40.566 regelingen geparsed van BWB XML naar Markdown + YAML frontmatter. Bron: repository.officiele-overheidspublicaties.nl via SRU zoekservice. Verdeling per type: - 21.167 ministeriële regelingen - 4.605 ZBO-regelingen - 3.678 verdragen - 3.631 AMvB's - 3.179 wetten - 2.564 PBO-regelingen - 883 KB's - 591 circulaires - 150 beleidsregels - 118 rijkswetten 0 parse failures. 110.531 SRU records verwerkt.
5.6 KiB
| titel | bwb_id | type | status | datum_inwerkingtreding | bron | citeertitel |
|---|---|---|---|---|---|---|
| Verdrag tussen de Nederlandse en Duitse Regering nopens krediet en steenkolen | BWBV0006479 | verdrag | geldend | 1920-12-28 | https://wetten.overheid.nl/BWBV0006479 | Verdrag tussen de Nederlandse en Duitse Regering nopens krediet en steenkolen |
Verdrag tussen de Nederlandse en Duitse Regering nopens krediet en steenkolen
Artikel 1
Ter beslechting van alle uit dit verdrag voortspruitende geschillen wordt een permanent scheidsgerecht ingesteld, hetwelk zijn zetel heeft in den Haag en aldaar bij voorkomende gevallen bijeenkomt. Het scheidsgerecht kan ook een andere plaats voor zijn bijeenkomst aanwijzen.
Het scheidsgerecht bestaat uit vijf scheidsrechters. Binnen vier weken te rekenen vanaf den dag waarop dit verdrag van kracht wordt, benoemt iedere partij twee scheidsrechters, die zich tot de aanvaarding van dit ambt bereid verklaard hebben.
Iedere partij geeft binnen dezen termijn de tegenpartij kennis van de naam, positie en woonplaats van de door haar benoemde scheidsrechters.
Deze door partijen benoemde scheidsrechters kiezen binnen een verderen termijn van vier weken den vijfden scheidsrechter, die tevens voorzitter zal zijn.
Indien over de keuze van den voorzitter tusschen partijen geen overeenstemming wordt bereikt, verzoeken partijen den President van het Hoogste Noorsche Rechtscollege een Noorsch rechtsgeleerde als voorzitter van het scheidsgerecht te benoemen.
Indien een der scheidsrechters door den dood uitvalt of wel door ziekte of dergelijke redenen verhinderd is, wordt op overeenkomstige wijze een nieuwe scheidsrechter benoemd.
Artikel 2
Aan het Scheidsgerecht worden twee secretarissen toegevoegd, van welke iedere partij er een benoemt.
Het in artikel 1, laatste alinea, bepaalde geldt ook ten aanzien van de secretarissen.
Het scheidsgerecht kan een of meer beambten benoemen die tot medewerking bij de uitvoering van zijn taak noodig zijn.
Artikel 3
Iedere partij, die een uit dit verdrag voortspruitend geschil ter beslissing aan het scheidsgerecht wil voordragen, dient door bemiddeling van het Ministerie van Buitenlandsche Zaken in Den Haag en het Ministerie van Buitenlandsche Zaken in Berlijn een bezwaarschrift in, bij het scheidsgerecht, onder bijvoeging van al die bewijsstukken waarvan zij zich in de procedure bedienen wil.
Tegelijkertijd doet zij de tegenpartij afschrift van het bezwaarschrift, alsmede van de bewijsstukken toekomen.
Binnen vier weken na ontvangst dezer afschriften dient de tegenpartij door bemiddeling van het Ministerie van Buitenlandsche Zaken in den Haag en het Ministerie van Buitenlandsche Zaken in Berlijn bij het scheidsgerecht haar verweer in onder bijvoeging van al die bewijsstukken, waarvan zij zich in de procedure bedienen wil.
Tegelijkertijd doet zij aan de tegenpartij afschrift van het verweer en van de bewijsstukken toekomen.
Artikel 4
Binnen vier weken na de inzending van het verweer kan iedere partij het scheidsgerecht verzoeken een datum voor de mondelinge beraadslaging vast te stellen.
Het scheidsgerecht kan ook zonder verzoek van een partij den datum voor de mondelinge beraadslaging vaststellen.
Artikel 5
Partijen moeten het scheidsgerecht alle gewenschte ophelderingen betreffende de geschilpunten verstrekken.
Artikel 6
Het scheidsgerecht stelt de punten van geschil en de voor de beoordeeling daarvan in aanmerking komende omstandigheden vast.
Het scheidsgerecht moet iedere partij gelegenheid geven zich over de wijze waarop de andere partij de zaak heeft voorgebracht, alsmede over de wijze, waarop bovenbedoelde punten en omstandigheden zijn vastgesteld te uiten.
Artikel 7
De partijen zijn bevoegd zich in de procedure van juridischen of deskundigen bijstand te bedienen.
Artikel 8
Het scheidsgerecht kan slechts met toestemming van beide partijen tot het verzetten van den zittingsdag en de verlenging van een termijn besluiten. Om bijzondere redenen kan van deze toestemming worden afgezien.
Artikel 9
Het scheidsgerecht stelt alle verdere voorschriften vast nopens de procedure, in het bijzonder omtrent de taal waarin de beraadslagingen gevoerd zullen worden.
Artikel 10
De einduitspraak volgt bij scheidsrechterlijk vonnis, waardoor partijen gebonden zijn. Dit vonnis wordt beide partijen schriftelijk medegedeeld.
Het vonnis houdt in:
- de vermelding der partijen,
- de namen der scheidsrechters, die aan de uitspraak hebben medegewerkt,
- een uiteenzetting van het geschil, de beslissing daarover benevens de motiveering van de beslissing, alsmede de uitspraak omtrent de betaling der kosten.
Het vonnis moet onder vermelding van den dag, waarop het is vastgesteld door de scheidsrechters en minstens één der secretarissen geteekend worden.
Indien de minderheid der scheidsrechters de onderteekening weigert, moet dit in het vonnis worden vermeld.
Het vonnis behoudt niettemin bindende kracht.
Artikel 11
De verliezende partij moet de kosten van de procedure dragen, voor zoover althans die kosten door het scheidsgerecht niet over partijen worden verdeeld; intusschen draagt iedere partij de voor haar ontstane buitengerechtelijke kosten. Als kosten van de procedure komen in aanmerking:
reiskosten en presentiegelden der scheidsrechters en secretarissen — voor de reisdagen — de honoraria der scheidsrechters en secretarissen, de door het scheidsgerecht vast te stellen honoraria der getuigen en deskundigen, de algemeene kosten van de procedure.
Artikel 12
De uitgaven van het scheidsgerecht zullen, voor zoover ze niet onder de kosten van de procedure overeenkomstig het bepaalde in artikel 11 gerekend kunnen worden, door ieder der verdrag sluitende partijen, voor de helft gedragen worden.