwerpen.

3. De voorzitter is bevoegd met inachtneming van het gestelde bij of krachtens Verordening (EEG) nr. 2204/90 aan een toestemming als bedoeld in lid 1 voorwaarden en beperkingen te verbinden.

4. Degene aan wie een toestemming als bedoeld in lid 1 is verleend is verplicht de daaraan verbonden voorwaarden, alsmede de bepalingen van de in lid 2 bedoelde verbintenis na te komen.

5. De toestemming bedoeld in lid 1 kan door de voorzitter worden ingetrokken, indien een aan de toestemming als bedoeld in lid 1 verbonden voorwaarde niet wordt nagekomen.

Paragraaf . Verschuldigde bedragen

Artikel 3

Degene die zonder toestemming, danwel in strijd met een verleende toestemming caseïne of caseïnaten gebruikt voor de bereiding van kaas, is voor de betrokken hoeveelheden caseïne en caseïnaten aan het produktschap een bedrag verschuldigd. Het bedrag is gelijk aan het bedrag dat de Europese Commissie bij Verordening (EEG) nr. 2742/90, tot vaststelling van de uitvoeringsbepalingen van Verordening (EEG) nr. 2204/90 van de Raad (PbEG L264) heeft vastgesteld.

Paragraaf . Sanctie

Artikel 4

Overtredingen van het bepaalde in artikel 1a en artikel 2, lid 4, zijn strafbare feiten.